MT49 M49 Nog nooit verteld Beeld Redactie
Beeld Redactie

PREMIUM

‘Ik vind het leven niet meer om uit te houden. Er zijn te veel momenten dat ik echt denk: ik red dit niet meer’

Riet kampt sinds tien jaar met chronische pijn en zware vermoeidheid. Om die reden heeft ze een traject tot levensbeëindiging aangevraagd.

“Ik weet nog precies wanneer ik het onderwerp voor het eerst aansneed bij mijn huisarts. Aarzelend, al was ik nog zo zeker van mijn wens. Mijn huisarts kapte het gesprek af met de woorden: ‘Daar werk ik niet aan mee.’ De tweede keer, bij een vervangend huisarts, was er iemand mee die ik al mijn leven lang als tante zie. Toen ze merkte dat ik het zelf niet over mijn lippen kreeg, zei zij: ‘Riet wil het graag hebben over euthanasie.’”

Slechte start

“Mijn leven is nooit een­voudig geweest. Toch ben ik tot mijn 45ste erg levenslustig geweest. Energiek en goedlachs. Want al was ik blind, er was genoeg om voor te leven. Ik heb een slechte start gehad. Ik was een ‘zesenhalvemaandkindje’. Hierdoor had ik prematuren retinopathie (ROP), een netvliesafwijking die voorkomt bij te vroeg geboren baby’s. Door complicaties verloor ik mijn hele zicht. Toen ik vier was, kwam ik op een blindeninternaat. Ik liep toen zo achter in mijn ontwikkeling dat ze vreesden dat ik verstandelijk gehandicapt was, maar door goede begeleiding maakte ik in korte tijd grote sprongen. De rest van mijn jeugd bleef ik op dat internaat. Omdat alles erop gericht was om maar zo min mogelijk te laten merken dat je blind was, leerde ik me goed handhaven in de ‘normale’ wereld. Natuurlijk blijven er dingen waar ik hulp bij nodig heb, zoals boodschappen doen, toch kan ik mij prima redden.”

Schaterlach

“Ik heb ook ‘normaal’ werk gedaan, later was ik actief op een sociale werkplaats. Ik heb relaties gehad en ondernam altijd veel. Zoals fietsen, daar was ik gek op. Ja, ondanks mijn beperkingen was ik iemand die positief in het leven stond. Ik stond bij sommige mensen echt bekend om mijn humor en schaterlach. De humor heb ik nog, maar sinds ik de afgelopen tien jaar steeds meer gezondheidsklachten heb gekregen, is de lach verdwenen. De gehoorproblemen, waar ik ook mijn leven lang mee heb gekampt, zijn erger geworden. Door operaties en daaropvolgende complicaties heb ik veel pijn gekregen. Daarnaast heb ik de ziekte van Ménière, wat voor oorsuizen en evenwichtsstoornissen zorgt. Hierdoor val ik snel om en ben ik, als ik de deur uitga, afhankelijk geworden van een rolstoel. Verder heb ik vanwege blaasproblemen een stoma. Hier kan ik allemaal prima mee leven.”

“Maar niet met de pijn. De chronische pijn. Die heel heftig en allesoverheersend kan opspelen en dan ondraaglijk is. Wat ik ook verschrikkelijk vind is de zware vermoeidheid, waardoor ik veel in bed lig, vlug overprikkeld raak en vaak dingen moet afzeggen. Hierdoor kan ik mijn vriend maar eens in de twee weken zien, anders is het gewoon te veel.”

“De pijn en vermoeidheid maken me moedeloos, verdrietig en soms ronduit wanhopig. Hoop of vertrouwen dat dat beter zal worden, heb ik niet: ik heb van alles geprobeerd, van operaties tot alternatieve remedies. Het haalde helaas allemaal niets uit.”

MT49 M49 Nog nooit verteld Beeld

Toestemming

“En zo is mijn wens ontstaan om er niet meer te zijn. Ik zie ertegen op om op deze manier zeventig te worden. Zelfs zestig – dan heb ik nog vier jaar – vind ik te veel. Voor mij is het leven op deze manier, onder deze omstandig-heden, gewoon te zwaar. Liever neem ik nu afscheid, in plaats van nog lang te moeten lijden.”

“Maar mijn doodswens is een groot taboe. Gelukkig stond de vervangende huisarts er wel voor open om in elk geval het gesprek aan te gaan. Via haar kwam ik bij de Levenseindekliniek – tegenwoordig het Expertisecentrum Euthanasie - terecht. Hier heb ik inmiddels allerlei gesprekken gevoerd. Maar het is een ingewikkeld en lang traject; je krijgt niet zomaar de toestemming tot euthanasie. Er moest eerst worden uitgesloten dat mijn doodswens door een depressie kwam. Ook moest mijn lijden ‘uitzichtloos’ zijn. Daar is bij mij geen twijfel over.

Maar de voorwaarde dat mijn lijden ‘ondraaglijk’ is, daarover valt te twisten. Want ik zie er nog goed uit en ik onderneem ook nog wel leuke dingen. Zo ga ik, als ik er genoeg energie voor heb, graag naar het theater. Ook kan ik nog genieten als ik samen met mijn vriend in bed lig en we liedjes draaien waar we mooie herinneringen hebben. En ik schrijf aan mijn tweede autobiografie; hopelijk vind ik daar een uitgever voor of kan ik het boek in eigen beheer uitgeven. Maar ondanks deze dingen vind ik het leven niet meer om uit te houden. Er zijn te veel momenten dat ik tegen de muren opvlieg. Dat ik echt denk: ik red dit niet meer.”

Een noodgreep

“Veel mensen vinden het moeilijk om mijn situatie te begrijpen. ‘Hoe kun je nu voor euthanasie kiezen?’ hoor ik weleens. Dat vind ik zo’n gekke vraag. Het is namelijk geen keuze, het is een noodgreep. Bovendien valt er ook nog eens weinig te kiezen; ik moet afwachten of ik toestemming krijg.”

“Ondertussen vecht ik tegen de akelige gedachte die weleens bij me opkomt. Een gedachte die ongepast is en ik daardoor haast niet hardop durf uit te spreken. Maar een paar jaar geleden werd bij mij kanker vermoed. Een maand van vele onderzoeken volgden. Uiteindelijk bleek het toch iets anders. Toen was de opluchting bij mij en mijn naasten groot, maar nu denk ik weleens: was het toch maar kanker geweest. Als die ziekte tot euthanasie had geleid, had tenminste iedereen het begrepen. Dan had ik rustig mogen gaan.”

Ook anoniem een geheim delen? Er wordt integer en vertrouwelijk met je bericht omgegaan. Mail naar Lydia van der Weide: redactie@margriet.nl.

Lydia van der WeideRedactie

Op alle verhalen van Margriet rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@margriet.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden