Persoonlijk

‘Dat mijn moeder er nog bij is met kerst, mag een kerstwonder heten’

jacqueline1.jpg

Elk jaar viert Jacqueline Bouwmeester (50) kerst bij haar ouders. Dat haar moeder nog steeds daarbij is, mag een kerstwonder heten.

“Alsof ik het aanvoelde zei ik voor de operatie nog tegen mijn moeder: ‘Geen gekke dingen doen, hè?’ Best een vreemde opmerking, want mijn moeder ging onder het mes voor een simpele ingreep”, vertelt Jacqueline. “Maanden eerder had ze tijdens een operatie aan haar darmen een stoma gekregen, en die zou nu worden verwijderd.”

In coma

“Het was herfstvakantie en ik ging met mijn gezin een paar dagen weg. De operatie leek geslaagd en mijn moeder belde me dat ze naar huis mocht. Maar na dat telefoontje is ze ingestort. Ik kreeg opnieuw een belletje terwijl ik in de speeltuin zat, dit keer van mijn vader. Hij vertelde me dat mijn moeder een gevaarlijke ziekenhuisbacterie had opgelopen. Ze werd in coma gehouden en het ging heel slecht met haar. Ik schrok me rot. Het was bizar, haast niet te bevatten. Het ene moment was alles goed en mocht ze bijna naar huis, het andere moment lag ze op de intensive care en moesten we rekening houden met het ergste.”

Kwetsbaar

“Het was ontzettend moeilijk om mijn moeder zo ziek te zien. Daar lag ze dan, bleek en breekbaar in het ziekenhuisbed, met slangetjes in haar neus en ontelbaar veel piepende apparatuur om haar heen. Elke dag hadden we zware gesprekken met de behandelend artsen. Tot vier keer toe kregen we een telefoontje van het ziekenhuis dat we onmiddellijk moesten komen, omdat het heel slecht met haar ging en het weleens snel afgelopen kon zijn. Dan racete ik naar het ziekenhuis – een keer zelfs op de verjaardag van mijn jongste dochter. Wat voelde ik me machteloos, als ik haar zo ziek en kwetsbaar zag liggen.”

‘Langzaam kwam er meer leven in haar’

“Er kwamen steeds nieuwe ontstekingen bij haar darmen door die vervelende en hardnekkige bacterie. Mijn moeder werd maar liefst tien keer in veertien dagen geopereerd. Soms zagen we op de monitor haar hartslag bijna wegvallen. Maar als mijn vader tegen haar begon te praten, dan werd haar hartslag weer sterker. Tegen alle verwachtingen in krabbelde ze toch overeind. De ontstekingen werden minder en ze werd uit de kunstmatige coma gehaald. Langzaam kwam er meer leven in haar. De artsen en verpleegkundigen noemden haar het mirakel van de IC. Ik wist dat mijn moeder een doordouwer en vechter was, maar nu bewees ze dat dubbel en dwars.”

Langzaam weer de oude

“De weg naar herstel was zwaar omdat mijn moeder door alle narcose erg was verzwakt. Op mijn verjaardag ging ik bij haar langs, samen met mijn destijds tweejarige dochter Anna. Zij herkende mijn moeder amper: ze was sterk vermagerd, had een slangetje in haar neus en zat in een rolstoel. Kortom: ze leek in niets op die vrolijke, energieke oma die altijd een dag per week op haar paste. Ik zag aan Anna dat ze zich afvroeg wie die vreemde vrouw toch was. Ineens begon mijn moeder met een zachte, krakende stem het kinderliedje te zingen dat ze altijd voor Anna zong. Verbaasd keek mijn dochtertje op, haar ogen glansden bij de herkenning van ‘hun’ liedje. Ik zag dat ze besefte: hé, dat is mijn oma. Een heel mooi moment, omdat het betekende dat mijn moeder langzaam weer de oude werd.”

Kerstsfeer

“Inmiddels was het bijna kerst. We gingen er allemaal vanuit dat mijn moeder niet met de feestdagen naar huis zou komen, ze was immers zo ontzettend ziek geweest. Ook de artsen zeiden dat we hier niet op moesten rekenen. Maar een dag voor Kerstmis belde mijn vader mij opgetogen op: ‘Je moeder mag morgen toch een paar uurtjes naar huis.’ Ineens moest er van alles worden geregeld. Mijn vader had het huis helemaal niet versierd, omdat hij daar zonder mijn moeder geen zin in had. Zij was altijd degene die het huis in kerstsfeer bracht. Dan lag de hele eettafel bezaaid met takken, kaarsen en ballen waarmee ze de mooiste kerststukjes flanste.”

Kerstboompje

“Snel maakten we de huiskamer in orde: we sjouwden een bed naar binnen en hingen de kerstkaarten op. Ik haastte me naar de winkel voor een kerststukje voor op tafel, maar alles was uitverkocht. Wel stond er nog één klein kerstboompje, alsof het op mij wachtte. Die nam ik mee, en we versierden ’m vlug voordat mijn moeder thuiskwam.”

Lichtpuntje

“Het was niet onze meest uitbundige kerst, maar wel de meest bijzondere. We dronken koffie en konden rustig bijpraten, wat in het ziekenhuis toch vaak lastig was door de drukte. Vrienden van mijn ouders brachten ons eten, want ook dat was niet in huis. Die kerst was ik voor het eerst sinds twee maanden weer ontspannen. Na weken van onzekerheid en angst was het een lichtpuntje dat mijn moeder weer even thuis was op eerste kerstdag.”

‘Sindsdien geloof ik in kerstwonderen’

“Het gaf mij vertrouwen dat het goed zou komen met haar. Die kerst is inmiddels elf jaar geleden, maar sindsdien geloof ik in kerstwonderen. Ik realiseerde me namelijk dat het ook heel anders had kunnen aflopen. Het had er alle schijn van dat mijn moeder het ziekenhuis niet levend zou verlaten, toch was het ons gegeven om dit feest samen te vieren. Met mijn moeder gaat het nu heel goed, en zoals altijd vieren we dit jaar met de hele familie kerst bij mijn ouders thuis. Dan zijn we compleet, precies zoals het hoort.”

Beeld | Privébezit
Tekst | Anne Broekman

Artikelen van Margriet.nl ontvangen in je mailbox? Schrijf je in op margriet.nl/nieuwsbrief.

 

Ook interessant