Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Persoonlijk

Acteurs Frank Lammers en Elise Schaap: ‘Samenwerken is een feestje!’

hr_m21-22_elise-schaap-en-frank-lammers_0402.jpg

Acteurs Frank Lammers (48) en Elise Schaap (38) kruipen weer in de huid van Undercover-personages Ferry en Daan voor de film Ferry. Samen praten ze over hun liefde voor het vak, relaties, kinderen, ouders en vriendschap.

Tijdens de fotoshoot in een studio in het centrum van Amsterdam is direct duidelijk dat de twee acteurs elkaar door en door kennen. Ze maken grapjes over en weer. Elise over de witte schoenen waar Frank zijn oog op heeft laten vallen. Frank over Elises eigen visagiste. Ze staan hetzelfde in het leven en hebben veel overeenkomsten, zowel in hun vak als op persoonlijk vlak.

Elise en Frank in het kort

Elise Schaap is geboren op 21 september 1982 in Rotterdam. Na haar studie Communicatiewetenschap aan de Universiteit van Amsterdam ging ze naar de Toneelschool. Haar doorbraak was met Bride flight. Op het toneel was ze te zien in verschillende producties van onder andere Toneelgroep Amsterdam, Orkater en Bos theaterproducties. Op tv was ze te zien in de serie Familie KruysKlokhuisDe TV Kantine en Undercover. Ze heeft een relatie met schrijver Wouter de Jong, samen hebben ze dochter Ava (5)

Frank Lammers is op 10 april 1972 geboren in Mierlo (Noord-Brabant). Hij heeft op de Toneelschool in Amsterdam gezeten. Zijn grote doorbraak kwam met Wilde mossels. Hij kreeg een Gouden Kalf voor zijn rol in Nachtrit en speelde de hoofdrol in Michiel de Ruyter. Frank is getrouwd met schrijfster Eva Posthuma de Boer die al een zoon had uit een eerdere relatie: Melle (21). Samen hebben ze dochter Isa (16).

Hoe is het om weer te mogen samenwerken?

Elise: “Dat is een feestje! Wat niet veel mensen weten, is dat wij al vóór de serie Undercover samenwerkten. Wij waren de understudies van Rachel en André bij de musical Zij gelooft in mij. Toen ik vier jaar geleden auditie deed voor Undercover was Frank al aan boord. Het samenspelen voelde meteen vertrouwd. Ik denk dat dat de kracht is van onze personages Ferry en Daan, we hadden al een geschiedenis.”

Frank: “Als acteurs zitten wij hetzelfde in elkaar. Elise is niet ijdel als ze speelt, dat zijn er niet zo veel. En ze is altijd heel aanwezig, ze reageert op wat ik doe. Als het linksom niet werkt, proberen we het rechtsom. In spelen moet je genereus zijn, dat zijn wij beiden. We zijn niet met onszelf bezig, maar met de ander.”

Elise: “Klopt, die herkenning was er en dat voelt heel veilig. Onuitgesproken hebben we de voorwaarden voor onszelf geschapen, waarin we vrij zijn om alles te proberen. Ik ben ontzettend blij, het is een match made in heaven. Dat teamwerk maakt mijn werk zo leuk. Ik zou nooit een solovoorstelling willen doen, ik zou diepongelukkig zijn.”

Frank: “We lijken ook op elkaar in dat we heel verschillende disciplines uitoefenen; musical, toneel, film en typetjes op tv.”

Elise: “Ja, die afwisseling in mijn werk is geweldig. De ene dag speel ik met Frank een heftige scène voor Undercover en de volgende dag sta ik op de set van De TV Kantine en is het weer poppenkast.”

Behalve in jullie werk hebben jullie ook in je privéleven overeenkomsten. Beiden hebben jullie een lange relatie, wat is daar het geheim van?

Acteurs Frank Lammers en Elise Schaap: ‘Samenwerken is een feestje!’

Elise: “Wouter en ik leerden elkaar zestien jaar geleden kennen op de Toneelschool, na twee weken was het al beklonken. We zijn wezenlijk nieuwsgierig naar elkaar, daar hoef ik niet mijn best voor te doen, die interesse is oprecht. Hij snapt mijn vak en is heel betrokken. Het is mooi om te zien dat hij zijn eigen koers vaart. Spelen was voor hem niet meer toereikend. Nu helpt hij mensen mentaal fitter te worden met zijn Mindgym-boeken. Dat doorzetten en aanpakken waardeer ik aan hem. Nu hij met colleges van Mindgym ook in de theaters staat valt alles helemaal samen.”

En hoe zit dat bij jullie, Frank?

Frank: “Eva en ik hebben al twintig jaar een gepassioneerde relatie. Daar moet je voor blijven vechten, zodat het niet inkakt en je elkaar niet voor lief neemt. Bij ons werkt het ook goed als ik af en toe weg ben, zoals voor de opnames van Undercover. Dan ben je daarna blij om elkaar weer te zien. Eva leidt een totaal ander leven dan ik. Ze schrijft en is vaak alleen. Als ik thuiskom, wil ze graag kletsen, terwijl ik het dan net heel druk heb gehad en denk: laat me maar even’. Daarin moet je een balans vinden en dat gaat steeds beter.”

“Je moet veel dingen samen blijven doen, zoals af en toe een weekendje weg. Onze zoon is al het huis uit en onze dochter is zestien jaar, dus over twee jaar zijn we met z’n tweetjes. Dat zal wennen worden. We zijn nog nooit met z’n tweeën geweest, Eva had al een zoon toen ik haar leerde kennen.”

Hoe vind je het dat je dochter ook bijna weggaat?

Frank: “Het ene moment zie ik ertegen op, maar het is ook goed dat ze steeds meer haar eigen leven gaat leiden. Ik zat laatst met haar in de auto en toen zette ze een liedje op van Miley Cyrus, met de tekst Butterfly fly away en opeens stroomden de tranen over mijn wangen. Ik kan me ook herinneren dat ze in een draaimolen zat op vakantie en daar eigenlijk al veel te groot voor was. Toen huilde ik ook tranen met tuiten.”

Elise: “Wat ontroerend! Ik voel nu al aan wat je omschrijft, terwijl mijn dochter veel jonger is. Ik heb het als ik foto’s van haar zie van drie, vier jaar geleden, dat ik denk: o, meissie. En de teksten die nu al uit haar komen, ze is een heel eigengereid type. Dat herken ik wel van mezelf vroeger. Ik ging ook op mijn driewieler even langs bij oma. Ik zie bij Ava ook die autonomie van ‘dat doe ik wel even’.”

Dat eigengereide zat er dus al jong in. Hoe waren jullie verder als kind?

Elise: “Als ik mijn moeder moet geloven, was ik een showpony. Toen ik vijf jaar was, kwamen de kinderen uit de buurt bij ons naar een marionettenvoorstelling kijken. In de pauze wilde mijn broer, die net een goocheldoos had gekregen, zijn trucs laten zien. Ik assisteerde hem, maar nam het hele podium over. Dat was in een notendop hoe het vroeger ging. Op verjaardagen moest iedereen kijken hoe ik mijn balletoefeningen deed.”

Ging dat bij jou ook zo Frank?

Frank: “Hetzelfde, maar ik liet anderen shinen, haha. Mijn twee nichtjes kwamen vaak logeren en dan maakten we samen een voorstelling. Ik herinner me nog goed dat ik op school in het kerstspel een schaap moest spelen. Een van de andere schapen, François, had zijn masker niet goed op en keek de hele tijd waar zijn ouders zaten in het publiek. Dat irriteerde me mateloos. Ik dacht: je bent een schaap. Zet dat masker fatsoenlijk op en wees gewoon een schaap! Het is niet dat ik mijn hele leven al acteur wilde worden, maar blijkbaar zat de liefde voor het vak er toen al in bij mij.”

Jullie komen niet uit een gezin waar acteren vanzelfsprekend was? 

Elise: “Nee, maar mijn moeder heeft me wel gestimuleerd om naar een middelbare school te gaan waar ze veel aan dramatische expressie deden. Ik kon mijn geluk niet op met al die pruiken en rekwisieten, daar is het wel gevoed en ontstaan. Maar toneel was iets wat je als hobby deed, voor erbij, niet om later je geld mee te verdienen. Het kwam niet in me op om naar de Toneelschool te gaan, dat was voor artistiekelingen. Ik kon goed leren, mijn vader was daar heel trots op en dacht: die kan wel gaan studeren. Dat was voor mij de logische stap.”

Frank: “Ik kwam helemaal niet uit een artistiek milieu. Mijn oudere broer speelde toneel op de middelbare school en daarom ging ik dat ook doen. Ik kreeg meteen een hoofdrol en aandacht van de meisjes. Dat sprak me wel aan.”

Elise: “Ik deed naast mijn studie Communicatiewetenschap een deeltijdopleiding Toneel. Daar stimuleerden ze me om auditie te doen bij de Toneelschool. Ik was dus al wat ouder. Dat was eerst lastig, want het voelde alsof ik helemaal opnieuw begon. Daarna greep ik alle kansen aan, ik vond de lessen geweldig. ”

Frank: “Grappig, weer een overeenkomst. Bij mij zeiden ook andere mensen: ‘Doe dat nou.’ Ik heb auditie gedaan om van het gezeur af te zijn. Ik vond het maar een inwikkelde toestand op de Toneelschool. Daar verzette ik me tegen. Ik ben een paar keer weggestuurd, maar heb het wel afgemaakt. Achteraf gezien had ik er meer uit kunnen halen. Ik kwam heel bleu uit Mierlo, een dorp in Brabant, het stond te ver van me af.”

Lees ook:
Hugo de Jonge en zijn moeder Teunie: ‘Dat hij de politiek in ging, vond ik eerst niet leuk’

Ga je nog vaak terug naar je dorp?

Frank Lammers en Elise Schaap: ‘Samenwerken is een feestje!’

Frank: “Mijn vader woont er nog en ik heb daar nog vrienden. Mijn vader werd ziek in coronatijd en moest worden geopereerd. Dat was een spannende tijd, maar gelukkig is hij heel optimistisch. Ziek zijn is ook hoe iemand het draagt en dat doet hij heel goed.”

En hoe gaat het in deze tijd met jouw ouders, Elise?

Elise: “Mijn vader heeft parkinson, al twintig jaar. Dat is een progressieve ziekte. Het is heel triest als je lijf niet meer meewerkt. Hij heeft betere en slechtere momenten. Soms zit hij echt opgesloten in zijn lichaam, dat is heel moeilijk voor hem. En voor ons als familie om hem zo te zien. Ik probeer zo vaak mogelijk langs te gaan. Hij doet het goed en hij heeft veel humor, maar er zijn wel grenzen aan de relativering.”

Zoiets is bepalend voor je leven. Hoe ga je daarmee om?

Elise: “Ik ben van huis uit een optimist, dat heb ik meekregen van mijn ouders. Net als zelfspot en het typische nuchtere van de Rotterdammers; dat is van ‘je moet gewoon hard werken en het niet belangrijker maken dan het is’. Bovendien heb ik fantastisch werk. Toen door corona de opnames stil kwamen te liggen, vond ik een kleine adempauze lekker. Maar ik merkte al snel dat ik het op de set staan, het spelen en vooral mijn collega’s zo miste. Het is goed om eens in de tijd even uit te zoomen en weten waar je ‘ja’ op zegt. Ik kies mijn projecten op basis van wie er meewerken.”

Frank: “Daarom zijn die Belgen bij Undercover ook helemaal te gek! Op de Nederlandse set maken acteurs zichzelf belangrijker dan ze zijn. Elise en ik houden er beiden niet van om het vak te mystificeren. Belgen zijn bescheiden en hebben veel plezier op de set. Zo hadden ze bedacht dat elke discipline een avond een feest zou regelen. Toen wij als acteurs aan de beurt waren, hebben we een karaokeavond gehouden. De Belgen waren eerst nog wat schuchter, maar al snel ging iedereen los. Het was een legendarische avond! Het is voor even je familie, je kijkt ook hoe anderen zich voelen en deelt lief en leed.”

Wat voor rol speelt vriendschap in jullie leven?

Elise: “Dat is heel belangrijk! Mijn twee beste vriendinnen, een ken ik nog van de brugklas de ander van de Toneelschool, zijn nu ook bevriend met elkaar. Dat is niet alleen heel handig, het is ook heel fijn dat die twee zo goed met elkaar gaan.”

Frank: “Ik heb nog goede jeugdvrienden, helaas is voor de tweede keer een goede vriend van dat groepje overleden. We vormen een hechte groep voetbalvrienden uit Mierlo. Vriendschap is heel belangrijk. Ik zie ook mijn vrienden van de Toneelschool nog veel. Ik kom uit een bizar goede lichting met Acda en De Munnik, Plien en Bianca, de Vliegende Panters, Cees Geel en Kees Boot. Hun carrières zijn allemaal als een raket gegaan. Daarmee had ik mazzel, want je hebt elkaar nodig. Je hebt talent om je heen nodig om je eigen talent te ontwikkelen.”

De film

De film Ferry is een prequel op de serie Undercover. Het verhaal speelt zich eerst af in Amsterdam, waar Ferry (Frank Lammers) voor drugsbaron Ralph Brink (Huub Stapel) werkt. Op een dag wordt de bende overvallen en Ralphs zoon neergeschoten. Ferry reist af naar zijn geboortegrond Brabant om de moordenaars te vinden. Op de camping ontmoet hij voor het eerst Danielle (Elise Schaap). Vanaf 14 mei op Netflix.

Tekst | Dorine van der Wind
Fotografie | Marloes Bosch

Dit interview met Frank Lammers en Elise Schaap verscheen in Margriet 2021-21/22. Je kunt deze editie nabestellen via lossebladen.nl.

Ook interessant