Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Persoonlijk

Mijn verhaal: ‘Dwars door de dementie heen zag ze mijn verdriet’

mijn-verhaal-dwars-door-de-dementie-heen-zag-ze-mijn-verdriet.jpg

Deze week in Mijn verhaal vertelt Anita van den Berg over een dierbaar moment op haar werk in een woonlocatie met mensen die lijden aan dementie. Eén vrouw zal haar altijd bijblijven: op een moment dat Anita met verdriet in een overleg zat, kwam zij haar troosten.

“Door de dementie heen ving ik soms een glimp op van de lieve, zorgzame vrouw die ze ooit was.”

‘Jantje, want zo heet ik’

“In de kleinschalige woonlocatie waar ik werk, wonen mensen die lijden aan ­dementie. Met ons team proberen we de bewoners een zo ‘normaal’ mogelijk leven te bieden. Dat houdt in dat zij ons helpen met het verzorgen van de huisdieren en de tuin, met koken enzovoorts. Onze bewoners geven zelf aan hoe ze aangesproken willen worden, bijvoorbeeld met ‘mevrouw’ of ‘meneer’ of – zoals Jantje, bij haar voornaam – ‘want zo heet ik’. Jantje had veel meegemaakt in haar leven. Ze woonde nu apart van haar derde echtgenoot en het duurde lang voordat ze minder ging vragen of ze weer naar hem toe mocht.

Lees ook:
Mijn verhaal: ‘Ik was pas drie toen mijn moeder met de noorderzon vertrok’

‘Ze vond het fijn als je haar hand vastpakte’

Ze was altijd een bezige bij geweest en dat bleef ze ook nu nog, bij ons. Haar handen stonden niet stil. Maar waar ze vroeger ongetwijfeld mooie sokken en truien had gebreid, was haar activiteit nu teruggebracht naar het oprollen van de wol. Aardappelen schillen deed ze ook elke dag en ze was een zeer gewaardeerde afdroger tijdens de afwas. In de nacht ging ze door met de voor haar logische handelingen. Voor mij, als ik nachtdienst had, was dat weleens frustrerend: had ik haar net lekker toegestopt, trof ik haar vijf ­minuten later weer op de gang. En dan begonnen we ­opnieuw. Ze vond het fijn als je haar hand vastpakte en deed dat ook terug. Ze was goedlachs en hield van zingen. En door de dementie heen ving ik soms een glimp op van de lieve, zorgzame vrouw die ze ooit was. Zoals die ene keer.

‘Een moment om te koesteren’

Ik was getroffen door Covid-19 en probeerde uit alle macht terug te komen op deze voor mij zo fijne werkplek. Tijdens de koffie zag ik mijn collega’s aan de eettafel tijdens het rapporteren. Er werd wat gepraat. Maar ik was zo moe… Zó moe dat ik bijna in slaap viel. Ik deed ongelooflijk mijn best om wakker te blijven, maar ik voelde me zo beroerd… Mijn collega’s praatten door, terwijl ik merkte hoe – overmand door onmacht en frustratie – de tranen over mijn wangen liepen. En toen opeens voelde ik dat iemand over mijn haar streek, en mijn nek en schouders een beetje masseerde. Ik keek omhoog en daar stond Jantje.

Dwars door de dementie heen zag ze mij met mijn verdriet. En waarschijnlijk deed ze wat ze zo vaak had gedaan in haar leven: er zijn en troost bieden. Een moment om te koesteren. Voor mij is dit een heel dierbare herinnering aan mijn mooie werk en aan deze bijzondere vrouw.”

Beeld | Getty Images

Ook interessant