Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Persoonlijk

Frank Boeijen: ‘Ik vind het leuk om te denken dat ik nooit oud word’

frank-boeijen.jpg

Zijn nieuwe theatershow is een soort reis door de tijd, langs oude en nieuwe nummers. En dat terwijl Frank Boeijen (59) zich eigenlijk nog piepjong voelt: “Ik vind het een vreemde gewaarwording dat alle politici jonger zijn dan ik.”

Frank Boeijen is geen spraakwaterval. Of het nu gaat over muziek, zijn theatertour, ouder worden of zijn vriendin Agnes. Bijna verlegen biecht hij op dat hij interviews wel leuk vindt, maar niet altijd weet wat hij moet zeggen. Of beter nog: hóé hij het moet zeggen. Maar laat hem zingen of schrijven en hij weet
 precies hoe hij het wil zeggen. Poëtisch, wondermooi. Dat zijn teksten soms 
onbegrijpelijk worden genoemd, wuift hij lachend weg. En nee, hij voelt nooit de behoefte zijn liedjes uit te leggen. “Iedereen heeft er een ander gevoel bij. Uitleggen voelt als iemand zijn fantasie ontnemen. Dat vind ik jammer. En weet je, vaak weet ik zelf ook niet precies waar ze over gaan. En dat zijn dan mijn beste nummers, waar ik het over heb!” Hij lacht schalks, pakt de menukaart en zegt dat er gegeten en gedronken moet worden. Een garnalencocktail wil hij. Zijn nieuwe theatertournee, en de lange dagen onderweg die daarbij horen, vindt hij makkelijk vol te houden: “Zo oud ben ik toch nog niet?” Al rookt en drinkt hij wel. “Ach ja, de geneugten van het leven, van míjn leven moet ik natuurlijk zeggen. Ik heb er geen last van en merk fysiek ook niet dat het moeilijker gaat dan voorheen. Bovendien is dit wat ik het allerliefst doe, zingen en muziek maken. Het geeft me energie.” Zijn 
theatershow is een reis door de tijd, van de jaren tachtig tot nu. “Het is bijna 
therapeutisch: wie was ik in 1980, toen we net doorbraken met de Frank Boeijen Groep? Hoe was dat toen ik tien jaar later alleen verderging? Welke muziek maakte ik, welke muziek wil ik nog maken? In die zin is het een reis 
geworden. Door mijn muzikale carrière, maar vooral ook door mijn leven.”

Heb je nooit bij een nummer het gevoel: daar gaan we weer?
“Ik ben trots op alle nummers die ik heb gemaakt. Zelfs op Linda, een nummer dat ik eigenlijk niet meer zing, omdat ik er destijds niet tevreden mee was. Mijn liedjes staan voor een bepaalde periode in mijn leven, elk nummer heeft me 
verder gebracht als muzikant, als mens. Mijn mooiste nummer? De verzoening zing ik nog heel graag. Dat nummer is onder mijn huid gaan zitten.”

Zwart wit uit 1983 schreef je naar 
aanleiding van een racistische moord. Je had het ook nu kunnen schrijven.
“Het is helaas nog steeds actueel. Ik had toen het gevoel dat ik dat nummer moest schrijven, zoals ik nu het gevoel heb dat ik het moet zingen. Ik durf niet te zeggen of het er in die dertig jaar beter op is geworden in Nederland, of in de rest van de wereld.”

Beangstigt je dat?
“Eigenlijk wel. Niemand kijkt meer op van racisme. De Amerikaanse president zet een hele bevolkingsgroep weg als minderwaardig en zegt dat gewoon op tv. Eigenlijk krijgt zo iemand veel te veel aandacht. Zo’n man roept dat hij ons wil bevrijden; waarvan dan?”

Als je, zeg maar, die tijdreis gaat maken, denk je dan ook aan de jonge Frank die in het café begon?
“Ja, want dat heeft me gevormd als 
muzikant. Ik stond daar met mijn gitaar. Niemand luisterde, iedereen praatte met elkaar. En dan zong ik ook nog Nederlandstalig, wat iedereen 
verschrikkelijk vond. Ik heb er nooit zo over nagedacht. Maar nu we het erover hebben, realiseer ik me dat het me wel degelijk heeft gemaakt tot de muzikant die ik vandaag ben. Ik leerde in die tijd om in en op mezelf te vertrouwen, mijn eigen koers te varen, vrijheid op te 
zoeken in wat ik wilde doen. Ik was best een eigenwijze jongen, want waarom zong ik niet in het Engels als mensen dat wilden horen? Ik vond het belachelijk om in een andere taal te zingen.”

‘Mijn liedjes uitleggen voelt als iemand zijn fantasie ontnemen. Ik weet zelf niet eens precies waar ze over gaan’

Heb je daar nooit over getwijfeld?
“Ik kan een boodschap alleen in het Nederlands overbrengen zoals ik ’m
 bedoel. Ik ben lang geleden met een Engelse vrouw getrouwd geweest en droomde toen zelfs in het Engels. Maar zingen ging niet, dan voelde ik me toch beroofd van mijn taal.”

Heeft dat begin je ook gevormd als mens?
“Ik denk dat ik als mens vooral ben 
gevormd door mijn opvoeding. Ik ben opgegroeid in een arbeiderswijk. Mijn vader was typograaf, mijn moeder was thuis. In de buurt was het duidelijk: je woont met elkaar, leeft met elkaar en helpt elkaar. Echte mensen, geen 
achterbaks gedoe. Mijn ouders hadden de oorlog meegemaakt. Dat was een 
moreel ijkpunt. Mijn vader kwam uit Oss, waar veel Joden woonden, maar bracht de oorlog door in Hoorn. Toen hij terugkwam in Brabant dacht hij terug te gaan naar zijn leven zoals het was 
geweest. Maar al zijn Joodse vriendjes waren weg. Dat heeft hij er bij ons altijd ingestampt: dat mag nooit meer 
gebeuren. Er was bij ons thuis ook veel muziek. Ik ben de jongste van tien 
kinderen. Op zondag zat iedereen rond de tafel en maakte muziek. De tafel stond midden in de kamer, erboven hing een grote lamp. We waren klein behuisd, hadden geen tv en in mijn herinnering werd er heel vaak gezongen. Mijn zus speelde gitaar, alle kinderen zaten op een koor. Als we ’s zondags naar de kerk waren geweest, zongen we thuis liedjes van Bob Dylan en Neil Young. Wat ik al snel oppikte was dat uit het gevoel van muziek maken zo veel liefde sprak. Ik wist al heel jong dat ik dat wilde doen.”

tekst: saskia smith
fotografie: ester gebuis
styling: nicolette brønsted
met dank aan: hotel blue

Dit is een gedeelte uit het interview met schrijver Frank Boeijen. Het volledige interview lees je in Margriet 09-2017. Dit nummer nabestellen? Dat kan via Tijdschrift365.nl. Je kunt het hele interview ook online lezen via Blendle.

Lees ook:

Artikelen van Margriet.nl ontvangen in je mailbox? Schrijf je in op Margriet.nl/nieuwsbrief

Ook interessant