Header Puberperikelen NW Beeld Redactie
Beeld Redactie

PREMIUM

Mijn inbreng wordt niet meer gewaardeerd door mijn puberdochter. En dat is wennen

De puberdochter van Mascha begint aardig te transformeren. Dat zorgt voor confronterende en lachwekkende situaties aan de eettafel.

Onze dochter – sinds drie maanden een brugpieper en vol in de hormonen – ondergaat een mega transformatie. Qua karakter, lijf, sociale kringetje; in alle opzichten eigenlijk. Zij lijkt er wel bij te varen, ík vind het nogal lastig.

Want degene die het het meest moet ontgelden hier thuis als zij het op haar heupen krijgt, ben ik. Ik moet me vooral niet te veel met haar bezig houden, laat staan met de enorme bende op haar kamer (denk: niks in een kast, álles op de vloer, het bed en bureau), haar kledingkeuze, haar nogal beperkte hygiëne (‘Zou je niet eens gaan douchen na het sporten?’) en de totale afwezigheid van interesse voor school. Jongens en nieuwe vriendinnen zijn honderd keer interessanter dan dit soort futiliteiten.

Niet meer nodig

Mijn inbreng wordt dus niet meer gewaardeerd. En dat is wennen, want tot een paar maanden geleden belde ze me nog zo’n twintig keer per dag voor hulp of advies, volstrekt overbodige vragen en geld. Weten ook mijn collega’s, die me op een gegeven moment grappend, maar met een ietwat serieuze ondertoon, zeiden: “Ik zou haar 1 euro per telefoontje gaan vragen, dan stopt ze wel met bellen.” Goede tip, maar aan de late kant, want luttele weken later heeft ze me nauwelijks meer nodig en dat maakt ze zowel non-verbaal (denk: rollende ogen of simpelweg niet opkijken van haar telefoon als ik wat zeg) als verbaal duidelijk.

‘Wie vroeg?’

Zo zaten we laatst aan tafel, onze kinderen hadden het ergens over en ik praatte leuk mee, dacht ik. Zegt mijn dochter: “Wie vroeg?” Ik keek haar niet-begrijpend aan. “Wat bedoel je met wie vroeg?” Toen ik door haar hondsbrutale blik iets van schaamte zag doorschemeren, begreep ik ineens wat ze zojuist had gezegd. Ze bedoelde gewoon, tegen haar moeder (!!): ‘Heb ik jou om je mening gevraagd?’

Ik was totaal flabbergasted, net als onze zoon – die zich sowieso mateloos ergert aan het extreme pubergedrag zijn kleine zusje – maar moest er eigenlijk heel hard om lachen. Al zei ik wel tegen haar dat ik haar vriendin niet was, maar haar móéder en dat ze dit niet nóg eens tegen me moest zeggen. Toen ik die avond haar kamer binnenkwam om te checken of nog steeds op haar telefoon haar socials lag te checken en of ze haar beugel wel in had gedaan, zei ze dat ik die middag niet op haar appje had mogen reageren met ‘OK’.

Keihard uitgelachen

“Je mag me niet okken.” Dat had ik inderdaad al eens eerder van haar gehoord, pubers van nu interpreteren OK kennelijk als een bozige, kortaffe, geïrriteerde reactie. Al kleding van de grond oprapend dacht ik: nu krijg je ’m terug meisje, jij gaat mij niet vertellen hoe ik moet reageren op jouw appjes en zei zelfvoldaan: “Vroeg jij?”
Ze keek me niet-begrijpend aan en prompt werd ik keihard uitgelachen. “Whahahaha, het is ‘Wie vroeg?’, niet ‘Vroeg jij?’!!!”

Plank totaal misgeslagen en lesje geleerd: áls je dan al mee wilt doen met je kind, doe het dan goed. Of veel beter: doe het gewoon niet. Je bent haar moeder, niet haar vriendin. OK?

Mascha StekelenburgRedactie

Op alle verhalen van Margriet rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@margriet.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden