Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Persoonlijk

Nog nooit verteld: ‘Het is niet te bevatten dat je kind zó akelig kan zijn als onze dochter’

nog-nooit-verteld-het-is-niet-te-bevatten-dat-je-kind-zo-akelig-kan-zijn-als-onze-dochter.jpg

Met haar jongste dochter heeft José een heel goede band, maar haar oudste dochter wil al jaren niets meer van haar weten. Ze noemt haar oudste kind zelfs akelig.

“Drie jaar geleden heeft onze oudste dochter het contact met ons verbroken. Dat doet pijn en als ik over haar praat, schiet ik vol. Toch voel ik ook opluchting, omdat er eindelijk rust is. Veertig jaar hebben mijn man en ik ons voor haar ingezet. We leefden van incident naar incident, er gebeurde altijd wel iets naars. Op een gegeven moment kón ik gewoon niet meer. Dus ik heb er ook wel vrede mee dat zij ons nu niet meer wil zien. Hoe ontaard ik me ook voel als moeder, als ik dat zeg.”

‘Ze was ons oogappeltje’

“Ik was 22 toen Helene werd geboren. Mijn man en ik waren zo blij met haar. Ze was ons oogappeltje, al was ze altijd wel wat afstandelijk. Van knuffelen wilde ze niets weten. En ze jokte vaak. Maar ja, kinderfantasie, dat is heel normaal toch? Tot ze op de kleuterschool een keer tegen haar juf vertelde dat mijn man en ik elkaar met messen achterna hadden gezeten. Ik schoot in de lach toen ik het hoorde, zó absurd was het. Maar de juf moest er absoluut niet om lachen. Thuis ontkende Helene dat ze dit had gezegd. En ze begon meer lelijke leugens te verspreiden, vaak over ons.”

Stelen op school

“Ook op andere manieren was ze oneerlijk. Een keer zat ik bij mijn vriendin in de tuin toen Helene blij kwam aangerend. Ze had vijftig gulden gevonden op straat! Toen mijn vriendin later vertelde dat ze de vijftig gulden miste die op haar kast had gelegen, werd ik boos. Hoe kon ze mijn dochter nou beschuldigen van stelen? Dat deed mijn kind niet! Nou, wél dus. Op de middelbare school kwam ze een keer ontdaan thuis. Er waren portemonnees gestolen uit de kleedkamers van de gymzaal. De leraar had een preek gehouden. Diep onder de indruk leek ze.

Twee weken later vond ik vijf portemonnees in haar kamer. Ze haalde haar schouders op toen ik haar ermee confronteerde. Zoals altijd bleef ze er ijskoud onder. Wat waren mijn man en ik verdrietig en boos. Toch hielden we haar de hand boven het hoofd en gooiden ’s avonds laat de portemonnees in de brievenbussen van de bestolen klasgenootjes. We wilden niet dat Helene zou worden uitgekotst. In plaats van dat ze dankbaar was, begon ze vervolgens te stelen uit de spaarpot van haar zus.”

Lees ook:
Nog nooit verteld: ‘Mijn partner is nog getrouwd’

Steun en hulp

“Lonneke was drie jaar na Helene geboren. Een totaal ander kind. Knuffelig, lief en goudeerlijk. Ik ben zó dankbaar dat we ook haar hebben gekregen. Het kon dus ook anders. En het lag dus niet per se aan óns. Want dat is wat je denkt, als ouders van zo’n opstandig kind: dat jíj iets fout doet. Dat het jouw schuld is. Die gedachte maakte ons kapot. Ondertussen ging het van kwaad tot erger met Helene. Op school was ze niet te handhaven, ze werd meermaals geschorst en soms kwam zelfs de politie erbij.

Uiteindelijk is ze vlak voor haar examen van school geschopt. En wij hielpen haar weer. Want het is toch je kind en dat blijf je steunen, wat er ook gebeurt. Ook toen ze jaren later oneervol werd ontslagen bij de marine bleven we achter haar staan. Zelfs toen steeds duidelijker werd dat de liefde maar van één kant kwam.

Uit huis

Vanaf het moment dat Helene uit huis was, deed ze namelijk steeds killer tegen ons. Vooral tegen mijn man, die al die jaren zo veel voor haar heeft gedaan, al haar woningen heeft opgeknapt. Ze hoefde maar te piepen of hij kwam, maar zij behandelde hem steeds onverschilliger. Zo belde ze me eens met de vraag of hij na zijn lange werkdag nog even een lekkage kwam repareren. ‘Natuurlijk,’ zei ik, ‘Maar hij moet wel iets eten. Een blik soep is al genoeg.’ Daar begon ze niet aan, te veel gedoe.

Ook tegen mij was ze gemeen. Toen ze weer eens een baantje zocht, regelde ik dat ze op mijn afdeling kon komen werken. Na een tijdje merkte ik dat mensen mij anders gingen behandelen. ‘Je dochter is goed losgegaan over je,’ hoorde ik uiteindelijk van iemand. Helene was er binnen de kortste keren weg. Voor mij was het daarna op mijn werk niet meer hetzelfde.”

Grote schaamte

“Ik weet werkelijk niet waarom Helene dit allemaal deed. Mijn man en ik zijn ongetwijfeld niet perfect, maar hebben wel altijd ons best gedaan. Met haar zus bleek dat meer dan genoeg, maar met Helene lukte het nooit. Lonneke heeft daar ook zo onder geleden. Die heeft zo veel verdriet van ons gezien. Want we bleven knokken. Ook toen Helene ons zwartmaakte via social media en door haar gestook onze hele familie uit elkaar viel. We zijn zelfs een hoop vrienden kwijtgeraakt. Want niemand snapt het. Niemand gelooft het. Er wordt alleen besmuikt gedaan. Mensen kunnen zich niet voorstellen dat een kind ‘zomaar’ zo is. Als Helene zo afschuwelijk doet tegen ons, móét er wel iets mis zijn met ons, wordt er gedacht. En het erge is dat ik daar ook niet echt van loskom.

‘Net te aanvaarden dat je kind zo akelig kan zijn’

De schaamte en het schuldgevoel blijven enorm. Het is niet te aanvaarden dat je kind zo akelig kan zijn. Toch probeer ik het van me af te zetten. Zij heeft haar leven inmiddels op de rit, is getrouwd en presenteert zich naar de buitenwereld als een fantastisch persoon. Ze redt zich wel, wij hoeven niet meer voor haar te zorgen. Dus toen we drie jaar geleden na een misverstand definitief de deur in ons gezicht kregen, besloten we het er zelf ook bij te laten. Liever proberen we blij te zijn met wat we wél hebben – onze andere dochter, onze kleinzoon – dan te blijven investeren in iets wat telkens weer ons hart breekt. Maar het verdriet blijft en ik vermoed dat dat nooit zal slijten.”

Tekst | Lydia van der Weide

Dit artikel verscheen eerder in Margriet 48 – 2021. Dit nummer nabestellen kan via lossebladen.nl.

Ook interessant