Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Persoonlijk

Nog nooit verteld: ‘Als mijn moeder er niet meer is, hoef ik mijn zus nooit meer te zien’

moeder.jpg

Paula (52) had al nooit een goede band met haar zus. Nu hun moeder Alzheimer heeft, kan ze niet van haar op aan.

“Gelukkig krijgt mijn moeder er niets meer van mee. De enkele keer dat ze Vivian en mij samen ziet en er scherpe woorden vallen, is ze dat de volgende dag alweer vergeten. In alle ellende die er momenteel speelt ben ik daar nog blij om. Mijn moeder vond het vroeger al verdrietig dat haar twee dochters niet goed met elkaar overweg konden. Zelf was ze enig kind en had altijd naar een zusje verlangd. Toen ze anderhalf na mijn komst opnieuw een meisje kreeg, kon ze haar geluk dan ook niet op. Ze rekende erop dat Vivian en ik de grootste vriendinnen zouden worden. 

Altijd ruzie

Maar het heeft nooit geboterd. Vivian was drukker dan ik, ze vroeg meer aandacht en speelde al jong de baas over mij. Zat ik te kleuren, zette zij ook krassen op mijn tekening. Ze maakte mijn speelgoed stuk en stookte buurtkinderen tegen me op. Zij zal gerust haar eigen verhaal hebben, maar in mijn herinnering zat zij me altijd vreselijk dwars. We hebben heel wat vakanties verpest voor onze ouders, ruziënd in de caravan. 

“Ik vond het een bevrijding dat ik Vivian niet meer zag’

Ik weet dat mijn moeder hoopte dat het beter zou gaan als we het huis uit gingen. ‘Dan ga je je zus nog wel waarderen,’ voorspelde ze. ‘Jullie komen toch uit hetzelfde nest, dat schept een band.’ Maar ik vond het alleen maar een bevrijding, dat ik Vivian niet vaak meer zag. En behoefte om mijn zus te bellen om haar te vragen hoe het ging, nee, dat had ik nooit. Maar deels kreeg mijn moeder toch gelijk: wanneer we allebei bij mijn ouders waren, met kerst bijvoorbeeld, gingen we voortaan ment beleefd met elkaar om. En toen er kinderen kwamen, kwamen we zelfs op verjaardagen bij elkaar. Dan hielden we het ideaalplaatje van een gezellige familie moeiteloos vol. 


Ideaalplaatje verstoord

Nou, dat ideaalplaatje is tegenwoordig flink verstoord. Twee jaar geleden overleed onze vader. Hij kampte al jaren met een hartkwaal en plotseling was zijn leven voorbij. Ik had een hechte band met hem en miste hem erg. Hierna kwamen we voor de schok te staan dat onze  moeder er veel slechter aan toe was dan we wel wisten. Natuurlijk, ze was al lange tijd vergeetachtig, vertelde dingen vaak twee keer, ook wel eens drie keer; maar dat was de ouderdom, dacht ik; wat wil je als je tachtig bent. Dat ze extra in de war was na de dood van mijn vader, verbaasde me ook niet. Maar in de maanden erna werd het niet beter, alleen maar slechter. Ze bleek Alzheimer te hebben.

Zij bagatelliseerde het

Mijn vader moet haar heel lang de hand boven het hoofd hebben gehouden. Maar in haar eentje bleek ze helemaal niet te meer functioneren. Ze raakte de weg kwijt, haalde veel te veel boodschappen en zette vervolgens het wc-papier in de koelkast. Erg zorgelijk. Vivian bagatelliseerde het, ze vond dat het wel meeviel. Maar ze kwam ook veel minder vaak langs dan ik. Dat was altijd zo, haar levensmotto is ‘druk druk druk’. Ze heeft een eigen bedrijfje, waar ze hoog over opgeeft, al stelt het volgens mij maar weinig voor. Hoe dan ook, ze liet mij er telkens naartoe rijden, als de buren weer eens belden dat onze moeder al veel te lang aan het wandelen was. Het enige dat Vivian op zulke momenten herhaalde, dat was onze moeder maar naar een tehuis moest. Terwijl ik vond dat we dat zo lang mogelijk moeten uitstellen.

Mantelzorgen

Ik weet anders precies hoe het gaat, dat heb ik gezien bij mijn schoonvader. Hij had Lewy body dementie en had continu zorg nodig, mijn schoonmoeder kon het niet meer aan. Het leek een goede keuze, maar vanaf het moment dat hij in dat tehuis zat, ging hij rap achteruit. Ze draaiden zijn medicatie omhoog en binnen de kortste keren was hij een kasplantje. Zo pijnlijk. Daarom wilde ik mijn moeder zo lang mogelijk thuis laten wonen, in haar vertrouwde omgeving, met al haar buren die een oogje in het zeil willen houden. Al moest er dan van alles aan thuiszorg geregeld worden en ga ik er nog steeds meerdere keren per week heen; drie kwartier heen en drie kwartier terug. Dat is een hele belasting, al heb ik volgens Vivian ‘toch mijn handen vrij’ omdat kinderen het huis al uit zijn en ik ‘maar’ parttime werk. Maar ik doe het met liefde, het is mijn moeder. Ze heeft vroeger voor mij gezorgd, dus natuurlijk zet ik alles op alles om hetzelfde voor haar te doen. 

Sieraden ingepikt

Vivian denkt daar heel anders over. Ze woont dichterbij maar maakt nog steeds maar zelden tijd. Vooruit, ze komt om de week een uurtje op zaterdag, doet dan gezellig met een slagroomtaart van de bakker om de hoek. Maar verder laat ze haar neus niet zien. Als ik haar bel bij onverwachte spoedkwesties en haar soms huilend smeek om erheen te gaan, zegt ze bijna altijd nee. Hoe ik het dan moet regelen, of ik vrij moet nemen of mijn man moet sturen, dat interesseert haar kennelijk niet. Ik vind het zo egoïstisch. Wat haar wel interesseert, is de erfenis. Ze heeft al voorbarig een lijst opgesteld om dingen te gaan verdelen. En onlangs ontdekte ik dat er sieraden bij mijn moeder misten. Die had ze maar vast meegenomen, verklaarde ze laconiek: ‘Anders raakt mama ze toch maar kwijt.’ Woedend was ik.

‘Geen band die het waard is om te koesteren’

Nu loopt Vivians dochter van vijftien ermee rond, ik vind het ongehoord. Maar gesprekken lopen op niets uit. Mijn zus vindt mij bemoeizuchtig en vereisend, ook zou ik haar geen ruimte geven. Mijn mond valt open als ik dat hoor. De enige reden dat het nog niet volledig is geëscaleerd, is omdat mijn man meestal bij de gesprekken zit, en hij de rust zelve is. En gelukkig maar want ik zal nog even verder moeten met mijn zus. Zolang als mijn moeder nog leeft zit er niets anders op. Ik zie nu al op tegen de verkoop van het huis straks. Ook dat zal ongetwijfeld weer problemen geven. Eén ding weet ik zeker: als mijn moeder er op een dag niet meer is, dan hoef ik Vivian nooit meer te zien. Het mag dan mijn zus zijn, ik voel geen band die het waard is om te koesteren.” 

Tekst | Lydia van der Weide
Beeld | Getty Images

Ook interessant