Persoonlijk

Ingrid werd gepest op haar werk: ‘Ik kreeg opmerkingen dat ik zo dom en te dik was’

ingrid-werd-gepest-op-haar-werk-ik-kreeg-opmerkingen-dat-ik-zo-dom-en-te-dik-was.jpg

Jaarlijks krijgen meer dan een half miljoen mensen te maken met getreiter op het werk. Ingrid. “Ik had nooit gedacht dat ik het slachtoffer zou worden.”

Weggepest door mijn collega’s

“Als een geslagen hond. Zo voelde ik me toen ik in maart 2018 bij het bedrijf vertrok. In amper zeven maanden was ik een totaal ander mens geworden. Onzeker. Somber. In mezelf gekeerd. Ik twijfelde constant aan mijn capaciteiten, aan mijn uiterlijk. Slapen ging steeds slechter. Ik was extreem moe en barstte om de haverklap in huilen uit. In mijn donkerste momenten, ’s nachts alleen in bed, wilde ik niet meer verder. En dat allemaal omdat een paar harteloze mensen op het werk me maandenlang structureel onderuit hadden gehaald. Ik heb best veel heftige dingen ervaren in mijn leven. Maar niets heeft zo veel impact op mijn zelfbeeld gehad als te worden weggepest door collega’s.”

Afstandelijk en kil

“Ik werk al jaren met veel plezier én succes als interimmanager. Ik heb aan tal van medewerkers leidinggegeven en bij veel verschillende bedrijven ervaring opgedaan. Natuurlijk kwam ik onderweg weleens hobbels tegen. Maar onzeker over mijn vaardigheden was ik nooit. Dus toen ik in de zomer van 2017 werd benaderd voor een baan als manager van een klantenservice ging ik vol goede moed op gesprek. De directeur van het productiebedrijf kende ik nog van een opdracht jaren eerder. Uiteraard was ik gevleid dat hij me had onthouden. ‘Er zit wel een gecompliceerde dame in je team,’ waarschuwde hij me. Dat komt wel goed, dacht ik. Ik had net een klus bij een multinational afgerond, dus dit ging vast ook lukken.

De eerste dag op kantoor was vreemd. ‘Nou, succes,’ zeiden collega’s van buiten mijn team aan wie ik werd voorgesteld. En dan op zo’n toon van ‘blij dat ik niet in jouw schoenen sta’. Mijn eigen medewerkers reageerden kil en afstandelijk. Meer dan een ‘hallo’ kon er niet af. Toen ik een paar uur met een van hen wilde meekijken, weigerde ze dat. Ik snapte niet waarom, maar liet het maar op z’n beloop. Op je eerste dag wil je tenslotte niet meteen vijanden maken.”

Ingrid gepest

Flauwe grappen

“Al snel werd echter duidelijk dat mijn medewerkers me niet moesten. Vooral één dame, laat ik haar Ellen noemen, maakte me het leven zuur. Zij was de gecompliceerde dame voor wie ik vooraf was gewaarschuwd. Ellen begon me openlijk te treiteren. Tijdens vergaderingen wees ze me er voortdurend op wat ik allemaal fout deed. En samen met collega’s haalde ze flauwe grappen met me uit. Als ik ’s ochtends bij mijn bureau kwam, waren al mijn spullen naar een andere kant van het kantoor verplaatst. Of er lag ineens een stapel rotzooi op. Telkens als ik wegliep, zette ze het raam achter mijn bureau helemaal open, zodat ik op de tocht zat. Ik wist niet wat me overkwam. De anderen corrigeerden Ellen niet. Sterker nog: ze deden net zo hard mee. Dan haalden ze voor iedereen koffie, behalve voor mij. Natuurlijk gingen ze ook altijd zonder mij lunchen. En ze praatten alleen met me als het echt niet anders kon. Ze zullen wel slechte ervaringen met een vorige manager hebben gehad, dacht ik. Ik geloofde toen echt nog dat ik hun vertrouwen kon winnen.”

Verschillende planeten

“Nadat ze een keer ziek was geweest, meldde Ellen zich huilend bij personeelszaken. De reden: toen ik had gebeld om te vragen hoe het met haar was, zou ik haar op een nare toon hebben toegesproken. Niets van waar, maar de andere medewerkers reageerden woest. Ik had te weinig respect voor Ellen en waardeerde haar ervaring niet. Ze schreeuwden door het kantoor dat ze nog nooit zo’n slechte manager hadden gehad. Ik kon mijn oren niet geloven. Ik probeer mensen juist altijd te helpen en ze te stimuleren om het beste uit zichzelf te halen. Hoe kon het dat deze medewerkers dat zo anders zagen? Waarom wilden ze mij de grond in stampen? Het was alsof we van verschillende planeten kwamen.

Vervolgens werd ik ook nog eens ontboden bij de directeur. Ook hij schoof alle schuld in mijn schoenen. Volgens hem had ik het verkeerd aangepakt met Ellen en reageerde ik veel te emotioneel op haar. Ik moest maar op cursus, vond hij, zodat ik mijn leidinggevende vaardigheden kon bijspijkeren. Tot dat moment had ik geloofd dat ik het allemaal kon fixen. Maar door zijn gebrek aan vertrouwen werd ik serieus uit het lood geslagen. Zou het dan toch aan mij liggen?”

Valse beschuldigingen

“Ondertussen werd het pesten alsmaar erger. Ik kreeg constant nare opmerkingen naar mijn hoofd geslingerd. Over dat ik zo dom was, en veel te dik. Medewerkers veranderden stiekem dingen in gezamenlijke documenten, zodat ze mij konden verwijten dat ik fouten maakte. Het ging zelfs zó ver, dat ik er ten onrechte van werd beschuldigd bestanden te hebben gewist om mijn eigen hachje te redden. De e-mail daarover werd zelfs naar een aantal klanten gestuurd.

Je begrijpt wel dat ik tegen die tijd zo gespannen stond als een veer. Ik was constant aan het opletten: doe ik niets verkeerd? Zeg ik niets raars? Wat het extra frustrerend maakte, was dat ik niet begreep wat ik verkeerd deed en hoe het zo ver had kunnen komen. Daardoor ging ik steeds meer aan mezelf twijfelen. De situatie begon zijn tol te eisen, geestelijk én lichamelijk. Ik was moe en sliep slecht. Toen ik me met die klachten bij de huisarts meldde, stuurde hij me door naar een psycholoog. Die constateerde dat de balans in mijn leven helemaal weg was. En ook dat ik tegen de bierkaai vocht. Want hoe hard ik ook mijn best deed, ik kon de bedrijfscultuur niet in mijn eentje veranderen.”

Artikelen van Margriet.nl ontvangen in je mailbox?
Schrijf je in op margriet.nl/nieuwsbrief

Geheimhouding

“Ondanks alles was het tot dan toe niet in me opgekomen om me ziek te melden. Ik moest en zou een oplossing vinden. Tegen beter weten in bleef ik ook hopen dat de directeur alsnog mijn kant zou kiezen. In plaats daarvan kreeg ik een nieuwe manager boven me. Al na een paar weken begon die óók met een beschuldigende vinger naar me te wijzen. ‘Je lijkt wel een kenau, zo bot als je je gedraagt,’ zei hij in een een-op-eengesprek. ‘Moet je ook kijken hoe je erbij loopt, met je rare lange haar. Je bent net een heks.’

Toen knapte er iets. Er klonk zo veel haat door in zijn woorden. Hij wist ook precies hoe hij me kon raken, want ik kan best onzeker zijn over mijn uiterlijk. Inmiddels zat ik zó in de put, dat ik hem nog geloofde ook. In shock ben ik de deur uit gelopen. De dag erna heb ik me alsnog ziek gemeld.

In eerste instantie hoorde ik niets van het bedrijf. Mijn stress was er niet minder om. Als ik alleen al aan mijn werk dácht, raakte ik in paniek en ging ik hyperventileren. Pas na een week belde er iemand van personeelszaken. De boodschap: we konden beter afscheid van elkaar nemen. Hoewel het als een persoonlijk falen voelde, zag ik ook geen andere mogelijkheid. Als ik langer was gebleven, was ik er helemaal aan onderdoor gegaan. Wel moest ik een geheimhoudingsverklaring tekenen, waarin stond dat ik me niet negatief over het bedrijf zou uitlaten. Dat heb ik met tegenzin gedaan. Het was de laatste keer dat ik terugging naar kantoor. Ik wilde en wil niets meer met de mensen daar te maken hebben.”

Grenzen bewaken

“Uiteindelijk heb ik dus maar zeven maanden bij het bedrijf gewerkt. Ongelooflijk hoeveel schade je in zo’n korte tijd kunt oplopen. Het effect op mijn zelfvertrouwen was verwoestend. Ik heb echt lang last gehad van alle kritiek. Vooral van de opmerkingen over mijn intelligentie en mijn uiterlijk. Over mij als persoon, kortom. Ik was zó van streek, dat ik zelfs heb overwogen mijn haar te laten afknippen. Achteraf ben ik heel blij dat ik dat niet heb gedaan. Dan hadden zij gewonnen.

In het hele proces heb ik veel steun gehad van mijn moeder en mijn vriendinnen. Ook mijn psycholoog heeft me goed geholpen. Van haar heb ik vooral geleerd om duidelijke grenzen te stellen. Als iemand een kwetsende opmerking over je uiterlijk maakt, mag je daar zeker iets van zeggen. Rationeel wist ik dat wel. Maar als mensen je stelselmatig kleineren, wordt het steeds moeilijker om voor jezelf op te komen. Vandaar dat het zo belangrijk is om je grenzen te bewaken en snel in te grijpen als je in zo’n rotsituatie zit.

Dat is dan ook mijn advies aan anderen die iets vergelijkbaars meemaken. Wacht niet af tot er helemaal niets meer van je eigenwaarde over is. Houd de eer aan jezelf en vertrek. Hoe onrechtvaardig dat ook voelt. Ik snap als geen ander hoe lastig dat kan zijn. Het is voor vrouwen van mijn leeftijd echt niet makkelijk om snel een nieuwe baan te vinden. En dan ben ik nog single ook, dus ik moet voor mijn eigen kostje zorgen. Maar door te blijven hangen in een ongezonde situatie raak je uiteindelijk nog veel verder van huis.

Zelf had ik de mazzel dat ik snel weer ergens aan de slag kon. De mensen daar waren zo hartelijk en enthousiast. Ik kon nauwelijks geloven dat hun waardering oprecht was. Bij de minste of geringste opmerking sloeg de twijfel toe. Ze vinden me waardeloos, dacht ik dan. Maar door de positieve ervaringen vond ik snel mijn zelfvertrouwen terug. Een betere therapie had ik me niet kunnen wensen. Dankzij mijn nieuwe werk heb ik mijn geloof in de mensheid hervonden.”

Tekst | Marte van Santen
Beeld | Mariel Kolmschot

Dit artikel is eerder verschenen in Margriet 14– 2020 Dit nummer terug lezen? Ga dan naar Magazine.nl.

M17

Ook interessant