MT42 M42 Persoonlijk Beeld Petra Hoogerbrug. Styling: Karin van der Knoop. Visagie: Astrid Timmer en Carmen Zomers
Beeld Petra Hoogerbrug. Styling: Karin van der Knoop. Visagie: Astrid Timmer en Carmen Zomers

PREMIUM

Rina (79): ‘Het gevoel van eenzaamheid sluimert altijd wel een beetje. Je moet eraan werken om het buiten de deur te houden’

Na het overlijden van haar man werd het wel erg stil in het leven van Rina Bakkenes (79). Ze besloot opnieuw te beginnen en te verhuizen naar een bijzonder wooncomplex. Daar leerde ze Ria Willemsen (68) kennen.

“Joop en ik waren 55 jaar getrouwd. Hij groeide op in Apeldoorn, ik in Zwolle en na onze ontmoeting in een bus zijn we altijd samen gebleven. We kregen een dochter en zoon en woonden na een aantal verhuizingen 22 jaar midden in het bos. Een heerlijke plek waar de herten tot aan de voordeur kwamen. Enkele jaren geleden kreeg Joop een herseninfarct. Hij herstelde deels, maar zijn gezondheid bleef broos. Het werd steeds lastiger in ons boshuis, maar we maakten er het beste van.”

En toen werd het stil

“Mijn zoon had een oude boerderij gekocht met een groot stuk grond. ‘Wat nou als we daar een mantel-zorgwoning op laten bouwen?’ vroegen onze kinderen. Een ontzettend lief en ideaal voorstel dat we graag aannamen. Toen ons nieuwe huis klaar was, maakten we ook van deze plek weer echt ons thuis. Geen herten meer als buren, maar wel schapen in de tuin. We hadden hulp om de hoek en we zaten veel meer tussen de mensen. Die hadden we hard nodig. Want ook al probeerde ik Joop zo veel mogelijk zelf te verzorgen, het werd steeds zwaarder. Hij was een boomlange vent en ik ben klein van stuk, dus ik had voor veel doodnormale dagelijkse handelingen vaak simpelweg de kracht niet.”

“De huisarts meldde ons aan voor Buurtzorg. Onbeschrijflijk lieve mensen stonden altijd voor ons klaar. Van hulp bij de dagelijkse verpleging tot gewoon een kop koffie met een kletspraatje. Dat laatste is in mijn ogen net zo waardevol als praktische hulp.”

“De gezondheid van Joop ging ondertussen steeds verder achteruit en drie jaar geleden is hij overleden. Ik was dankbaar voor het prachtige leven dat we samen hebben gehad, maar ook diep in de rouw. De buurtzorg hield op en daarbovenop begon de pandemie. Toen kroop de eenzaamheid naar binnen. Het werd stil, letterlijk. De aanloop die er buiten de kinderen om altijd was, viel weg. Iedereen was logischerwijs voorzichtig, ik ook. Ik had mijn zoon naast me, maar wilde niet te veel op hem leunen. Als we elkaar zagen, dan kwam hij bij mij, niet andersom. Dat wilde ik ook niet anders. Mijn kinderen hebben hun eigen leven en Joop en ik hebben het altijd heel belangrijk gevonden dat te bewaken, dus dat deed ik ook nu ik alleen was.”

Tussen de mensen

“Opeens voelde ik heel sterk: zo wil ik het niet meer. Ik moest daar weg. ‘Weet je het zeker? Je woont hier prachtig!’ reageerden de kinderen eerst. Ik was me ervan bewust dat mijn besluit zou betekenen dat ik nog meer afscheid moest nemen en het laatste huis waar Joop en ik samen waren moest achterlaten. Maar Joop zit voor altijd in mijn hart en de herinneringen neem je mee. Alleen in dat huis zou ik niet meer gelukkig kunnen worden, maar eenzaam achter de geraniums belanden. Ik moest opnieuw beginnen en vooral weer tussen de mensen.”

MT42 M42 Persoonlijk Beeld

“Ik schreef me in bij verschillende wooncorporaties in de buurt van mijn dochter. Elke dag keek ik op de sites of er huizen beschikbaar waren. Er kwam iets vrij, maar toen ik er ging kijken, verdween mijn interesse. Je voelt vaak meteen aan of iets past of niet en dit appartement was het niet. Tot ik niet veel later aan het einde van de middag nog een keer mijn laptop aanzette en ik een advertentie zag van het in aanbouw zijnde woonproject Elderburen, waarin ‘samen’ en naar elkaar omkijken centraal zouden staan. Inschrijven kon nog. ‘Wil jij eens gaan kijken of het wat is?’ vroeg ik mijn dochter. Ze appte foto’s terug en liet me filmpjes zien van mensen die zich al hadden ingeschreven. Een vrouw vertelde waarom zij en haar man daar graag wilden wonen. Ze trok mijn aandacht omdat het klonk alsof ik mezelf hoorde praten. Een wonder gebeurde; ik werd ingeloot! Op de kennismakingochtend stond een vrouw voor me bij de koffietafel. Het was Ria, dezelfde vrouw als op het filmpje. We raakten met elkaar aan de praat en het voelde meteen zó goed. Vervolgens bleek dat onze appartementen tegenover elkaar lagen. ‘Dan doe ik gewoon de hele dag de gordijnen dicht,’ grapte Ria. Dat had een grap van mij kunnen zijn en sindsdien was het meteen ‘aan’. Het is eigenlijk heel bijzonder: we denken hetzelfde, houden van hetzelfde en hebben hetzelfde ritme. Ons leeftijdsverschil doet er niet toe. Al was ik daar aanvankelijk nog wel wat onzeker over. ‘Wil je nu nog wel vriendinnen blijven?’ vroeg ik toen we erachter kwamen dat we elf jaar schelen. Ria moest lachen. ‘Tuurlijk!’ Onze band verdiept zich alleen maar. De stap om toch te verhuizen had niet beter kunnen uitpakken.”

Lieve buren

“Het gevoel van eenzaamheid sluimert altijd wel een beetje. Je moet eraan werken om het buiten de deur te houden. Ik ga als weduwe toch alleen naar bed en word alleen wakker, maar het is heel anders dan toen ik nog alleen in het huis bij mijn zoon woonde. Ik heb nu een nieuwe gemeenschap waartoe ik behoor, met Ria en met de andere lieve buren met wie ik heel fijn contact heb.”

“Daarbij is er een verschil tussen alleen zijn en eenzaam zijn. Als ik me verbonden voel met mensen, weet dat ze er zijn of als iemand even een kort een praatje maakt, dan ben ik nog steeds alleen, maar niet eenzaam. Eenzaamheid is een leegte die in jezelf zit en die niemand voor je kan vullen. Maar je kunt er wél over praten en het voelt vaak minder zwaar als je wat afleiding zoekt of als iemand van buitenaf laat weten er te zijn. Het zijn vooral de specialere dagen die ik moeilijk vind in mijn eentje: Joops verjaardag en sterfdag, onze trouwdag... Ik ga dat niet verstoppen. Je kunt het ook maar beter een beetje laten gaan. Ouder worden hoort bij het leven en als je een partner hebt, dan weet je dat er eentje als eerste gaat. Ik had nooit verwacht dat ik weer zo midden in het leven zou staan. Ik ben een tevreden mens met heel lieve kinderen en kleinkinderen die veel voor me doen. De hand van Joop in de mijne zal ik altijd blijven missen, maar ik geloof dat het is zoals mijn dochter laatst zei; ‘Hij zou heel trots op je zijn.’”

Ria Willemsen leerde Rina Bakkenes kennen in de gemengde woongemeenschap. Het voelt voor haar alsof ze zussen zijn. “We verbazen ons vaak over hoeveel we op elkaar lijken.”

Ria: “Willem en ik fietsten vaak langs het nieuwe wooncomplex Elderburen dat werd gebouwd dicht bij waar we woonden. Het werd zó mooi, dat we ons er ook voor inschreven. We zochten een appartement waar we tot onze oude dag kunnen blijven. Gelijkvloers was een voorwaarde, omdat Willem eigenlijk geen trappen meer mag lopen. Hij heeft een aandoening waarbij zijn bloeddruk soms zomaar dusdanig zakt, dat hij valt. Deze manier van wonen, een gemengde woongemeenschap voor 55-plussers met en zonder beperking, sprak ons erg aan. Een actieve en open houding hebben, is een voorwaarde om hier te kunnen wonen. De motivatiebrief die we moesten schrijven hadden we zó klaar. Er echt voor elkaar zijn als buren is voor mij vanzelfsprekend en kost geen moeite. Willem staat er ook zo in. Vaak genoeg heb ik een pannetje eten over de schutting aangegeven bij een alleenstaande buurvrouw of nodigden we iemand uit om aan te schuiven als ik weer eens te veel andijviestamppot had gemaakt.”

De mooiste gesprekken

“Vanaf het eerste moment dat Rina en ik elkaar zagen, klikte het en die vriendschap verdiept zich nog steeds. Ik ben er soms echt verrast over hoe makkelijk het allemaal gaat tussen ons. Het begon met een kop koffie drinken en al snel hadden we de mooiste gesprekken over van alles, ook over de moeilijkste periodes in ons leven. Rina’s man is nog maar kortgeleden overleden, ik vind het heel knap hoe zij het allemaal doet nu. Ze bloeit echt op.”

Genoeg aan een half woord

“Ik weet heel goed hoe het is om je eenzaam te voelen. Eind jaren negentig overleed onze dochter Monique plotseling. Ze was nog maar twintig jaar. Ons leven stortte in en ik was radeloos van verdriet. Ik heb nog nooit zo veel pijn gehad en wist me geen raad met mezelf. De rouwput waar ik in verzandde was zó diep, dat ik een aantal maanden niet thuis heb gewoond om tot mezelf te kunnen komen. In die tijd heb ik moeten leren omgaan met verdriet. Wat voelde ik me vreselijk en alleen, ook al had ik nog een lief gezin thuis. Willem en onze andere twee lieve dochters wachtten op mij. Rouw heeft tijd en aandacht nodig. Ik mis Monique na al die jaren nog steeds, maar ze is altijd bij me. Rina begrijpt dat. Als je weet hoe het voelt om iemand van wie je zo veel houdt te verliezen, dan gaat meeleven misschien net wat meer vanzelf. Dan heb je aan een half woord genoeg en is het uitspreken van emoties soms niet eens nodig. Ik voel het meteen als Rina een taaie dag heeft. Een lief bericht of kommetje soep bij de deur, het is allemaal zo waardevol. Dat is geen liefdadigheid, maar wederkerig. Dit is hoe we het doen bij Elderburen. Want andersom was het Rina die uit onze gesprekken de sterfdag van Monique had onthouden en met een bosje bloemen bij de deur stond. Zo attent. Verbinding zit in heel kleine dingen en met iemand die stilstaat bij je gemis voelt het meteen minder alleen.”

Hetzelfde doen en denken

“Rina en ik hadden net zo goed zussen kunnen zijn. We verbazen ons heel vaak over hoeveel we op elkaar lijken in alles wat we doen en denken. Dat is nieuw voor mij. Ik heb altijd goed contact gehad met buren, maar zo’n vriendschap nog niet eerder. We weten precies wat we aan elkaar hebben en de band is er altijd, ook als we elkaar niet zien. Want we lopen niet dagelijks bij elkaar binnen, helemaal niet zelfs. We hebben allebei ons eigen leven. Grappig genoeg spreken we ook zelden echt wat af, alles gaat spontaan. We hebben wel een aantal vaste momenten waarop we elkaar zien in de gemeenschappelijke ruimte, zoals bij de kaartavonden en de knutselochtenden waar we met meerdere buren aan meedoen. Heel gezellig met z’n allen aan de lange tafel en bovendien een fijn gevoel dat daar altijd mensen zijn die blij zijn om je te zien.”

“Op dit moment zijn we knuffel-poppetjes aan het maken, die we willen schenken aan de kinderen die hierheen zijn gevlucht uit de oorlog. Deze duimelotjes leerde ik maken in de instelling waar ik verbleef na het overlijden van Monique. Ik vind het mooi symbolisch dat ik ze nu samen maak met Rina en de andere ‘buufen’, zoals we elkaar vaak noemen. Om te verbinden en om een beetje troost door te geven.”

Caroline van MourikPetra Hoogerbrug. Styling: Karin van der Knoop. Visagie: Astrid Timmer en Carmen Zomers

Op alle verhalen van Margriet rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@margriet.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden