Persoonlijk

Zij van Jan des Bouvrie: ‘Hij leek me helemaal niet zo’n leuke man’

monique-9461-bd06ead9b1dc-2.jpg

Hoe is het om de partner van een bekende Nederlander te zijn? Deze week: interieurontwerpster Monique des Bouvrie (57), vrouw van interieurontwerper Jan des Bouvrie (77).

Monique: “Eerlijk gezegd leek Jan me helemaal niet zo’n leuke man. Een beetje arrogant. Althans, dat dacht ik voordat ik ooit een woord met hem gewisseld had. Dat beeld sneuvelde onmiddellijk toen we met elkaar in gesprek raakten.”

Enthousiasme

“Die foute inschatting zit nog wel altijd in mijn achterhoofd zodra ik iemand dreig te veroordelen zónder hem of haar te kennen. Dan fluit ik mezelf terug; je moet iemand eerst een eerlijke kans geven. Ik was destijds meteen onder de indruk van het enthousiasme waarmee Jan over zijn werk vertelde. Zijn positieve kijk op het leven en zijn lef om het avontuur aan te gaan en voortdurend nieuwe dingen te ontdekken, spraken me enorm aan. Zó wilde ik ook graag in het leven staan.”

Feeling voor ontwerpen

“Pas nadat we verliefd werden en ik voorzichtig mijn eerste schreden in het bedrijf zette, kwam ik erachter dat ik zelf ook feeling had voor het ontwerpen. Uiteraard heb ik veel van Jan geleerd, maar creativiteit moet toch vooral uit jezelf komen. Vandaar dat ik geleidelijk steeds meer de ruimte nam om mijn eigen smaak te ontwikkelen.”

Jan des Bouvrie

Grenzen aangeven

“Soms leidde dat tot bonje. En nóg gebeurt het weleens dat Jan zegt dat hij iets wat ik heb gemaakt helemaal niet mooi vindt. Dat mag. Meestal volgt dan de opmerking dat ik de spullen die ik heb besteld eerst met hem had moeten overleggen. Vroeger zei ik dan: ja-ja-ja. Nu zeg ik gewoon: nee, Jan, dat doe ik niet meer. Na meer dan dertig jaar moet je er maar vertrouwen in hebben dat ik weet wat ik doe. Klaar. Mijn grenzen aangeven, is voor mij een leerproces. Niet alleen naar Jan, ook naar anderen doe ik dat duidelijker dan voorheen.”

‘Hij was nog wilder dan ik’

“Toen Jan en ik pas bij elkaar waren, merkte ik niks van ons leeftijdsverschil. Sterker nog: hij was nog wilder dan ik. Er zat zo’n vaart in zijn leven dat ik hem af en toe amper kon bijbenen en vroeg: zullen we ook eens een avond thuisblijven? (lacht) Nu merken we wel dat Jan twintig jaar ouder is. Zijn passie is geenszins gedoofd, maar hij is wel een stuk rustiger geworden. Iedere dag is hij een paar uur op de zaak en daarna gaat hij naar huis. Hij houdt zich nu hoofdzakelijk bezig met architectuur. De interieurs worden voornamelijk door mij gedaan.”

Ook leuk om te lezen: Zij van Dan Karaty: ‘Hij praat altijd, dus als hij stil wordt moet ik me zorgen maken’

‘Het woord ‘rust’ past niet bij mij’

“Nu we ermee moeten dealen dat we niet meer in dezelfde vibe of energie zitten, getuigt het ook van liefde om elkaar de benodigde ruimte te gunnen. Ja, ik weet dat Jan in een interview gezegd heeft dat hij vindt dat ik haast heb. Dat is zíjn perceptie. Ik heb geen haast, maar . Rusten doe ik wel als ik ’s nachts slaap. Stil zitten, vind ik lastig. Ik wil dingen dóen waardoor ik de adrenaline voel en denk: ja, lekker!”

Averechts

“Dat betekent ook dat ik er af en toe even tussenuit moet om nieuwe impulsen op te doen. Als Jan dan roept dat ik wat gas moet terugnemen, werkt dat bij mij eerder averechts. Dan ga ik juist nog méér doen. Al begrijp ik zijn bezorgdheid wel. Afgelopen zomer heb ik tijdens een bepaalde yogabeweging een rugwervel gebroken. Pas na twee weken kwam ik erachter dat ie gebroken was. Ik dacht dat het een spierkwestie was en liep er ondanks de pijn gewoon mee door.”

Vele beproevingen

“We hebben in ons huwelijk vele facetten meegemaakt: de euforie van het succes, het geluk van het samen kinderen grootbrengen, maar ook de angst om elkaar te verliezen doordat we allebei met ernstige ziekte te kampen kregen. Die beproevingen hebben we goed doorstaan zodat we echt mogen zeggen dat we maatjes zijn door dik en dun. Het was altijd: rug recht, schouders naar achteren en hup dóór. Elkaar zoveel mogelijk ondersteunend.”

Jan des Bouvrie

‘Het komt goed!’

“Jan draagt het hart op de tong en is emotioneler dan ik. Ik ben bedachtzamer. Al ben ik eveneens een gevoelsmens. Ondanks mijn zelfvertrouwen kan ik af en toe nog onzeker zijn. Dat is niet erg, dat houdt me scherp. Ik vind het heerlijk om bevestiging te krijgen, maar als puntje bij paaltje komt, ga ik toch mijn eigen gang. Wanneer ik iets in mijn kop heb, zal ik alles doen om het te laten slagen. Meestal lukt dat ook. Mijn motto luidt niet voor niks: het komt goed! Zorgen maak ik me zo min mogelijk, want daar bereik je toch niks positiefs mee.”

Balans tussen binding en autonomie

“Ik ben wel bezorgd geweest hoor, ik heb weleens de fout gemaakt dat ik tegen Jan zei dat hij moest stoppen met roken. Dat werd me niet in dank afgenomen. Hij wenst niet door mij bemoederd te worden en daar heeft hij gelijk in. Zelf vind ik het ook niet fijn als hij me zegt wat ik moet doen. In een relatie draait het om de balans tussen binding en autonomie. Oftewel: wat doe je samen en wat doe je los van elkaar?”

‘Gek en trots op elkaar’

“Dat laatste doen we nu wat vaker. Als Jan geen zin of puf heeft om naar een feestje te gaan, ga ik alleen. Vroeger zou ik dat nooit hebben gedaan, maar nu merk ik dat ik daar alleen maar sterker door word. We zijn inmiddels vierendertig jaar samen, maar never a dull moment. We zijn nog steeds gek en trots op elkaar. Jan kan nog op zo’n vertederende manier naar me kijken, dan zie ik zoveel liefde in zijn ogen, dat voelt voor mij ongelooflijk fijn.”

Tekst | Mieke van Wijk
Fotografie| Marloes Bosch

Artikelen van Margriet ontvangen in je mailbox?
Schrijf je in op margriet.nl/nieuwsbrief.

Dit artikel verscheen eerder in Margriet 2020-02. Je kunt deze editie nabestellen via magazine.nl.

Ook interessant