Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Persoonlijk

Robert ten Brink: ‘Veel mensen zien hun geluk niet’

robert-ten-brink-margriet.jpg

Robert ten Brink werd dit najaar 65. Een mijlpaal. Met kerst en dus All you need is love in het vooruitzicht, spreken we de presentator over liefde, geluk, werk en ouder worden. Allemaal aan de hand van songteksten van The Beatles.

Hij herkent ze allemaal, al bij de eerste tonen. “De meeste speelde ik met mijn middelbareschoolbandje”, zegt Robert. “Zelf speelde ik elektrische piano. Ik ben er niet mee doorgegaan, omdat ik mezelf niet goed genoeg vond.”

When I’m sixty four

Every summer we can rent a cottage
In the Isle of Wight, if it’s not too dear
We shall scrimp and save
Grandchildren on your knee

“Kleinkinderen op mijn knie, dat is mijn leven nu. Voor het zover was, kon ik me helemaal niet voorstellen hoe dat was, net zoals toen ik vader werd. Elke keer weer ontstaat er een onvoorwaardelijke liefde, dat heeft de natuur mooi geregeld. Ik had al vijf dochters en nu vijf kleinkinderen; de eerste is tien, de jongste, Julia, een paar maanden. Er komen er vast meer. Ik verheug me erop.”

Ben je een actieve opa?

“Gisteren heb ik Julia nog de fles gegeven, ik heb genoeg oefenmateriaal gehad. Als grootouder doe ik vaker iets leuks met een kleinkind dan ik als vader deed met mijn kinderen, dan ben je toch met het gezin. Ik ga met de oudsten vaak naar het museum, dat vinden ze leuk. En dan neem ik te veel foto’s.”

Zie je ertegen op om 65 te worden?

“Welnee, ik zie het allemaal wel. Ik vind het wel eng dat de tijd steeds sneller lijkt te gaan. Soms schiet het door mijn hoofd: over twintig jaar ben ik 85. Ik weet nog zo goed wat ik deed toen ik 45 was en dat is voor mijn gevoel pasgeleden.”

Wordt het leven er met de jaren leuker op?

“Het wordt relaxter. En ik tel mijn zegeningen. Ik mag nog steeds, en met redelijk succes, werk doen dat ik leuk vind. Daarnaast is het een rijk leven met veel gezelligheid en een hechte familie. In deze coronatijd konden we elkaar twee maanden niet zien; we aten gezamenlijk via Zoom. Maar we zijn allemaal erg voorzichtig geweest en nu komen we weer geregeld bij elkaar, zoals afgelopen zomer op Vlieland. Dat was ontzettend fijn. Die gezichten van mijn kleinkinderen toen ze voor het eerst sinds maanden weer toestemming kregen om te knuffelen!”

Wat heb je over jezelf geleerd in deze tijd?

“Dat ik heel gedisciplineerd kan zijn. Ik ging niet bij de pakken neerzitten omdat ik mijn dierbaren niet kon zien, het was nu eenmaal zo. Maar afschuwelijk was het natuurlijk wel.”

Let it be

When I find myself in times of trouble, Mother Mary comes to me
Speaking words of wisdom, let it be

“Mijn moeder was nooit mijn steun en toeverlaat, ze was behoorlijk afhankelijk. Ik had echte jarenvijftigouders, afkomstig uit keurige, burgerlijke Amsterdamse families. Na mijn geboorte stopte mijn moeder met werken. Mijn vader zat in de verzekeringen. Ze hadden een kleine woning op de Overtoom, ’s avonds werd de bank uitgeklapt en ik sliep ernaast in een wiegje. Ik leerde lopen in het Vondelpark. Later zijn we verhuisd naar Slotervaart.”

Wat was de mores thuis?

“Verricht je taak en laat je niet gek maken! Ze hebben erop toegezien dat ik keurig ABN sprak, dat deed mijn vader ook. Maar als hij boos was, schold hij in plat Amsterdams.”

En de sfeer thuis?

“Het was allemaal heel blij. In 1963 kwam er een auto, niet veel later een tv. Daarna een ijskast. Ik herinner me dat mijn moeder bij de groenteboer een paprika had gekocht. Volgens een recept uit Margriet werd die bereid en waarschijnlijk heb ik dat met lange tanden opgegeten. In die tijd moet ik hebben gedacht: er moet meer zijn in het leven. Ik vond dat in het theater.”

Waarom trok dat podium? Kwam je thuis aandacht tekort?

“Helemaal niet, maar dat zit in iemand. Twee van mijn kleinkinderen hebben dat ook, dat zijn clowns. Ik moest dat van mezelf. Mijn vader hoopte natuurlijk dat ik ook in de verzekeringen zou gaan, maar hij snapte al snel dat het er niet in zat. En profvoetballer zou ik ook niet worden. Hij begon op mijn derde een bal naar me te trappen, maar zag meteen dat ik totaal geen talent had.”

I saw her standing there

And the way she looked
Was way beyond compare
So how could I dance with another
Ooh, when I saw her standing there?

Wat ging er door je heen toen je Roos voor het eerst zag?

“Ik kende haar al, want ze had een relatie met een vriend van de Kleinkunst Academie. Toen dat uit was, kwam ik haar op een feestje tegen en ze bleek heel anders dan ik dacht. Drie dagen later woonden we samen.”

Wat was de klik?

“Zij is heel snel en intelligent; dat is het allerbelangrijkst voor mij. Ik kan niet tegen traagheid. Ze had ook humor en iets ondeugends, dus niet alleen leuk en mooi. We herkenden iets in elkaar, we pasten bij elkaar. Onbewust voelde ik dat ze een energie had om mij vooruit te helpen. Van nature ben ik snel bedrukt, dat komt meestal door onzinnigheden. Motregen, een leeg pak melk; nu kan ik geen cappuccino maken. Zij wijst me dan terecht en gaat altijd door.”

Is ze belangrijk geweest voor je carrière?

“Ontzettend. We zaten in haar woninkje bij het Leidseplein toen ik werd gebeld met de vraag om auditie te doen voor Cijfers en letters bij de KRO. Ik zei: ‘Niets voor mij.’ Roos zei: ‘Ben je helemaal gek. Jij gaat dat doen!’ Zo is het begonnen.”

Jij wilde bij de tv, zij een groot gezin.

“Ze was enig kind en haar grote wens was veel kinderen hebben. Ze is als een spin in het web. Dit jaar zijn we alweer veertig jaar samen.”

Wat is het geheim van een goed huwelijk?

“Het lijkt erop alsof het bij ons altijd koek en ei is; onzin natuurlijk. Het is hard werken, buffelen. En maar zorgen dat de kinderen gelukkig worden en dat ze het blijven. Ze opvangen als er tegenslagen zijn en nieuwe input geven. Dat kost veel energie, maar dat is onze levensopgave. Ik heb alles voor mijn kinderen over, echt alles. Als ik morgen moet kiezen tussen hen en mijn carrière is het simpel. Roos en ik hebben samen veel bijzondere en dierbare dingen meegemaakt, waardoor we als stel behoorlijk symbiotisch zijn geworden. En we werken samen; zij is een drijvende kracht achter All you need is love en bedenkt daarvoor van alles. Dat is fijn. Het is ook heel belangrijk dat je elkaar aantrekkelijk blijft vinden. Roos is streng en keihard. Zegt: ‘Sorry, maar met dat buikje kun je niet op tv.’”

All you need is love

There’s nothing you can do that can’t be done
Nothing you can sing that can’t be sung
Nothing you can say, but you can learn how to play the game…

Dit is wie jij al bijna dertig jaar bent en hoe je zult worden herinnerd.

“Het is mijn winkel. En het is fantastisch dat mensen nog altijd kijken. Al mogen ze nu weleens ophouden met me aan te kondigen als ‘Dr. Love’.”

Wist je meteen toen je begon: deze jas past mij het best en houd ik altijd aan?

“Dat weet je nooit. Maar doordat het een familieprogramma is geworden, blijft het scoren. Ik wist vanaf het eerste moment: dit is goed. En de combinatie van filmpjes maken en studiopresentatie ligt mij. Het allerfijnst is om met het camerateam op pad te zijn. We bereizen de hele wereld en maken de belachelijkste dingen mee. En dan ’s avonds op tijd naar de drinkplaats. Het is een jongensboek.”

Wat is de drive nog na zo veel seizoenen?

“Elke keer denk ik vooraf: daar gaan we weer. Maar we zijn nog niet begonnen en dan ben ik alweer enthousiast over de plannen. Ik werk met heel goede mensen, met wie ik goed bevriend ben geraakt. Dat blijft een feest.”

Vroeger ging men met 65 jaar met pensioen. Denk je weleens aan stoppen en op de lauweren rusten?

“Ik heb de laatste maanden vanwege de corona genoeg op mijn lauweren gerust. Alleen de slijter werd daar blij van. Natuurlijk is het soms zwaar, maar er staat veel tegenover. Ik vind het gewoon leuk om programma’s te maken, of dat nu voor of achter de camera is. Verder kan ik niet zo veel.”

Wat is de sleutel voor succes?

“Zoals Barry Stevens zegt: doorgaan. En je gevoel volgen en bij jezelf blijven. Niet anderen nadoen, maar je eigen ding. Het ging heus niet vanzelf. Ik had een heel heftige ambitie, daar kon ik niets aan doen. In 1983 mocht ik auditie doen voor Het jeugdjournaal. Ik was 29 had twee kleine kinderen dus ik moest die baan hebben. Op weg naar Bussum heb ik op een parkeerplaats mezelf een peptalk gegeven, zodat ik totaal overgeconcentreerd die auditie heb gedaan.”

Je wist: dit is een kantelpunt in mijn leven?

“Ja. Ik was dolgelukkig dat ik werd aangenomen. Na Het jeugdjournaal ging het lopen. Mensen als Joop van den Ende zagen het in me. Wat het is, kan ik niet uitleggen. Op straat kan ik onzichtbaar zijn, maar zet een camera op me en er gebeurt iets.”

Voor het succes kwam nooit overwogen om toch de verzekeringen in te gaan?

“Nee zeg! Dan was ik een heel nare collega geworden.”

Door het programma heb je een erg braaf imago gekregen.

“Dat is nu eenmaal zo. Ik zit ook niet de hele week op social media om mensen te beledigen. Ik speel geen rol. Met sommige mensen heb ik een klik, met anderen niet; dat merk je aan me in mijn programma’s. En soms verlies ik mijn geduld. Ik houd niet van mensen met zelfmedelijden, zoals nu met de corona. Die klagen omdat hun verjaardagsfeestje niet kan doorgaan. Er zijn nu groepen die vinden dat die beperkende regels door de overheid zijn bedacht om hen te pesten en die zich er daarom niet aan houden. Wat is dat? Ze hebben totaal geen verantwoordelijkheidsbesef. Dat vind ik heel beangstigend. Zie: ik wind me soms ook flink op.”

In my life

There are places I’ll remember
All my life, though some have changed
Some forever, not for better
Some have gone, and some remain
All these places had their moments
With lovers and friends, I still can recall
Some are dead, and some are living
In my life, I’ve loved them all

“Een prachtig liedje van John Lennon. ‘Sommigen zijn dood en sommigen leven’. Dat speelt natuurlijk steeds meer. Het enge is naarmate je ouder wordt dat je steeds meer herinneringen gemakkelijker kunt terugroepen. Een goede vriend is twee jaar geleden op zijn 48ste overleden. Als ik mijn ogen dichtdoe zie ik me nog moeiteloos met hem aan tafel zitten, alsof hij er nog is.”

Wordt het steeds meer carpe diem?

“Je wordt bewuster. Ik heb vrienden die bijna dood waren en weer zijn opgekrabbeld. En dan worden anderen weer ziek. Vreselijk. Zelf heb ik iets fatalistisch: als ik morgen dood neerval, prima, het zal wel. Het is vervelend voor de achterblijvers, maar ik heb alles gedaan wat ik wilde. Meer dan dat zelfs. Ik heb periodes aan alles toegegeven. Moest ik mooie auto’s kopen van mezelf. En die heb ik dan weer verkocht. Ook weer gehad.”

Dat was jouw midlifecrisis; mooie auto’s kopen?

“Precies. Ik heb een mooie oude Kever gehad en een Jaguar. Die ging veel te hard.”

En Roos vond dat prima; liever dat dan achter de jonge vrouwen aan?

“Haha. Daar ben ik sowieso heel slecht in. Als ik dat had gedaan, was dat al heel lang geleden uitgekomen. En allemaal misgegaan.”

Weet je met 65 jaar waar het leven om draait?

“Om gelukkig worden. Dus zie dat maar te worden, veel succes. Ik ben het al best lang, de ene periode wat meer dan de andere. Soms, als ik die leegstromende scholen zie, denk ik: ach, die moeten allemaal nog gelukkig worden. Geluk zit in kleine dingen: gezellig eten met elkaar, de andere keer fijne kijkcijfers. Het belangrijkst is het geluk te herkennen. Er zijn genoeg mensen die het niet zien. Maar het allerbelangrijkst is de gezondheid van mijn kinderen; mijn eigen gezondheid is daaraan ondergeschikt. Dat heb ik ook onlangs aan mijn dochter uitgelegd na de bevalling van haar eerste kindje: straks komt het moment dat je beseft dat er iemand in je leven is gekomen die belangrijker is dan jezelf. 65… Ik kan het me niet voorstellen. Het is zo’n getal van andere mensen. Krijg ik dan ook zo’n kortingskaart voor het ov?”

Roberts favorieten

Boek

“Ik ga veel herlezen. Mijn favoriete schrijvers zijn W.F. Hermans en Willem Elschot. Goed geschreven, humor, mensenkennis. Het gaat me niet zozeer om het verhaal, maar om de ideeën en wijsheden daarachter.”

Reizen

“Ik ben te weinig in Italië geweest de laatste jaren, het land van Roos’ vader. Het is een bepaalde manier van leven die me aanspreekt, al zou ik er nooit willen wonen. Maar als vakantieland is het prima. Bijvoorbeeld in Toscane of op Sicilië.”

Eiland

“We hebben een familiehuis op Vlieland. Er heerst een vreemd soort geborgenheid, een jarenvijftiggevoel. Er rijden nauwelijks auto’s en er is een no-nonsensementaliteit. En het is beschermd natuurgebied. Ik word wakker op zeventig meter van de zee.”

Eten

“Laatst schreef Yotam Ottolenghi in The New York Times dat het beste comfortfood pasta van een dag ervoor is. Roos kan twee dagen met een pastasaus bezig zijn, met de allerbeste ingrediënten, en maakt altijd veel te veel. De volgende dag bakt ze dat op in de koekenpan met Parmezaanse kaas, zodat er een korstje ontstaat. Heerlijk!”

Televisie

Bommetje XL. Fantastisch! Mensen plonzen van een hoge schans in het water en sommige komen zonder dwarslaesie weer boven. Daar kan ik uren met mijn achtjarige kleinzoon naar kijken. Ik heb al gedreigd dat ik hem daarvoor ga opgeven.”

Muziek

“The Beatles heb ik een beetje achter me gelaten. In draai nu veel Steely Dan en Crowded House in de auto. En natuurlijk… Hoe heet hij nou? Die Amerikaanse gitarist… Tjongejonge, ik word echt 65.”

Artikelen van Margriet.nl ontvangen in je mailbox?
Schrijf je in op margriet.nl/nieuwsbrief.

Tekst | Bram de Graaf
Beeld | Marloes Bosch

Robert ten Brink Margriet


Dit interview verscheen eerder in Margriet 45-2020. Deze editie nabestellen kan via magazine.nl.

Ook interessant