MT35 M35 Nog nooit verteld Beeld Redactie
Beeld Redactie

PREMIUM

‘Mijn moeder hield niet van me. Dacht ik. Tot ik haar dagboeken las’

Haar hele leven al voelt Eva zich niet gewenst door haar moeder. Als zij naar een verzorgingshuis moet en Eva haar huis uitruimt, doet ze een vondst die alles verandert.

“Ik ga elke week twee keer naar mijn moeder in het verzorgingshuis. Dat is vaak passen en meten, maar ik doe het met liefde. Ik geniet van de momenten dat we samen zijn, al herkent ze me zelden. Maar ze is vrolijk. Veel vrolijker dan ze vroeger was. Blijkbaar doet het haar goed dat haar pijnlijke herinneringen zijn uitgewist en is de dementie voor haar een zegen. Ik ben blij dat ik haar nog op deze manier meemaak. En dat ik met een zachtere blik naar haar kan kijken. Dat ik nu, op de valreep, nog zo veel liefde voor haar voel, ervaar ik als een cadeau.”

“Voor mij begon het leven toen ik acht was, toen mijn ouders gingen scheiden. Van daarvoor weet ik niets meer, maar de ruzies van toen herinner ik mij helaas maar al te goed. Opeens woonde mijn vader ergens anders. Ik miste hem en was blij als ik af en toe een weekend naar hem toe kon. Thuis had ik een moeder die niets anders deed dan huilen. Ze was zwijgzaam en kwam ’s ochtends niet eens voor mij uit bed. Ik moest mezelf aankleden en ging zonder ontbijt naar school. Bij mijn vader ging het er heel anders aan toe. Ik werd daar erg verwend, kreeg lekker eten en mocht tot laat televisiekijken. De nieuwe vriendin van mijn vader was hartelijk. Maar mijn moeder wilde daar niets van horen. Die noemde haar een heks en de kleren en het speelgoed dat mijn vader me gaf, gooide ze weg. Wat voelde ik dan me eenzaam en verdrietig.”

Geen moederrol

“Het heeft jaren geduurd voordat ik kon inzien dat mijn moeder indertijd een zware depressie moet hebben gehad. Dat ze hulp nodig had. En ik ook, als kind op de basisschool dat tussen wal en schip viel. Ook weet ik nu dat het niet juist was van mijn vader om me zo in te palmen en op die manier oorlog te voeren tegen mijn moeder. Maar toen ik dit besefte was de slechte band met mijn moeder al een feit. Ik trok me terug en ook zij had haar weg gevonden om zich beter te voelen. Ze stortte zich op haar werk, klom op tot hoge functies en was ’s avonds altijd druk aan het bellen. Ik sloot me dan op in mijn kamer, wilde haar niet tot last zijn. Ze riep me dan nooit eens. Ze kon gewoon niets met de moederrol, leek het wel. Waarom was ze eigenlijk überhaupt moeder geworden?”

Altijd kritisch

“Op mijn zestiende ging ik bij mijn vader wonen. Ik herinner me dat mijn moeder gekwetst reageerde toen ik dat vertelde. Ze kreeg tranen in haar ogen en ik moest op mijn lip bijten om niet cynisch te lachen. Je hebt geen idee hoe eenzaam ík hier ben geweest, hoeveel tranen ik al heb gelaten, dacht ik. Ik sloeg de deur achter me dicht en kwam jarenlang bijna niet meer thuis. Ook omdat mijn moeder altijd zo kritisch tegen me was. Ik maakte geen carrière, rondde zelfs niet eens mijn studie af. Dat keurde ze af. Net als het feit dat ik al vrij jong trouwde en grotendeels afhankelijk werd van mijn man, terwijl zij mij altijd had ingeprent dat ik dat nooit mocht laten gebeuren.”

“Dat ze daarin gelijk had, bleek wel toen ook ik ging scheiden terwijl mijn kinderen nog klein waren. Maar de laatste bij wie ik daarover wilde uithuilen was mijn moeder. Ik werd in die tijd alleen maar bozer op haar. Ik deed er alles aan om goed contact te houden met mijn ex, stelde altijd het belang van de kinderen voorop. Waarom had zij dat niet gekund? ‘Omdat ze ijskoud is,’ zei ik dan tegen mezelf. En tegen iedereen die het maar wilde horen.”

MT35 M35 Nog nooit verteld Beeld

Kist vol papieren

“Hoewel onze band na haar pensioen verbeterde en ze geregeld liefdevol voor haar kleinkinderen zorgde, bleef een deel van mij haar altijd wantrouwen. Echt warm en hartelijk is het nooit tussen ons geworden, daarvoor was er gewoon te veel stuk. Dat had altijd zo kunnen blijven. Als ik haar huis niet had leeggehaald. Als ik niet op haar oude dagboeken was gestuit. Tot op de dag van vandaag vind ik het wonderlijk dat ze die nooit heeft weggegooid. Dat past namelijk totáál niet bij de vrouw die ze was geworden. Of zou ze juist hebben gewild dat ik ze vond? Dat zal ze me nooit meer kunnen vertellen. Op het moment dat ze naar het verzorgingshuis ging was ze al te ver heen. Haar huis was keurig netjes, ze hechtte nooit aan spullen. Alles ging in de verkoop, want ik hoefde al die dingen niet. Het enige wat naar mijn huis verhuisde, was dus een kist met persoonlijke paparassen.”

“Toen ik twee weken thuis zat door corona ben ik erin gaan kijken. Ik vond brieven die mijn ouders elkaar hadden geschreven tijdens hun verkeringstijd. Vurige, liefdevolle brieven die mij een vreemd gevoel gaven. Mijn vader herkende ik er wel in, maar mijn moeder niet. Dat was ook zo toen ik haar dagboeken las. Ik had ze al bijna ongelezen weggedaan, toen ik op een schrift stuitte van mijn geboortejaar. De liefde voor mij die ik daarin las, bracht me in een mum van tijd in tranen. Mijn eerste lachje, mijn eerste stapjes. En o, wat was ze trots. De vrolijke vrouw die ik leerde kennen daar op die pagina’s, tot ik een jaar of zes was, moet zijn verdwenen toen mijn vader haar bedroog. Ik vind het intens verdrietig dat zij die vrouw van daarvoor nooit heeft teruggevonden. Voor haar. Voor mij. Voor ons samen. De tijd is voorbij en is niet meer in te halen. Maar doordat ik nu weet dat ze wel degelijk van mij heeft gehouden - heel veel zelfs, ik was enorm gewenst! - kan ook míjn liefde stromen. De vondst van die dagboeken is het mooiste cadeau dat ik kon krijgen. De bitterheid van een heel leven is weg. Want ik heb eindelijk mijn moeder gevonden.”

De namen in deze tekst zijn vanwege privacyredenen gefingeerd.

Lydia van der WeideRedactie

Op alle verhalen van Margriet rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@margriet.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden