Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Persoonlijk

Relatietherapie: ‘Ze zegt steeds vaker dat ze uit het leven wil stappen’

relatietherapie-ik-ben-volgens-hem-altijd-moe-en-dat-is-mijn-eigen-schuld.jpg

Josine (58) worstelt al jaren met depressieve gevoelens. Haar man Marcel (62) begrijpt dat niet en weet al helemaal niet hoe hij haar kan helpen. “Al die dingen waar Josine over piekert, zitten in haar hoofd. Ze vindt niks leuk, ziet overal tegenop en vindt alles zwaar.” 

Uit de praktijk van Annette Heffels

“Ik heb gisteren een gesprek gehad met de bedrijfsarts”, zegt Josine, “en ik moet met haar een re-integratieplan maken. Te beginnen met twee uur, twee dagen per week, dan langzaam opbouwen tot ik weer aan mijn 16 uur zit. Ik voel dan meteen paniek. Ik heb niet geslapen vannacht. Bij het idee dat ik weer voor de klas moet staan, breekt het angstzweet me uit.”

‘Ik ben er nog niet aan toe’

“Volgens de bedrijfsarts hoeft dat niet meteen, omdat er natuurlijk vervanging is geregeld voor mij. Ik kan eerst wat ondersteunende taken doen. Zij vindt het belangrijk dat ik weer op school ben en contact heb met mijn collega’s. Maar ik ben daar nog helemaal niet aan toe. Ik kan me niet concentreren en kan geen normaal gesprek voeren.”

“Als ik iemand heb gesproken ben ik daarna eindeloos aan het piekeren over wat ik gezegd heb en of ik niet een rare indruk heb gemaakt. Ik weet dat mensen het niet begrijpen, als je zo lang in de ziektewet bent, terwijl je ogenschijnlijk niets mankeert. Ik ben bang dat ze vinden dat ik me aanstel of profiteer, maar ik wil ook niet aan iedereen uitleggen hoe verschrikkelijk ik me voel.”

‘Hij begrijpt me niet’

“Ik merk aan de kinderen en vooral aan Marcel dat ze er ook genoeg van hebben. Marcel heeft trouwens nooit veel geduld gehad als ik me niet goed voelde. Hij begrijpt totaal niet wat het is om depressief te zijn. Hij vindt dat ik geen reden heb om te klagen en dat vind ik zelf natuurlijk ook.”

“Ik heb twee geweldige dochters, die natuurlijk hun eigen gezin en hun werk hebben, dat is logisch, dus ik zie ze niet zo vaak. Ik mis ze. Als ik me vroeger zo depressief voelde, moest ik door vanwege de kinderen. Zij hadden me nodig. Door alle drukte en doordat het huis altijd vol was met hun vrienden en vriendinnen, had ik bovendien veel meer afleiding.”

Suïcidale gedachten

“Ik ben bewust blijven werken, ook al viel het me steeds zwaarder. Ik dacht: als ik de hele dag thuis zit, met Marcel – die op zijn zestigste gestopt is met werken, maar die altijd bezig is met van alles zodat ik hem nog nauwelijks zie – dan voel ik me helemaal zo nutteloos. Het gevoel dat niemand me nodig heeft, dat vind ik moeilijk.”

“Mijn moeder is een paar jaar geleden overleden en mijn vader is dementerend en zit in een verzorgingstehuis. Ik ga regelmatig naar hem toe, maar hij herkent me meestal niet meer, dus dat vind ik ook zwaar. Ik heb steeds vaker de gedachte dat ik er beter niet zou kunnen zijn. Marcel is beter af zonder mij en mijn dochters zien het contact met mij ook als een vervelende verplichting. Dat besef ik best.”

Lees ook: Relatietherapie: ‘Ik weet hoeveel pijn het hem doet als ik niet mee ga’

‘Ik wil haar niet kwijt’

“Ik kan daar niets mee, als ze dat zegt”, reageert Marcel. “Ze zegt er dan soms ook bij dat ze steeds vaker de neiging heeft om voor de trein te stappen, zodat ze overal van af is en wij verder kunnen met ons leven. Wat haar weerhoudt is dat ze het zo’n machinist niet wil aandoen. Ze heeft ook al gezegd dat ze daarom medicijnen opgespaard heeft. Ik weet niet wat ze dan van me wil. Ik heb vaak genoeg gezegd dat ik niet van haar af wil en dat ze vooral zichzelf tot last is.”

‘Ze maakt zichzelf gek’

“Ze zou zo’n goed leven kunnen hebben, want feitelijk is er niks waar ze zich zorgen over zou moeten maken. Al die dingen waar ze over piekert, zitten in haar eigen hoofd. Onze vrienden en familie begrijpen misschien niet helemaal hoe ze zich voelt, maar ze vinden zeker niet dat ze zich aanstelt. Volgens Josine gaan haar vriendinnen haar uit de weg.”

“Dat kan wel zo zijn, maar als je het altijd afhoudt als iemand voorstelt om iets te gaan doen en als je altijd alleen maar herhaalt hoe ellendig je je voelt, dan maak je het anderen ook wel moeilijk. Als ze met onze dochters belt, is ze negen van de tien keer in tranen. Dus die meiden weten het ook niet meer.”

‘Ze ziet overal tegenop’

“Op dit moment is ze weer overstuur omdat ze van de bedrijfsarts moet proberen weer een keer naar school te gaan. Ze hoeft eerst alleen maar even koffie te gaan drinken met haar collega’s in de pauze. Ik zeg dan: ‘Als je er zo tegenop ziet om weer te gaan werken, zeg je baan dan op.'”

“Financieel is dat geen probleem. Ze kan dan dingen gaan doen die ze leuk vindt, maar die zijn er volgens haar niet. Ze ziet overal tegenop en vindt alles zwaar. Ik probeer haar te helpen, maar ze staat nergens voor open. Vervolgens verwijt ze me dat ik er niet ben voor haar en dat ik haar niet begrijp.”

Geen verandering

“Dat laatste is waar. Ik begrijp niet hoe je zo bij de pakken neer kunt gaan zitten, terwijl je het zo goed zou kunnen hebben. Ik ben het geloof in therapie voor haar eerlijk gezegd ook kwijt. Ze heeft al zo veel therapie achter de rug en het hielp hooguit tijdelijk wat. Ze vindt het prettig dat ze ergens haar hart uit kan storten, maar daardoor verandert er niks.”

“Ik denk weleens dat ze door al dat praten zichzelf nog verder in de put werkt. Maar als ik dat durf te zeggen, is het helemaal mis. Dan zegt ze dat ze maar beter een eind aan haar leven kan maken omdat dat voor iedereen een opluchting zal zijn.”

Artikelen van Margriet ontvangen in je mailbox?
Schrijf je in op margriet.nl/nieuwsbrief.

Zorgvuldig doorvragen

Als een patiënt gedachten heeft over een eind maken aan zijn leven, roept dat veel zorg op bij mij. Ik zal hier altijd heel zorgvuldig op doorvragen. Ik wil weten wat iemand zó wanhopig maakt dat hij of zij er niet meer wil zijn. Ik wil weten of die gedachte aan de dood er vaak is, of het voelt als een wens om zich niet meer zo ellendig te voelen, of eerder als een opdracht dat je er niet meer mag zijn omdat je slecht bent of een last voor anderen.

Tenslotte wil ik weten of iemand echt concrete plannen heeft om zijn leven te beëindigen en hoe die plannen eruit zien. Pas dan kan ik een inschatting maken hoe groot het suïcidegevaar is en of de patiënt tegen zichzelf beschermd moet worden. Dat kan (enigszins, want zeker ben je nooit) door afspraken te maken met hem en met de omgeving. In het ergste geval moet iemand opgenomen worden.

‘Ik vond beide gevallen verschrikkelijk’

In mijn jaren als psychotherapeut heb ik een keer meegemaakt dat een patiënte die nog in behandeling was een einde aan haar leven maakte, en een keer dat een patiënte dat deed nadat ze opgenomen was in een psychiatrische kliniek. Ik vond dat in beide gevallen verschrikkelijk. Vooral aan de patiënte, die ik in behandeling had en waar ik dus verantwoordelijk voor was, moet ik nog regelmatig denken. Ik vraag me dan af of ik meer had kunnen doen om de suïcide te voorkomen. Met de dood van de patiënte die in de kliniek haar leven beëindigde, kan ik meer vrede hebben. Haar leven was een hel voor haar.

Noodkreet

Wat me treft in het geval van Josine is dat haar noodkreet door man en kinderen niet serieus wordt genomen. Ze heeft hier al zo vaak mee gedreigd dat ze eerder boos op haar zijn dan ongerust. Hun moedeloosheid begrijp ik ook. Josine heeft, met korte onderbrekingen, al zo’n twintig jaar therapie gehad, bij steeds andere therapeuten. Ze heeft medicatie voorgeschreven gekregen, maar was niet erg trouw in het innemen daarvan.

Ze vond dat het niet hielp of ze had last van de bijwerkingen. Ze werd er onder andere zwaarder van en daardoor nog onzekerder. Het lukt om met Josine de afspraak te maken dat ze geen einde aan haar leven zal maken. Ze wil dat ook niet echt, zegt ze. Zou de drang hiertoe terugkomen, dan belooft ze dat zij of Marcel contact met mij zal opnemen.

Belangrijke waarden

Vervolgens bespreek ik dat ik niet opnieuw aan een jarenlange therapie begin. Uit eerdere therapie heeft Josine geleerd wat haar kan helpen: activiteit, sporten, contact met mensen, negatieve gedachten corrigeren. Om haar hiervoor te motiveren onderzoek ik met haar wat ze in haar leven echt belangrijk vindt. Belangrijke waarden zijn voor haar de relatie met haar man en kinderen, een gezond lichaam, vrijheid, waardering, iets betekenen voor anderen. Vervolgens gaan we na wat ze voor stappen zou kunnen zetten om die waarden dichterbij te brengen.

Stappen in de goede richting

Daarbij stuit ze natuurlijk op ondermijnende gedachten als ‘Niemand is in jou geïnteresseerd, je bent niks, je mag anderen nooit teleurstellen’. Ze leert deze ondermijners te bestrijden en compassie te voelen voor zichzelf in plaats van die negatieve oordelen. Steeds weer zet ze moedig stappen in de richting van wat ze waardevol vindt. En ze leert te accepteren dat altijd aanwezig geluk niet bestaat, maar dat er desondanks veel is om dankbaar voor te zijn in haar leven.

Annette HeffelsAnnette Heffels is psychologe. Ze is getrouwd en heeft een zoon, twee dochters en een kleinkind.

Dit artikel verscheen eerder in Margriet 2019-42. Je kunt deze editie hier nabestellen

Ook interessant