null Beeld Fotografie: Mariel Kolmschot. Visagie: Nicolette Brøndsted
Beeld Fotografie: Mariel Kolmschot. Visagie: Nicolette Brøndsted

PREMIUM

‘Ik had er geen rekening mee gehouden dat borstkanker ook twee van mijn vriendinnen te grazen zou nemen’

In 2009 had Lara Jonkers borstkanker met uitzaaiingen. Zes jaar geleden deed ze haar verhaal in Margriet, met vijf vriendinnen die haar door dik en dun steunden. Inmiddels hebben twee van hen ook de diagnose borstkanker gekregen en is Lara er voor hen.

“Het is alweer zes jaar geleden dat mijn vriendinnen in Margriet vertelden over de impact die mijn borstkanker op hen had gehad. Hun onvoorwaardelijke liefde raakte me. Elke keer als ik hun verhaal las, kwamen de tranen. Wat me vooral ontroerde, is dat zij de echte Lara zagen. Zij prikten door mijn ‘met mij gaat alles goed’-masker heen. Dat is precies wat ik nu bij hen ook probeer te doen.”

“De overlevingskansen van borstkanker mogen dan zijn toegenomen, het is nog steeds de meest voorkomende vorm van kanker bij vrouwen. Sterker nog: het percentage is de laatste jaren gestegen. In ‘mijn’ tijd kreeg 1 op de 9 vrouwen borstkanker, inmiddels is dat 1 op de 7. En bij mij en mijn vriendinnen heeft dat percentage nóg slechter uitgepakt; bij ons zijn 3 van de 6 vrouwen de klos. 1 op de 2 dus. Een schrikbarend hoog getal.”

Niet tobben, maar vooruitkijken

“Ik was dus nummer één, bijna veertien jaar geleden. Mijn wereld stortte in. De prognoses waren niet al te best. Ze ontdekten uitzaaiingen in mijn lymfeklieren en ik moest aan de chemo. Maar de behandelingen hebben hun werk gedaan, de kanker is getackeld. En toch, helemaal verdwenen is de kanker niet, want de nasleep is behoorlijk. Ik kan niet meer zonder armsteunkous, heb een abonnement bij de fysiotherapeut, mijn haar is niet meer wat het is geweest en de energieke Lara van vóór de borstkanker komt niet meer terug. Ook ben ik alert op infecties. Omdat wondroos mij bijna fataal is geworden, heb ik standaard antibiotica in huis, zodat ik er altijd op tijd bij ben. Ja, ik kan hierover klagen en zuchten en er zwaarmoedig over doen, maar wat brengt dat mij? Niets. Nee, ik tel mijn zegeningen. Tobben over wat mij is afgenomen, of wat ik niet meer kan, is zinloos.”

“Liever kijk ik naar wat de kanker mij heeft gebracht. En hoe gek dat ook mag klinken, dat is veel. Soms vraag ik me af wie ik zou zijn geweest zonder de kanker. Of ik dan ook zo in het nu had geleefd. Want dat is wat ik doe: leven in het moment. Terugkijken heeft geen zin. Met angst en beven naar de toekomst kijken – want wie weet komt de kanker terug – evenmin. Ik heb er toch geen invloed op. Het enige waar ik wél invloed op heb, is mijn levensstijl. Dus drink ik geen druppel alcohol meer, zorg ik ervoor dat ik voldoende slaap en beweeg, dat ik gezond eet én dat ik niet te veel hooi op mijn vork neem. Daarbij komt – en ik weet: dat klinkt als een cliché – dat ik door de kanker besef wat écht belangrijk is in het leven. Ik ben er een rijker mens door geworden. Ik maak me minder druk, hoef niet meer door de hele wereld aardig te worden gevonden en ben niet meer bang om iets leuks te missen. Ben ik te moe voor een verjaardag? Of heb ik geen zin? Dan ga ik niet.”

“Mijn wereld is kleiner geworden. Ik heb liever een paar dierbare vriendinnen dan een grote groep vage kennissen. En of ik mijn vriendinnen nou vaak spreek of niet, dat maakt niet uit. Het gaat om de kwaliteit en niet om de kwantiteit. Onze vriendschap is onvoorwaardelijk. We zijn er voor elkaar, in voor- en tegenspoed. Ik had er alleen geen rekening mee gehouden dat borstkanker ook twee van hen te grazen zou nemen.”

En toen mijn zusje…

“In april 2020, elf jaar na mij, was nummer twee aan de beurt. Masja. Mijn zusje én dierbare vriendin. Elk jaar werd ze gecontroleerd in het ziekenhuis. Een protocol omdat ik én mijn moeder borstkanker hadden gehad. Mijn moeder kreeg het zelfs op haar 73ste voor de tweede keer, maar ook dat heeft ze overleefd. Al die tijd ging het goed met Masja. Tot ze iets zagen en er een biopt werd genomen. Voor de zekerheid, zeiden de artsen, want ze vermoedden dat het loos alarm zou zijn. Niets was minder waar. Telefonisch – want Nederland zat toen net in een strenge lockdown vanwege corona – kreeg Masja te horen dat het mis was. Néé, niet Masja, was mijn eerste reactie. Geef mij nog maar een keer die rotziekte. Ik kan die takkekanker – sorry voor mijn woordkeuze – wel aan, maar blijf van mijn zusje af.”

“Ik ben meteen naar haar toe gereden. Lockdown of niet. Die avond vertelde Masja dat de diagnose voor haar niet als een verrassing kwam. Ze had er in haar achterhoofd altijd rekening mee gehouden dat ook zij ooit de klos zou zijn. Voor haar was het nooit de vraag óf ze het zou krijgen, maar wannéér. Gelukkig bleek haar traject niet hetzelfde als het mijne. Nadat haar tumor was weggehaald, werd ze bestraald, maar omdat er geen uitzaaiingen in de lymfeklieren waren, hoefde ze geen chemotherapie. Maar wat ik onverteerbaar vond, en dat vind ik nog steeds, is dat zij door corona het hele behandeltraject in haar eentje heeft moeten doorlopen. De operatie, de bestralingen, de gesprekken met de arts... Nooit mocht ik ergens bij zijn. Nooit was ik haar tweede paar oren of degene die naast haar bed zat.”

null Beeld

Machteloos gevoel

“En dan tot slot, althans, daar wil ik van uitgaan, nummer drie in 2021: Caroline. Ik ken haar sinds mijn zestiende, we kunnen lezen en schrijven met elkaar. Ze was ‘de bus ingegaan’ voor het bevolkingsonderzoek en het bleek foute boel. Er waren uitzaaiingen, haar borst moest eraf en ze zou chemo krijgen. Maar Caroline is geen pieper en was vastberaden dit varkentje wel even te wassen. ‘Ja,’ zei ze, ‘ik heb kanker, maar nee, ik ga niet dood. Ik heb jou als voorbeeld. Jij bent er nog en ik ga het ook redden.’”

“Wat voor Masja gold, gold ook voor Caroline. Corona was er nog steeds, dus ook zij moest het hele traject in haar eentje afleggen. Ik voelde me machteloos. Vond het zo oneerlijk. Caroline had mijn hand vastgehouden toen het gif mijn lichaam in werd gespoten. Ik wilde ook háár hand vasthouden. Maar dat mocht niet. Het enige wat ik kon doen, was haar chemo-taxi zijn en buiten de deuren van het ziekenhuis wachten tot ze er weer aankwam. Ook de uitjes waar mijn vriendinnen mij destijds na elke behandeling op trakteerden, moesten uitblijven. Nederland zat op slot. Alle restaurants, hotels en sauna’s hielden hun deuren dicht.”

Morbide grappen

“Voor Masja en Caroline ben ik hun ervaringsdeskundige. Een stom woord, maar inderdaad: ik snap waar ze in zitten en weet wat ze doormaken. Ik ken de onzekerheden, de angsten, de apparaten die boven hen hangen en de plekken waar de naalden komen. Maar naast ervaringsdeskundige wil ik vooral een warme schouder en een luisterend oor zijn. En dat ben ik. Zo vaak en zo veel als het maar kan. Nu is het mijn beurt om te luisteren. Wat niet wil zeggen dat we alleen maar over ellende praten, hoor. We hebben ook veel lol. Ook over kanker. Al zijn de grappen soms morbide. Vooral Caroline kan er wat van, zij gaat nog verder dan ik destijds. Zo grapt ze over haar nieuwe borsten die ze binnenkort krijgt. Zegt dat ze haar ‘oude borsten’ toch altijd al iets te groot vond en dat ze zich verheugt op de ‘Caroline 2.0’-versie die in het verschiet ligt. Zwarte humor en de kanker kleiner maken, dat is haar overlevingsmechanisme. De manier om hetgeen haar is overkomen draaglijk te maken. Ook Masja heeft daar een handje van. En eerlijk gezegd, ik ook. Maar door er zo luchtig over te doen, loop je het risico dat mensen denken dat het allemaal wel meevalt. En dat is geenszins het geval. Het kwartje kan altijd de verkeerde kant opvallen.”

“Kanker kent vele maskers. Soms lijken de prognoses goed, maar heb je vette pech. En soms ziet het er slecht uit, zoals bij mij het geval was, en pakt het toch goed uit. Ik heb mijn kanker getackeld, maar het blijft spannend. Elke controle weer. En na de diagnose van Masja en Caroline zijn de spanningen rondom mijn controles alleen maar toegenomen. Aan de andere kant weet ik ook dat ze er vast op tijd bij zijn, mochten ze tijdens die controles iets vinden. Maar hoe is dat met Caroline en Masja? Ik gun hun dat die eerste kritieke vijf jaar voorbij zijn. Ik ben geen hypochonder of angsthaas, maar heel soms spreekt dat kleine duiveltje in mijn hoofd en ben ik bang. Bang om Caroline kwijt te raken. Bang om mijn zusje kwijt te raken.”

“Zijn de bestralingen wel afdoende geweest? Had Masja toch niet beter ook chemo kunnen krijgen? Een leven zonder mijn zusje, ik moet er niet aan denken. Mijn gevoel van houden van voor haar is niet in woorden uit te drukken. Maar ik vertik het om in die angst te blijven hangen. Zoals gezegd: je heb geen invloed op hetgeen je te wachten staat. Daarbij doorstaan Caroline en Masja dit alles met vertrouwen en opgeheven hoofd. Carolines haren groeien weer, en al klaagde ze nooit over het verliezen van haar lange lokken, kaal was wel heel erg kaal. Als ik naar hen kijk, twee prachtige, krachtige, stralende vrouwen, dan ben ik vervuld van trots. Hoe zij zich erdoorheen slaan, zo positief, zo vol levensvreugde, daar kan ik alleen maar een diepe buiging voor maken.”

Ymke van ZwollFotografie: Mariel Kolmschot. Visagie: Nicolette Brøndsted

Op alle verhalen van Margriet rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@margriet.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden