‘Nu kan ik mijn dochter zien opgroeien’

Deel dit artikel:

Pinterest

– Advertorial – 

2011 was voor Linda Voorburg (36) het jaar waarin ze haar leven weer terug kreeg. ‘Dankzij mijn donorhart kan ik weer van alles doen en daar geniet ik samen met mijn familie volop van.’

“Mijn oude hart werkte op een gegeven moment nog maar voor 20 procent. En al zag niemand het aan mij, één avond uitgaan betekende voor mij in die tijd drie dagen bijkomen. Nu kan ik weer van alles doen. Zo sport ik drie keer in de week en gaan we deze zomer voor het eerst in vijf jaar op vakantie naar het buitenland. Maar het allermooiste is wel dat ik weer van alles kan ondernemen met mijn man Raymond en mijn dochter Gwenny (11). Ook zij hebben een hele moeilijke tijd achter de rug. Die allereerste keer dat ik weer met Gwenny kon fietsen, vergeet ik nooit. Het was een kort tochtje naar het winkelcentrum, maar wat genoten we ervan. Nu doen we alles weer samen!”

Cardiomyopathie

Linda weet nog goed hoe ze als fitte vrouw van 32 op een woensdag wakker werd met een enorme druk op haar borst. “Ik had nooit ergens last van en voelde meteen dat er iets niet goed zat. Ik was zo benauwd, belde meteen de huisarts en kon diezelfde dag nog bij de longarts langs: het lag niet aan mijn longen, het was mijn hart.”

De artsen constateerden een erfelijke hartspierziekte: Cardiomyopathie. “De ziekte houdt in dat de rek uit de hartspier is. Vergelijk het maar met een elastiekje waar de rek uit is: het houdt niet meer goed je haar bij elkaar. Tegen de tijd dat ik werd opgenomen, had zich al vocht opgehoopt achter mijn longen. Het linkerdeel van mijn hart stond vol vocht. Had ik te lang gewacht, dan zou ik een paar dagen later een hartaanval hebben gekregen.”

Ook de zus en moeder van Linda werden gescreend. “Mijn moeder had niets, mijn zus een mildere vorm. Daar was ze misschien anders nooit achtergekomen. Mijn vader heeft het misschien ook gehad. Hij is destijds aan een hartaanval overleden.”

‘Vanwege het infectiegevaar worden er geen kinderen op de Intensive Care-afdeling toegelaten. Pas na twee weken zag ik haar weer. Dat moment was dan ook voor ons beiden heel erg emotioneel’

Defibrillator

Linda kreeg een ICD in haar lichaam geïmplanteerd, een apparaat dat werkt als een defibrillator. “Het was een vrij groot kastje, met een aantal draden naar mijn hart, die daar met schroefjes zijn vastgemaakt. Dit apparaat zou bij een ernstige hartritmestoornis ingrijpen. Dat gebeurde ook een aantal keer.”

“Ik merkte ook dat ik voortdurend sneller vermoeid raakte en na een inspanning steeds langer moest bijkomen. Uiteindelijk raadde mijn cardioloog dr. Balk mij in 2009 aan een screening voor transplantatie te ondergaan en kwam ik datzelfde jaar op de transplantatiewachtlijst terecht. In 2011 heb ik uiteindelijk een nieuw hart gekregen.”

Harttransplantatie

Linda toont foto’s van na de harttransplantatie op de IC met een enorme hoeveelheid medische apparatuur om haar heen. De operatie duurde lang. Linda is een aantal dagen in een kunstmatige coma gehouden. “Op een gegeven moment dreigde zelfs afstotingsgevaar, maar daar heb ik zelf gelukkig niets van meegekregen.”

Op dag 3 mocht ze haar familie weer zien, behalve Gwenny. “Vanwege het infectiegevaar worden er geen kinderen op de Intensive Care-afdeling toegelaten. Pas na twee weken zag ik haar weer. Dat moment was dan ook voor ons beiden heel erg emotioneel.”

Donorhart

Nu kan Linda weer lachen, sporten en zelf het huishouden doen. “Dankzij mijn donorhart heb ik weer toekomst. Maar dat is niet vanzelf gegaan. De afgelopen jaren waren zwaar, zowel voor mij als voor ons gezin. Maar ik ben er doorheen gekomen, dankzij alle steun van mijn lieve familie, vrienden, mijn man Raymond en onze sterke, allerliefste dochter Gwenny. Dankzij mijn donorhart kan ik haar zien opgroeien. Dat is toch het mooiste wat een moeder zich kan wensen.”

 

[poll id=”22″]