Persoonlijk

Marlijn Weerdenburg: ‘Ik bewonder de veerkracht van mijn moeder’

hr_m47-marlijn-weerdenburg_6044-1.jpg

Presentatrice Marlijn Weerdenburg (37) was vroeger niet bepaald blij met de eeuwige structuur van haar moeder. Tegelijkertijd gaf die haar een superveilige basis. “Voor het kind dat ik ben, dat altijd de grenzen wil opzoeken, is dat heel goed geweest.”

Het is de tweede week van de verplichte coronaquarantaine wanneer we een telefonisch interview met Marlijn hebben. Ze zit verscholen in het souterrain van haar Amsterdamse woning, vriend Paul houdt in de keuken zoontje Teun bezig. Het is voor het hele gezin even omschakelen geweest. Van altijd bezig, druk en uithuizig naar gedwongen thuiszitten en op elkaar aangewezen zijn. “Dat voelt gek, maar ik denk dat het voor mij ook goed is om even stil te staan”, zegt Marlijn. “Ik ben altijd met van alles en nog wat in de weer. Dat is nu allemaal even gestopt. De wereld is heel overzichtelijk en klein, wat ook wel iets heeft.”

Marlijn Weerdenburg

Paul en zij nemen de maatregelen heel serieus en komen alleen buiten om boodschappen te doen. “Als wij niemand besmetten, helpt dat anderen. We zien onze ouders om die reden al twee weken niet. Dat is heel raar, want normaal komen we een paar keer peer week bij elkaar over de vloer. Ik mis mijn ouders heel erg en zij mij en vooral Teun ook. We videobellen elke dag, zodat ze Teun kunnen zien en aan elkaar gewend blijven. Los daarvan bel ik elke dag nog even met mijn moeder, om te praten over wat er speelt.”

Speelt je moeder een belangrijke rol in je leven?
“Ontzettend. We zijn geen gezin dat eens in de zoveel weken bij elkaar op visite gaat, we zijn onderdeel van elkaars leven. Mijn ideaalbeeld is een Italiaanse familie, met lange, gedekte tafels waar je lekker met elkaar aan gaat eten. Oma past op de kleinkinderen, moeder staat te koken, iedereen heeft een eigen taakje, alles leeft en gaat. Ik denk dat wij dat ergens wel hebben.”

Waren jullie altijd al hecht met elkaar?
“We deden veel samen, maar het was niet dat alles maar kon. Ik houd zelf van een huishouden van Jan Steen; in de zin dat iedereen kan binnenvallen, een vriend die spontaan blijft eten, luidruchtige verjaardagen. Bij ons thuis was het veel strenger en keuriger. Vriendinnetjes ploften bij thuiskomst neer op de bank, maakten een pak koek open en schonken cola in. Bij ons was het schoenen uit als je binnenkwam, handen wassen, geen voeten op de bank en zeker niet zelf iets uit de snoeptrommel halen. Cola hadden we sowieso nooit.” (lacht)

Voorbeeld

Hadden je zus en jij zo’n strenge aanpak nodig?
“Het was het voorbeeld dat mijn moeder van huis uit had meegekregen. Dat was gewoon hoe het was. Heel behouden en terughoudend, ook omdat er echt geen geld was voor uitspattingen. Mijn vader verloor zijn vader al op jonge leeftijd en is op z’n veertiende in de haven gaan werken om geld te verdienen voor zijn broertjes en zusje. Nadat hij mijn moeder op z’n twintigste leerde kennen, heeft hij zichzelf twaalf jaar naast zijn werk bijgeschoold tot werktuigbouwkundig ingenieur. Mijn moeder was de spil in huis die ervoor zorgde dat we het redden met het geld, dat we het goed hadden, dat we precies genoeg boodschappen hadden om het een week uit te zingen en dat het huis schoon was.”

Hoe was je band met haar?
“Heel close. De eerste vier jaar van mijn leven ben ik geen minuut uit de buurt van mijn moeder geweest. Haar motto was: rust, reinheid en regelmaat. Ze creëerde daarmee een heel overzichtelijke, rustige wereld, waar ik me later tegen ben gaan afzetten. Als ik kijk naar mijn leven nu, dan is het: hoe meer afwisseling, hoe beter. Zelfs nu we gedwongen thuiszitten, bedenk ik taakjes in huis en in de tuin om mezelf te blijven uitdagen. De eeuwige structuur van mijn moeder heb ik af en toe vervloekt, omdat het zo veel van hetzelfde was. Tegelijkertijd heb ik daardoor een superveilige basis gekregen. Voor het kind dat ik ben, altijd de grenzen willen opzoeken, is dat heel goed geweest.”

Botsten jullie vaak?
“Ik herinner me een paar grote ruzies in mijn puberteit, maar verder zei mijn moeder vooral: ‘Zo gaan we het doen.’ Zo vond ze het heel spannend als ik uitging. Ik mocht weg, maar dan moest ik worden thuisgebracht. Dat vond ik zó irritant. Wie wilde mij nou naar een nieuwbouwwijk in Den Bosch brengen? Mijn moeder voelde dondersgoed aan dat ze me zo nog een beetje in toom kon houden, waar ze helemaal gelijk in had. Ze heeft achteraf ook weleens gezegd dat ze blij en dankbaar was dat ik op mijn vijftiende een lange relatie kreeg met Bas, een keurige zestienjarige jongen met wie ik in het weekend lekker op de bank films keek.”

Je omschrijft je moeder nu als je beste vriendin. Voelde dat toen ook al zo?
“Nee, totaal niet. Ze was echt mijn moeder die me dingen moest leren en van wie ik veel dingen wel en nog veel meer dingen niet mocht.” (lacht) “Ik durfde ook lang niet alles tegen haar te zeggen. Onderwerpen als verliefdheid, zoenen, liefde en alcohol vond ik ingewikkeld. Voor mijn gevoel moest ik keurig en netjes zijn en was daar geen ruimte voor. Pas toen ik op kamers ging wonen, durfde ik me kwetsbaarder op te stellen. Ik ben niet goed met veranderingen en hing elke avond huilend aan de telefoon. Vanaf dat moment ben ik steeds meer met haar gaan delen.”

Transformatie

Is er openheid om alles te bespreken?
“Dat is steeds meer gegroeid, ook omdat ik als twintiger een flinke transformatie heb doorgemaakt. De opleiding die ik heb gedaan, de Toneelschool en Kleinkunstacademie, vroeg veel van mij en van mijn moeder, omdat ik moest uitvinden wie ik was en waar ik voor stond. Dat was een psychologisch proces waarin ik mijn moeder veel meer ben gaan opzoeken. Ik had toentertijd een relatie met een vrouw die heel open was, dus als we bij mijn ouders thuis waren, gooide zij ook veel op tafel. Dat leverde heel vrije gesprekken op.”

Hoe reageerde het thuisfront op je biseksualiteit?
“Ik heb het eerst aan m’n moeder verteld, daarna aan m’n vader. Dat is typerend voor hoe het binnen ons gezin werkt. Mijn moeder moest even wennen, omdat ze het nooit had zien aankomen. Dat snap ik heel goed. Maar ik ben haar kind, dus wat maakt haar het uit met wie ik ben? Als ik maar gelukkig ben. Dat heeft ze altijd tegen me gezegd en daar heeft ze zich altijd aan gehouden, ook met mijn opleiding. Ik kon goed leren en had kunnen gaan studeren aan de universiteit, maar ik wilde zingen en acteren. Dat was even slikken voor mijn moeder, zeker toen ik na drie jaar conservatorium zei dat ik opnieuw wilde beginnen op de Toneelschool. Maar mijn moeder is altijd heel veerkrachtig geweest. Dat vind ik een van haar beste eigenschappen.”

Overlevingsmodus

Laat je moeder het ook toe dat jij haar steunt als zij het zwaar heeft?
“Toen mijn vader in 2015 kanker kreeg, schoot mijn moeder in een overlevingsmodus. Alles stond in het teken van: hij moet blijven leven. Ik heb wel het idee dat mijn zus en ik in die periode iets voor haar konden terugdoen. Mijn moeder sliep elke nacht in het ziekenhuis en elke ochtend reed ik daar naartoe, zodat zij naar huis kon om te douchen, boodschappen te doen en even thuis haar draai te vinden. Mijn zus nam ondertussen het bedrijf van mijn vader over, zodat mijn moeder zich daar niet druk over hoefde te maken. Los daarvan hebben we alles gedaan zodat zij ook haar verhaal kwijt kon. We zijn allemaal vrij gevoelige types bij wie alles flink binnenkomt, zeker tijdens het ziekteproces. Praten is voor ons therapie en een manier om ermee om te gaan.”

Heb je veel aan haar gehad bij het vinden van je eigen moederrol?
“Absoluut. Na de bevalling van Teun ben ik door een moeilijke periode gegaan. Ik was altijd iemand die lekker aanhaakte op de beslissingen van anderen en meegolfde op wat er om me heen gebeurde. Na de geboorte van Teun was Paul veel aan het werk, waardoor ik veertien uur per dag alleen thuiszat met een baby. Alle beslissingen zelf nemen, maakte me onzeker: dadelijk heeft hij koorts en zie ik dat over het hoofd! Hij huilde heel veel en ik kon hem niet troosten, waardoor ik vond dat ik faalde als moeder. Ik was in een voortdurende staat van paniek. Mijn schoonmoeder en moeder zagen dat en hebben gezegd: ‘Volgens mij moeten we iets vaker langskomen en helpen met Teun, zodat jij kunt gaan wandelen, sporten of meehelpen.’ Daar hebben ze me enorm mee geholpen.”

Hoe beleef jij het moederschap nu?
“Vanaf het moment dat ik begon te werken en wist dat mijn moeder of schoonmoeder aan het oppassen was, kon ik met meer afstand naar de situatie kijken en werd ik een relaxter mens. Ik was er totaal niet aan gewend om alsmaar in dezelfde ruimte te zijn – eigenlijk wat er in deze coronaperiode ook gebeurt, alleen nu is Paul erbij en is Teun een blij ei dat door de kamer stuitert. Hij kan communiceren en zeggen wanneer hij pijn heeft of iets wil. Ik zie Teun in deze onzekere tijd nog meer als een enorm groot cadeau in mijn leven. Hij relativeert en beziet de wereld even zonnig als altijd. Dat helpt me om in het hier en nu te leven en van elke dag te genieten. Aan de andere kant is het ook een enorme extra zorg, omdat ik denk: in wat voor wereld leven we nu, waar gaat dit naartoe? We hebben hem op de wereld gezet, maar wat voor wereld wordt dat? Dat vind ik een beetje een eng idee.”

‘Beste coach’

Kijk je door de komst van Teun anders tegen je moeder aan?
“Mijn moeder was altijd mijn beste coach. Ik kon altijd heel goed tegen haar aanpraten over mijn werk en dan zei ze: ‘Misschien moet je dit of dat doen.’ Nu gaat het vaak meer over Teun. Soms merk ik een sprankje van jaloezie bij mezelf op: ‘Hebben we het nu alweer over hem?’ Maar dat hoort er gewoon bij. Ik voel een nog grotere liefde voor mijn moeder, omdat ik zie hoe liefdevol ze met Teun omgaat. En hoe hij alles voor elkaar krijgt.” (lacht) “Waar er voor mij vroeger aardig wat regels golden, mag hij alles. Dat is lief om te zien.”

Het klinkt bijna perfect. Is er ook weleens iets niet leuk of goed?
“Eigenlijk niet, ook niet wat betreft de omgang met Teun. Hij is normaal gesproken elke week twee dagen en een nachtje bij mijn ouders, maar mijn moeder zegt altijd: ‘Wij passen op Teuntje, maar het is jullie opvoeding, dus wij doen dat in jullie straatje.’ Dat vind ik fijn. Ik moet er niet aan denken dat zij compleet haar eigen lijn zou trekken.”

Spreek je vaak uit hoe goed je het hebt getroffen met je moeder?
“Niet vaak genoeg, denk ik. We zijn heel lief voor elkaar en spreken onze waardering uit als de ander iets doet. In deze rare tijd appt mijn moeder ook vaak dat ze me vreselijk mist. Dan stuur ik dat natuurlijk ook terug, maar het is niet dat ik elke week zeg: ‘Ik hou van je’. Dat vind ik toch een beetje ongemakkelijk.”

Moederdag

Is Moederdag een goed moment om dat recht te zetten?
“Ik heb helemaal niets met Valentijnsdag en Moederdag. Ik vind dat je het hele jaar door lief voor elkaar moet zijn. Soms koop ik spontaan een bloemetje voor mijn moeder of geef ik haar een gezellig plantje als we in het tuincentrum zijn. Maar ik ga niet speciaal op Moederdag bij haar langs, want ik zie haar al twee keer per week. Voor mezelf vind ik het leuk als Paul en Teun iets voor me in elkaar frutselen, vooral ook omdat ik weet hoe Teun ervan geniet om me ergens mee te verrassen. Ik ben heilig voor hem, mama is alles. Daar smelt je moederhart toch van?”

Marlijn

Dit artikel is eerder verschenen in Margriet 19– 2020Dit nummer teruglezen? Ga dan naar Magazine.nl.

Tekst | Fleur Baxmeier
Fotografie | Marloes Bosch

Bladcadeau

Wil je je moeder verrassen met een leuk cadeau voor Moederdag? Ga dan voor een Bladcadeau! Hier doe je haar weken- of zelfs maandenlang plezier mee en je hebt keuze uit ruim honderd tijdschriften. Extra fijn: t/m 10 mei bestel je een Bladcadeau met 15% korting én wordt het gratis bezorgd vanaf € 15,00. Kijk snel op bladcadeau.nl.

Ook interessant