Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Persoonlijk

Maureen: ‘Ik weet dat mijn zus niet meer beter wordt’

maureen-ik-weet-dat-mijn-zus-niet-meer-beter-wordt.jpg

Ook, of misschien wel júíst, in coronatijd aandacht vragen voor kanker, dat wilden vriendinnen Mirjam en Maureen. Dus kochten ze een tandem en fietsten daarop van Friesland naar Frankrijk. Na dertien dagen bereikten ze de top van de Alpe d’Huez. Hoe was die emotionele reis? Maureen vertelt over deze bijzondere tocht, die ze onder andere deed voor haar zus en vriend met kanker.

Maureen Claassen (57) heeft 23 jaar een relatie. Uit een eerdere relatie heeft ze een dochter van 28.

‘Ik wilde iets doen wat me onmogelijk leek’

“Ik was sportief, maar op een racefiets zat ik nooit. Desondanks reageerde ik meteen enthousiast toen Mirjam met het plan kwam om aan Alpe d’HuZes deel te nemen. Ik wilde iets doen wat me onmogelijk leek. Als eerbetoon aan al die mensen die te horen krijgen dat zij – of hun naasten – kanker hebben. Want dat is pas echt iets onmogelijks om mee om te gaan. Bijvoorbeeld voor mijn zus, met wie ik maar een jaar scheel.”

Al vijftien jaar borstkanker

“Vijftien jaar geleden kreeg ik tijdens de vakantie nauwelijks reacties op de foto’s die ik haar stuurde. Stom vond ik dat. Eenmaal thuis hoorde ik waarom: ze had borstkanker. De grond sloeg onder mijn voeten vandaan. Ze was pas begin veertig, met twee jonge kinderen. Waarom zij? dacht ik. Mijn zus had al zo veel pech in haar leven gehad, dit was het laatste wat ze verdiende. Zo oneerlijk. Godzijdank is ze er nog steeds, maar inmiddels is haar kanker wel uitgezaaid. Ik weet dus dat ze niet meer beter wordt. Het kost me moeite om dat hardop te zeggen. Het doet zo’n zeer. Ondanks alles blijft zij intussen positief, elke operatie en elke chemo weer. Ze is heel strijdbaar en laat al vijftien jaar keer op keer een ongelofelijke kracht zien. Daar heb ik enorme bewondering voor.”

Donderslag bij heldere hemel

“Ik stapte niet alleen op de fiets voor haar, maar ook voor mijn vriend, die aan een agressieve vorm van kanker lijdt. In verband met zijn privacy deel ik zijn naam en specifieke diagnose liever niet. Drie jaar geleden ging hij, zonder dat ik het wist, naar de huisarts. Die gaf hem het slechte nieuws. Daarna belde mijn vriend me op mijn werk. ‘Je moet nu naar huis komen,’ zei hij. Ik zie hem nog op de bank zitten. ‘Ik heb kanker,’ zei hij. Dat bericht kwam als een donderslag bij heldere hemel. Ineens snapte ik waarom hij de weken ervoor zo stil was geweest, en een kort lontje had gehad.”

‘De onbevangenheid en onbezorgheid was in één klap weg’

“De zwaarste klap moest echter nog komen toen uit een scan bleek dat zijn kanker al was uitgezaaid. Nu wordt het nooit meer zoals het was, schoot er door mijn hoofd. De onbevangenheid en onbezorgdheid van onze liefde was in één klap weg. Voor de zekerheid zijn we nog vanuit Friesland naar Amsterdam gereden voor een second opinion. Maar het oordeel was daar hetzelfde. Mijn vriend kreeg chemotherapie en hormoon-therapie, een behandeling die gemiddeld drie tot vijf jaar aanslaat. Inmiddels zijn er daarvan drie om. Tot nu toe gaat het gelukkig goed met hem, maar de prognose hangt wel dag en nacht als een zwaard van Damocles boven ons hoofd.”

Een groot geheim

“In eerste instantie wilde mijn vriend dat niemand van zijn kanker zou weten. Hij werkte ook gewoon door, zelfs toen hij midden in de chemokuren zat. Natuurlijk gunde ik het hem om op zijn eigen manier met zijn ziekte om te gaan, maar ik vond dat wel heel moeilijk. Binnenshuis was de kanker alom aanwezig, buitenshuis bestond die niet. Omdat het een groot geheim was, kon ik er met niemand over praten. Gaandeweg deelde hij de diagnose gelukkig wel met een aantal dierbaren, zoals zijn kinderen en mijn zus. Dat was een hele opluchting.”

‘Alles was veranderd’

“Intussen moesten hij en ik onze relatie opnieuw uitvinden. Alles was veranderd, mentaal, emotioneel en lichamelijk. Mijn vriend was bang dat hij me niet meer genoeg kon bieden, ik dat ik niet meer volledig van hem kon houden, uit angst voor de pijn van het afscheid dat onherroepelijk gaat komen. Dat had ons uit elkaar kunnen drijven, maar het tegenovergestelde gebeurde. Onze liefde is zo groot en sterk gebleken. Elke dag samen is daar een positieve bevestiging van. Daar heb ik onderweg naar Frankrijk veel over gedacht. Ik houd zielsveel van hem. Door zijn ziekte is onze relatie nog specialer en intenser geworden. We zijn ons daar allebei heel bewust van. Dat is een onverwacht en heel waardevol cadeau.”

Gedeelde passie voor gezond leven

“Het liefst had ik de fietstocht naar Frankrijk met hem gemaakt. Nu dat lichamelijk niet meer gaat, had ik me geen beter maatje kunnen wensen dan Mirjam. Het is heel bijzonder om iemand gevonden te hebben om dit avontuur mee te kunnen delen. Mirjam en ik hebben elkaar via het werk leren kennen – ik ben jobcoach voor verschillende medewerkers van haar supermarkt. Al snel ontdekten we onze gedeelde passie voor gezond leven en zijn we samen gaan sporten. Daar is een diepgaande vriendschap uit voortgekomen – al bewegend is het vaak makkelijker om persoonlijke dingen te delen dan als je tegenover elkaar zit.”

Bonje onderweg

“We vullen elkaar ook heel goed aan. Mirjam is een ondernemer in alles wat ze doet. Zij heeft zo’n fantastische energie! Voordat ik iets heb bedacht, heeft zij het al georganiseerd. Ik ben wat bedeesder dan zij, laat me niet snel van mijn stuk brengen. Beide eigenschappen kwamen tijdens onze monstertocht goed van pas: zij moedigde mij aan, ik stelde haar gerust.

Natuurlijk hebben we onderweg ook weleens bonje gehad. Wat wil je, als je moe en hongerig door de stortregen fietst en geen slaapplaats kunt vinden. Reken maar dat je elkaar dan écht leert kennen! Gelukkig zijn we te oud en te wijs om irritaties te laten sudderen. Die hebben we dus meteen uitgesproken.”

Onbaatzuchtig

“Wat gedurende die twee weken de meeste indruk op me heeft gemaakt, was de oprechte interesse en behulpzaamheid van wildvreemde mensen. Geheel onbaatzuchtig, zonder er iets voor terug te hoeven. Ik weet nog dat we op een gegeven moment bij een kruispunt langs de weg stonden om de route te zoeken. Naast ons stopte een busje. ‘Kan ik helpen?’ riep de chauffeur. Hij gebaarde ons achter hem aan te rijden. Op een parkeerplaats legde hij uit hoe we het beste konden fietsen. Hij reeds zelfs nog een stukje voor ons uit. Zomaar. Een andere keer zat onze fiets zo vol modder, dat we nauwelijks nog vooruitkwamen. Drie jongetjes op crossfietsen hebben ons toen uit de brand geholpen. Ze leiden ons een kwartier lang door een woonwijk, om uiteindelijk bij een sportcomplex te belanden. Daar was een kraan mét tuinslang, waarmee we onze fiets konden schoonspuiten.”

Buitengewone ontmoetingen

“Zo hadden we veel meer buitengewone ontmoetingen. Bijvoorbeeld toen we in een donker bos reden en er een oude Peugeot voor ons stopte. Ik was meteen op mijn hoede. Onterecht, want de persoon die uitstapte was een lokale journaliste. Ze had ons zien rijden en wilde graag een stukje over ons schrijven. Zo leuk! Al die mensen namen echt de tijd voor ons. Hun aandacht deed me zo veel goed. Ze zetten me ook aan het denken: waarom stel ik zelf eigenlijk niet vaker spontaan vragen? Of bied ik een onbekende hulp aan? Naar aanleiding van deze reis heb ik mezelf dus de opdracht gegeven om dat meer te gaan doen.

Die bijzondere verbinding voelde ik trouwens niet alleen met de mensen onderweg, maar ook met de thuisblijvers. Al fietsende deden we op sociale media verslag van onze reis. Elke avond las ik de warme reacties en berichtjes. Soms van mensen die ik jaren niet had gesproken, of zelfs helemaal niet kende. Al die betrokkenheid en steun gaf me een enorme boost.”

Geen enkele blessure

“Lichamelijk waren we uitstekend voorbereid. We hadden als training bijvoorbeeld van Vlissingen naar Friesland gefietst, en van Friesland naar Valkenburg. Maar of je fit genoeg bent om dertien dagen achter elkaar gemiddeld meer dan honderd kilometer per dag te fietsen, weet je vooraf natuurlijk niet. Uiteindelijk viel de tocht me honderd procent mee; ik heb geen enkele blessure gehad. Het was dat onze mannen ons bij Alpe d’Huez ophaalden, anders had ik ook best terug willen fietsen.

Overigens was het wel heel speciaal om na 1.431 kilometer door mijn vriend te worden opgewacht. ‘Neem je fiets mee,’ had ik tegen hem gezegd. Dat wilde hij niet. Eenmaal aangekomen bleek hij in het dorp toch een racefiets te hebben gehuurd, zodat hij alsnog mee naar boven kon fietsen. Dat ontroerde me enorm.”

‘Het verdriet overweldigde me’

“De laatste etappe, omhoog naar de Alpe d’Huez, vond ik het allerzwaarste onderdeel van de hele reis. Onderweg ging ik helemaal stuk. ‘Dichter bij dierbaren met kanker dan op Alpe d’Huez kom je niet,’ zeggen mensen die de berg op zijn geweest. Zo voelde het voor mij ook. Het verdriet overweldigde me, om mijn zus, mijn vriend, mijn moeder die afgelopen januari aan darmkanker overleed, de vriendin die nu borstkanker heeft, en al die anderen. Eén voor één heb ik ze in gedachten langs laten komen. De emoties zetten zich vast in mijn lijf, ik kwam amper nog vooruit. Wat voelde ik me ellendig. Gelukkig was daar toen Mirjam, die me vol enthousiasme naar boven schreeuwde. Zonder haar had ik het misschien niet gered.”

Geen idee wat de toekomst brengt

“In mijn hoofd had ik een romantisch beeld van de top van de berg. Op het hoogste punt zouden we onze Tibetaanse vlaggetjes ophangen en onze gedenkkaarsen aansteken. In werkelijkheid bleek de top meer een soort plateau, met bosjes. Uiteindelijk hebben Mirjam en ik daar samen een plekje uitgezocht en er een eigen monumentje gecreëerd. Toen ik de vlaggetjes met persoonlijke boodschappen zag wapperen, wist ik: hier hebben we het voor gedaan. En voor de aandacht voor kanker, en het ingezamelde geld. Die staan immers symbool voor hoop. Hoop op betere behandelingen, en wellicht ooit genezing. Hoop op meer tijd samen. Hoop op een betere toekomst, kortom. Voor veel kankerpatiënten en hun naasten is dat het enige wat ze nog hebben. Die mag door corona niet naar de achtergrond verdwijnen.

Ik heb geen idee wat de toekomst mijn zus, mijn vriend en mij brengt. Wat ik wel weet, is dat ik van elk moment met hen ga genieten. En ondertussen trainen Mirjam en ik lekker verder. Waar onze volgende reis ons ook brengt, deze fantastische ervaring neemt niemand ons meer af.”

Benieuwd naar hoe Mirjam deze bijzondere reis heeft ervaren? Lees dan hier haar verhaal.

Tekst | Marte van Santen
Fotografie | Mariel Kolmschot

Ook interessant