Persoonlijk

Relatietherapie: ‘Sinds de dood van Roos heb ik weinig behoefte om mensen te zien’

relatietherapie-sinds-de-dood-van-roos-heb-ik-weinig-behoefte-om-mensen-te-zien.jpg

Het lukt Emma (50) en Bram (54) niet meer te communiceren sinds ze hun dochter Roos verloren bij een ongeluk. Ze hebben nog een zoon: Laurens (18). “Sinds de dood van Roos heb ik weinig behoefte om mensen te zien. Je voelt de kloof die er is tussen mij en hen zo duidelijk.” 

Uit de praktijk van Annette Heffels

“Ik kan er met Bram niet over praten,’ zegt Emma. ‘Natuurlijk heeft hij ook verdriet, maar hij verwerkt dat totaal anders. Na de dood van Roos is hij vrijwel meteen weer aan het werk gegaan. Dat was voor mij onbegrijpelijk.”

Weinig behoefte

“Ik heb geprobeerd te gaan werken na een aantal maanden, maar ik kon het niet. Het interesseerde me totaal niet wat mensen tegen me zeiden. Ik liep als een zombie rond en heb me uiteindelijk maar ziek gemeld. Toen de bedrijfsarts vond dat ik weer geleidelijk aan moest beginnen, heb ik mijn baan opgezegd. Thuis word ik ook gek natuurlijk, maar daar hoef ik in ieder geval niets.”

“Ik had en heb weinig behoefte om mensen te zien. Je voelt zo duidelijk de kloof die er is tussen mij en hun. Ze zeggen wel dat ze het verschrikkelijk voor je vinden en begrijpen wat je doormaakt, maar ze hebben geen idee. Als je dit niet zelf hebt meegemaakt kun je je geen voorstelling maken van wat het betekent om een kind te verliezen.”

Weinig tijd voor ons

“Roos was een bijzonder kind. Hier, ik heb een foto van haar. Zoals ze hier op staat zo is ze echt. Een mooi meisje en bovendien slim en lief. Ze kreeg veel aandacht van jongens, en ze heeft verschillende vriendjes gehad. Toen, voor het ongeluk, had ze het net uitgemaakt met haar laatste vriend en wilde ze een avond stappen met vriendinnen. We hadden daar wat woorden over gehad. Ze woonde op kamers, zat in het eerste jaar van haar rechtenstudie. Dat weekend was ze thuis geweest. Dat kwam niet zo vaak voor.”

“Ze genoot enorm van het studentenleven en had, vond ik, weinig tijd voor ons. Ze was zaterdagmiddag gekomen en wilde zondag alweer weg. Ik was daar teleurgesteld over en heb haar dat ook laten merken. Ik heb zoiets gezegd als: dat wij goed waren voor de centen, maar dat we er verder niet meer toe deden voor haar. Zij reageerde verdrietig, maar ook boos. Ze vond dat ik slachtofferig deed en dat ze daar geen zin in had en recht had op haar eigen leven.”

“Ik krijg er mijn kind niet mee terug”

“Die avond, na het uitgaan is ze aangereden. Ze fietste naar huis met een vriendin, die ook zwaar gewond raakte. Waarschijnlijk fietsten ze zonder licht, dat is niet helemaal duidelijk. Haar vriendin heeft het overleefd, zij niet. De bestuurder van de auto had niet gedronken en niet te hard gereden.”

“Hij zei dat hij hen niet had gezien. Het zal wel. Mensen vragen dan of ik niet boos ben op hem, maar wat schiet ik daarmee op. Ik krijg er mijn kind  niet mee terug.”

Lees ook: Relatietherapie: ‘Als ik iets wil kopen wordt me dat nog net niet verboden’

De brief van Emma aan Roos

“In eerste instantie probeerde ik Emma en Bram te helpen om hun verdriet met elkaar te delen. Ik stuitte daarbij, net als Bram op een muur bij Emma. Achter die muur voelde ze zich vreselijk eenzaam, maar ze kon niemand bij zich toelaten. Vervolgens heb ik Emma gevraagd om haar verdriet en boosheid te uiten in een brief naar Roos. Het werd een lange brief, waar ik een stukje uit citeer:”

‘Ik had liever zelf dood willen zijn. ‘Het leven gaat door’, zeggen ze dan, maar ik heb geen leven meer. Ik ben dood, vanbinnen. Ik weet niet hoe ik verder moet. Alles is zo zinloos geworden. Ik weet dat Laurens er nog is en dat ik ook aan hem moet denken. Dat zegt iedereen, maar Laurens heeft mij veel minder nodig. Hij is net als zijn vader. Hij praat niet. Volgend jaar is hij ook het huis uit. Dan blijven papa en ik samen achter. Maar er is geen samen. Hij leeft zijn leven met zijn werk en ik zit thuis.

Roosje, ik mis je zo verschrikkelijk. Het flitst iedere keer door mijn hoofd, die klap, hoe je daar lag. Je was niet meteen dood, zeggen ze. Misschien heb je pijn gehad, was je bang. Ik voel me zo schuldig, dat je dat weekend zo akelig weg bent gegaan. Ik had je geen verwijt moeten maken.….

Waarom ben je ook zonder licht gaan fietsen om twee uur ’s nachts. Als je dat niet gedaan had, had je nu nog geleefd. Ik wil daar niet boos over zijn op jou, maar soms ben ik dat wel…..

Het antwoord van Roos

“Nadat Emma haar eigen brief heeft voorgelezen, vraag ik haar om Roos terug te laten schrijven. Dat lijkt een bizar verzoek, maar Emma kent Roos zo goed dat ze als het ware haar stem in zich kan horen en weet wat ze zou zeggen.”

Lieve mama,

Ik vind het zo erg voor jou. Ik hou zoveel van jou, dat ik niets liever zou willen dan je nu knuffelen en samen lekker op de bank gaan zitten met koffie verkeerd en koekjes en kletsen. Maar dat kan niet. Ik heb nu geen pijn of verdriet meer, maar jij wel en dat vind ik zo erg voor je. Ik heb een fijne jeugd gehad bij papa en jou. Je was er altijd en hij was er ook als ik hem nodig had. Weet je nog dat we met zijn vieren mijn kamer hebben geschilderd en dat hij steeds riep dat wij het niet goed deden en dat we toen samen op een terras zijn gaan zitten.

Dat we dat weekend een beetje ruzie hadden dat is toch niet zo erg. Tussen ons komt het altijd weer goed.

Ik wil zo graag dat je weer een beetje gelukkig kan zijn. Dat mag best, ook al ben ik er niet meer. Dat je weer je vriendinnen gaat zien en dat je dingen gaat doen met papa en Laurens. Zij hebben jou ook nodig. En als je van ze baalt, kun je dat altijd tegen mij zeggen. Ik ben altijd bij jou.

Roos

“Het was niet nodig geweest”

“Als Emma de brief van Roos voorleest huilt ze hartverscheurend. Ook bij Bram, die stil heeft geluisterd, lopen de tranen over zijn wangen. Hij kan niet zo makkelijk troostwoorden vinden, maar slaat een arm om Emma heen en trekt haar tegen zich aan.‘Ze praatte zo lief tegen me,’ zegt Emma, ‘zoals ze dat altijd deed. Zo lief en zo eerlijk. Ze was eigenlijk heel volwassen voor haar leeftijd.”

“Zoals ze me terecht kon wijzen als ik soms zeurde of als ik een beetje klagerig of zielig deed. Maar ze was ook nog een kind natuurlijk. Dat blijkt: fietsen met een kapot achterlicht. Zo stom. Waarschijnlijk doet ieder kind dat wel eens, maar bij haar is het zo dramatisch fout gegaan. Terwijl het niet nodig was geweest.”

Artikelen van Margriet in je mailbox ontvangen?
Schrijf je in op margriet.nl/nieuwsbrief.

Eigen manier

“Het schrijven van de twee brieven betekent in de therapie een doorbraak. Het lijkt of de muur, waarachter Emma zich had teruggetrokken, nu steen voor steen kan worden afgebroken. Ze kan nu horen en voelen, dat Bram, net als zij, moet leven met het ergste dat ouders kan overkomen. Wanneer een kind overlijdt, is dat verdriet zo intens en overweldigend dat ieder op zijn eigen manier probeert te overleven. Soms is die manier zo anders dat ouders elkaar niet meer kunnen bereiken.”

“Veel paren gaan uit elkaar na het verlies van een kind, omdat ze elkaar tijdens het rouwen zijn kwijtgeraakt. Ook op het kind dat zijn broer of zus verliest heeft dit een grote impact. Kinderen hebben vaak het gevoel dat er een soort hiërarchie bestaat in verdriet. Omdat ze het voor hun ouders het ergste vinden, willen ze hen sparen en helpen. Daarom houden ze hun eigen verdriet voor zichzelf en komen ze pas veel later echt aan rouwen toe, als het met hun ouders weer wat beter gaat.”

Verschillende fasen

“Rouw verloopt in fasen, die overigens niet altijd in dezelfde volgorde doorgewerkt worden. Meestal is de eerste reactie een shock en daarna ontkenning. Je kunt nog niet echt geloven dat iemand er niet meer is en je realiseert je dat elke ochtend opnieuw, of je denkt hem of haar te zien. Daarna komt een fase waarin allerlei emoties een rol spelen.”

“Niet alleen verdriet, maar ook boosheid, zelfs op degene die er niet meer is, schuldgevoel om wat je mogelijk anders had moeten doen en angst voor de toekomst. Wanneer je die emoties hebt durven doorvoelen kan er de aanvaarding komen en kun je heel behoedzaam weer een leven oppakken. Een leven dat nooit meer hetzelfde wordt, maar dat toch ook weer mooie dingen kan bevatten.”

Proberen te begrijpen

“Een kind dat sterft zal altijd deel uitmaken van je leven. Emma heeft gelijk: ook ik kan niet echt volledig begrijpen wat het betekent voor haar. Maar ik kan het wel proberen en begreep het bijna, toen ik het verdriet van beide ouders zag en de stem van hun dochter hoorde.”

Beeld |iStock

Annette HeffelsAnnette Heffels is psychologe. Ze is getrouwd en heeft een zoon, twee dochters en een kleinkind. Dit artikel verscheen eerder in Margriet 2019-53. Je kunt deze editie hier nabestellen

 

 

Ook interessant