Saskia verloor haar zoon: ‘Zijn dood was zo abrupt en onwerkelijk’

Deel dit artikel:

Pinterest

Een telefoontje veranderde een zaterdagmiddag in een nachtmerrie voor Saskia van den Heuvel (48). Er was iets gebeurd op het voetbalveld. “Waarom bewoog Tijmen niet en maakte hij geen geluid?”

“Tijmen was een lief, aanhankelijk ventje. Sociaal ook, en heel geliefd. Op z’n dertiende was ‘ie al 1.81 meter. Hij begon te veranderen, kreeg net een snorretje. En hij durfde z’n eigen gang te gaan, hoefde niet per se in de pas te lopen. Als schooltas had hij zo’n grote Ikea-tas. Daar werd ‘ie om uitgelachen, maar omdat Tijmen zo stoer was, vonden mensen het ook wel cool. Hij deed aan tennis en voetbal, en was altijd positief.

Veel knuffelen

Als z’n team met drie-nul achterstond, riep hij: ‘Maar het gaat best goed!’ Hij had zo’n heerlijke gniffel. Ik hoefde ’m maar aan te kijken om te weten wat hij dacht. Hij zat nog in die fijne fase dat hij fan was van z’n mama. Als een eendje waggelde hij achter me aan en we knuffelden ook veel. Hij hing altijd in me. Dan nam hij een aanloop en sprong in m’n armen. Bijna viel ik dan achterover, met die lange lummel om me heen.

Enorme leegte

We trokken veel met elkaar op. Samen de hond uitlaten of boodschappen doen. Yur, zijn vijf jaar oudere broer, ging bijna op kamers en leidde al meer zijn eigen leven. Na Tijmens dood was ik in één klap moeder van nog maar één volwassen zoon. Mijn zorgtaak viel weg en dat zorgde voor een enorme leegte. In de supermarkt overviel me het gemis. Tijmen was een kieskeurige eter, er waren specifieke dingen waar hij dol op was. Kleine snoepzakjes, yoghurt met jam, Vifit-drink. Ineens hoefde ik dat niet meer te kopen.

Realiteit

De wasmand die leger bleef, ik hoefde geen kapperafspraken meer voor hem te maken, er was geen kleding meer waar hij uitgroeide. En onze ritueeltjes vielen weg. Als zzp’er plande ik mijn werktijden om hem heen. Op het moment dat ik van mijn werk terugkwam, belde ik altijd even vanuit de auto. ‘Ik ben er bijna!’ liet ik dan weten, zodat we samen onze teckel konden uitlaten. Die reflex heb ik nog heel lang gehad. De realiteit dat dat ‘even bellen’ niet meer kon, kwam dan keihard binnen.

Lees ook
Nog nooit verteld: ‘Niemand weet waarom mijn man en ik gescheiden zijn’

Bewusteloos

Zoals elk weekend ging Tijmen die zaterdag voetballen. Ik zou de tweede helft komen kijken. Dion, Tijmens vader en mijn ex-man, ging vlaggen bij de wedstrijd. Ik was al lopend onderweg naar het voetbalveld toen Dion belde: ‘Tijmen ligt bewusteloos op het voetbalveld en we krijgen hem niet meer bij bewustzijn.’ Ik schrok en vroeg meteen: ‘Maar hij ademt toch nog wel?’ Dion zei dat hij dat niet wist. Toen raakte ik in paniek. Ik rende terug naar huis om de auto te pakken.

Doodstil

Yur was toevallig thuis en ging mee naar het voetbalveld. We kwamen aan en vanaf toen raakte alles in een stroomversnelling. Ik zag Tijmen roerloos op de grond in de goal liggen terwijl hij mond-op-mondbeademing kreeg. Toevallig was er een verpleegkundige aanwezig en iemand van de EHBO. Meteen liep ik naar Tijmen toe. Ik ging bij hem zitten, en op dat moment kwam er een soort rust over me. Ik praatte tegen hem: ‘Mama is hier. Alles komt goed.’ Hij had nog een hartslag, dat stelde me gerust. Maar het baarde me zorgen dat hij niet zelfstandig kon ademen. Tijmen bewoog niet en maakte geen enkel geluid. Hij was doodstil.

Hersenscan

Met de ambulance werd hij naar het ziekenhuis gebracht. Ik zat voorin. Bij aankomst werden Tijmens kleren en voetbalschoenen opengeknipt. ‘Hij heeft een heel sterke hartslag’, hoorde ik iemand zeggen. Daar putte ik hoop uit. Maar hij gaf nog steeds geen enkele reactie. Tijmen kreeg een hersenscan. Toen de neuroloog later naar ons toekwam, zag ik aan zijn gepijnigde, wit weggetrokken gezicht dat het echt mis was. ‘Dit is heel zorgelijk’, zei hij. Tijmen had veel bloed rond zijn hersenen. Er zou een drain worden aangelegd om de druk op zijn hersenen te verminderen.

Aan de beademing

Ik hoorde de woorden, maar ook weer niet. Vanbinnen ontkende ik de situatie. Ik kon het niet bevatten. Binnen een tijdsbestek van twee uur lag mijn kind aan de beademing en hoorde ik dat de kans groot was dat hij het niet zou halen. Heel lang koesterde ik toch nog hoop. Wie weet zou die drain wonderen verrichten. Maar ook met de drain was de druk nog torenhoog in Tijmens hoofd. De chirurg kwam naar ons toe en bracht het zonder poespas: ‘De schade in zijn hoofd is te groot, uw zoon komt te overlijden.’

Afscheid

Meteen daarna kwam de vraag of we openstonden voor orgaandonatie. Tijmen was zo vrijgevig en sociaal, het paste bij hem om iets weg te geven wat hij zelf niet meer nodig had. ‘Als ik daarmee mensen blij kan maken, natuurlijk!’, zou hij hebben gezegd. Tijmen lag op dat moment blozend en ongeschonden in het ziekenhuisbed, wachtend op de operaties. Ik liet hem warm en met een kloppend hart achter, wetende dat hij overleden zou zijn als ik hem weer zou zien. Er komt geen goed moment om afscheid te nemen. Hoe kun je als moeder je kind achterlaten om te sterven? Op een gegeven moment zijn Dion, Yur en ik gewoon gegaan, na honderd keer gezegd te hebben hoeveel we van hem houden. Hij lag er vredig bij, dat gaf troost.

Uitvaart

De uitvaart was prachtig. Er was een herdenking op Tijmens voetbalclub, waar wel vijfhonderd mensen naartoe kwamen. Ik voelde me echt gedragen. De dag erop was zijn besloten uitvaart. Op de route naar het crematorium stonden allemaal mensen langs de weg, voor Tijmen. Onderweg kwamen we langs zijn voetbalclub, waar mensen drie rijen dik stonden.

Tuinfeest

Tijmen had het vast ‘heel cool’ gevonden. Later die dag hebben we in een weiland, onder drie oude platanen met talloze Perzische tapijten, een soort tuinfeest gehouden. Zijn voetbalteam was er, net als zijn school en tennisclub. En er was een snackkar, omdat Tijmen zo van patat hield. Er was muziek en er werd gevoetbald. Ik heb oprecht van die dag genoten.

Pure pech

Tijmen heeft pure pech gehad. Hij stond die dag heel even als keeper in de goal. De vaten in zijn nek zijn gescheurd toen hij een verkeerde draai maakte naar de bal en vervolgens in botsing kwam met een tegenspeler. Niemand heeft het precies zien gebeuren, ook Dion niet. De artsen hadden zoiets nog nooit meegemaakt. Tijmen had geen zwakke vaten, hij was kerngezond. Maar hij werd geraakt op een plek waar de vaten het nauwst zijn en dat beknelde het ademgebied. Zijn bewustzijn was meteen weg, hij heeft er niets van gemerkt.

Écht dood

Zijn dood was zo abrupt en daardoor onwerkelijk. Soms schrik ik er nog steeds van: hij is écht dood. Dan ben ik op zijn kamer en denk: hij is niet even bij Dion, hij komt serieus nooit meer terug. Zijn dood is zo’n dom ongeluk, daarom kwel ik mezelf ook niet met de vraag wie of wat er schuldig aan is. Ik denk niet in dader en slachtoffer. Dit is ons overkomen, niet aangedaan. Het voetballertje met wie Tijmen in botsing kwam hebben we op het hart gedrukt dat hij er niets aan kon doen en vooral moet blijven voetballen en genieten. Onze zoon is dood, maar dat betekent niet dat zijn leven ook voorbij moet zijn.

Artikelen van Margriet ontvangen in je mailbox?
Schrijf je in op 
margriet.nl/nieuwsbrief.

Zes levens gered

Zes levens heeft Tijmen door orgaandonatie gered. Hij had zo’n prachtig hart, dat wilden we graag schenken. We hebben een bedankbrief gekregen van de ontvanger. Een man van in de zestig die dolgelukkig is dat hij zijn kleinkinderen kan zien opgroeien. Hij beloofde goed voor het hart te zorgen en voor ons is het een fijn idee dat er op deze manier een stukje van Tijmen voortleeft.

Media-aandacht

Er kwam behoorlijk wat media-aandacht, waarschijnlijk omdat zijn doodsoorzaak zo bizar was. Dat vond ik niet erg, omdat de aandacht klopte met de mate van verdriet die ik had. Ik voelde me erdoor gezien en gehoord. Als je je kind verliest, wil je dat de hele wereld dat weet en met je meehuilt. De collectieve golf van ontzetting en verdriet deed me goed.

Andere keuzes

Tijmens dood slaat een permanent gat in mijn hart en in mijn leven. En in mijn toekomst: ik zal nooit oma worden van zijn kinderen. Mijn leven is nu al anders. Ik maak andere keuzes. Ik reis veel, heb een cursus salsadansen gedaan en ik ga een yoga-opleiding volgen om mijn lijf sterk te houden. Ik maak makkelijker keuzes en volg mijn hart. Kan nog duidelijker ja of nee zeggen.

Keihard huilen

Hoewel ik intens verdrietig ben, voel ik me sterker. Ik moet leren hoe ik dat gat in mijn hart ga koesteren, want verdwijnen zal het nooit. Het verdriet kondigt zich niet aan, maar overvalt me. En dan laat ik het ook toe. Bijvoorbeeld als ik een kind zie fietsen dat erg op Tijmen lijkt. Of laatst. Toen moest ik tijdens het stofzuigen ineens keihard huilen, het kwam echt vanuit mijn tenen.

Lastige momenten

Er zijn veel lastige momenten. Als ik me voor mijn werk als bedrijfscoach moet voorstellen aan nieuwe mensen, zeg ik dat ik moeder ben van twee zoons. Zo voelt dat nog steeds. Maar dan moeten mensen niet te veel doorvragen, want dan ben ik bang dat het gesprek een andere, op dat moment niet wenselijke wending gaat krijgen. Met zulke situaties worstel ik.

Warm vangnet

Gelukkig heb ik een warm vangnet met veel lieve vrienden en familie. Er werd die eerste periode voor me gekookt en gezorgd. En nog steeds zijn ze er als ik ze nodig heb. Maar mijn verdriet wordt wel eenzamer. Tijmen overleed vorig jaar september. Mensen pakken de draad weer op, voor hen is de ergste shock eraf. Dat is logisch en neem ik ze ook niet kwalijk. Ik vind het ook fijn als vrienden mij hun sores vertellen, net als vroeger. Zie me vooral nog als Saskia, al word ik nooit meer wie ik was.

Grauwe sluier

Drie weken na Tijmens dood ben ik weer gaan werken. Heel voorzichtig en op een laag pitje. Ik was heel moe, echt bekaf. Alles moest ik heel langzaam doen. Dat is nog steeds een beetje zo: de wereld draait net iets sneller dan ik beweeg. Ik focus me op dingen die goed gaan in mijn leven. Nog steeds kan ik de humor van dingen inzien. Dat verbaasde me in het begin, dat ik nog kan lachen. Daar ben ik zo blij om. Ik was bang dat er voorgoed een grauwe sluier over mijn leven zou hangen.

Milder geworden

Ik geniet van lieve mensen om me heen, een biertje op een terras, een fijn gesprek, wandelen met de hond, vrolijkheid. En van Yur, m’n andere zoon van wie ik nog meer inzie hoe kostbaar hij is. Maar rouwen is een grillig proces. Soms denk ik dat ik het ergste heb gehad, en zit ik daarna weer in de put. Dan heb ik maar één ding nodig: dat iemand naast me zit en simpelweg luistert. Maar ik durf met die golfbewegingen mee te gaan. Ik ben geduldiger en milder geworden. En liever voor mezelf. Het is oké als ik afspraken afzeg omdat ik het niet trek in plaats van altijd maar doorgaan.

Een teken van Tijmen

Tijmen is nog steeds bij me, dat voel ik. Hij verzamelde stenen in de vorm van een hart. En altijd als ik denk dat hij écht weg is, vind ik zo’n steen. We hebben het Tijmen Fonds opgericht, waarmee activiteiten worden gefinancierd op zijn oude voetbalclub. Het jeugdhonk daar is omgedoopt tot ‘Tijmens cave’ en onlangs vond het eerste Tijmentoernooi plaats, een internationaal voetbaltoernooi voor teams onder de vijftien jaar. Die aandacht vind ik prettig, het houdt Tijmen levend. Nog altijd ben ik zo trots op mijn fantastische mannetje. En op zijn mooie hart dat verder klopt.”

Tekst | Anne Broekman
Fotografie | Mariël Kolmschot, eigen beeld

Dit artikel verscheen eerder in Margriet 2019-38.
Je kunt deze editie nabestellen via magazine.nl.

Artikelen van Margriet ontvangen in je mailbox?
Schrijf je in op margriet.nl/nieuwsbrief.