Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Persoonlijk

Edwin Spee over leven zonder Bibian: ‘Ik ben verdrietig, maar niet ingestort’

edwin-spee-over-leven-zonder-bibian-ik-ben-verdrietig-maar-niet-ingestort.jpg

Edwin Spee, vanaf volgende week de nieuwe columnist van Margriet, heeft bewogen maanden achter de rug. Eind maart overleed zijn geliefde vrouw, snowboarder Bibian Mentel. En ja, er is verdriet, maar er zijn vooral heel veel mooie herinneringen.

“Het moment dat Bibian stierf was mooi en verdrietig tegelijk.”

Herinneringen maken

“’Welke herinneringen kunnen we nog maken?’ Dat was wat Bibian steeds vroeg. We keken niet naar het verdriet, dat er natuurlijk ook was, maar naar de tijd die we nog hadden. Wat konden we nog doen? Haar positiviteit zat ook daarin. De laatste weken wilden de artsen nog een hersenscan maken om de groei van de tumoren in haar hoofd in kaart te brengen. Ze kon niet meer goed zien, niet meer met bestek eten, aankleden lukte niet meer; ze ging hard achteruit. Maar Bibian had zoiets van: als die scan zou laten zien dat we nog een paar wéken hadden in plaats van een paar dágen, dan konden we misschien nog een weekend weg. Vijf weken eerder hadden de artsen op een vrijdag gezegd dat ze het einde van het weekend waarschijnlijk niet zou halen en nu hadden we die weken cadeau gekregen. Dat was iets waar ze enorm van genoot.”

Mooie dagen

“Het moment dat Bibian stierf was mooi en verdrietig tegelijk. Die laatste dagen was ze snel achteruit­gegaan, ze had veel moeite met ademen. Vrienden kwamen langs, dat vond ze leuk, dan zat ze rechtop in bed en was met iedereen bezig. Het ging dan niet over haar, maar ze wilde weten hoe het met de ander was. Wat hadden ze gedaan? Hoe ging het met de kinderen? Wat gebeurde er op hun werk? Dat was Bibian ten voeten uit, altijd geïnteresseerd in anderen. Dat ze aan het einde van de dag dan heel moe was, vond ze niet erg. Het waren mooie dagen met dierbare momenten, we hebben op de rand van haar bed thee gedronken en gelachen.”

Heel onwerkelijk

“Op maandagochtend 29 maart kreeg ze het echt zwaar. Ik had haar medicijnen gegeven, zodat ze het minder benauwd had en zei tegen haar dat ze even moest gaan liggen en ontspannen. Met die prachtige lach op haar gezicht ging ze liggen. Ik had haar hand vast, er zat een vriendin op de rand van het bed, mijn dochter stond naast me. Ineens komt Bibian omhoog om, voor mijn gevoel, mij een kus te geven, maar daar had ze niet genoeg kracht meer voor. Ze viel, met nog steeds een lach op haar gezicht, weer achterover op het kussen. En toen was ze dood. Ik wist al zes jaar dat die dag zou gaan komen en ik wist die laatste weken ook dat die dag steeds dichterbij kwam. Maar toch dacht ik op dat moment: dit kan niet. Het was eigenlijk heel onwerkelijk.”

Leven in het moment

“Heb ik goed afscheid genomen? Die vraag krijg ik vaak. Maar wat is afscheid nemen? Dat je vaarwel zegt tegen iemand? Of neem je pas afscheid als iemand is overleden? Misschien heb ik niet heel bewust over afscheid nemen nagedacht, omdat we niks hadden uit te praten of het gevoel hadden dat we nog van alles tegen elkaar moesten zeggen. Ik heb om me heen sterfgevallen meegemaakt waar op de valreep nog van alles moest worden besproken. Dat hadden Bibian en ik niet, alles was gezegd. Die laatste weken hebben we vooral gepraat over leuke herin­neringen en ontroerende momenten die we hadden meegemaakt en genoten van de tijd die we nog samen hadden. We leefden echt in het moment.

Lees ook:
Gasthoofdredacteur Bibian Mentel: ‘Deze Margriet is een herinnering aan mij’

Geen vaarwel

Een van mijn dochters kwam elke dag langs en dan printte ze een foto van haar telefoon uit en schreef daar iets leuks bij voor Bibian. Ze begon daarmee toen we dachten dat ze misschien nog een week zou leven. Na drie weken was Bibian er nog en zei mijn dochter dat ze niet meer wist wat ze moest schrijven. Ik vond dat heel mooi, want dat betekende dat ze alles had gezegd wat ze nog had willen zeggen. Dat gold voor ons allemaal. En Bibian wilde zelf ook van niemand afscheid nemen. Als vrienden weggingen, zei ze altijd: ‘Ik zeg geen vaarwel, maar tot de volgende keer, want ik weet niet hoelang ik er nog ben.’

Rust en berusting

“Er was na haar dood vooral rust en berusting. Ik was rustig omdat Bibian dat ook was. Ze had zo veel mooie dingen meegemaakt, ze had haar zoon achttien zien worden, dat was haar grootste wens, ze was thuis, omringd door de mensen van wie ze hield en ze was niet bang voor de dood. Ik mis haar vreselijk, maar troost me met de gedachte dat Bibian alles uit het leven heeft gehaald wat erin zat. Nadat ze was overleden is ze nog een week thuisgebleven. In de slaapkamer lag ze opgebaard. Daar hadden we heel bewust voor gekozen, om haar nog even bij ons te houden. Ze lag op een koelmatras en dat maakte best veel lawaai. Ik sliep daarom in een andere kamer, maar ging elke ochtend als ik wakker werd naar haar toe. Dan ging ik naast haar liggen en met haar kletsen. Over gedachtes die ik had, maar ook wat ik die dag ging doen. Ik heb haar die week ook nog geknuffeld en gekust. Dat was eigenlijk heel fijn.”

De wereld gaat door

“Haar dood bracht een golf van verdriet door Nederland. Op de radio en televisie werd er veel aandacht aan besteed, vanuit het hele land kwamen condoleances, we werden overspoeld met appjes, mails en kaarten. Bij de uitvaart stonden duizenden mensen langs de route. Ik vond het mooi om te zien dat dat meisje uit Loosdrecht zo veel mensen heeft weten te raken. En wat heel vreemd is, maar ook iets moois heeft, is dat de wereld een dag later volop doorgaat. Als ik nu diezelfde route rijd staat er niemand langs de kant. De berichten in de krant gaan niet meer over haar. En dat is goed, we zijn gewapend met een overlevingsinstinct dat ervoor zorgt dat de wereld niet verandert in een grote depressieve bol.”

Niet verdrinken in verdriet

“Dat geldt ook voor ons gezin. Bibian zou het vreselijk hebben gevonden als wij zouden instorten. Een paar weken na de uitvaart was ik met Julian uitgenodigd door vrienden om met hen naar Ibiza te gaan. En dat zijn we gaan doen. Op een van de avonden dat we daar waren hadden Julian en ik het erover dat we vonden dat we minder verdrietig waren dan we hadden verwacht. Het heeft er wellicht mee te maken dat we de afgelopen vijf jaar naar dit moment hebben toegeleefd, maar ook hoe wij als gezin in het leven staan. We keken, en kijken, altijd naar de mogelijkheden, naar dat wat er nog wel is. Verdriet mocht, en mag er zijn, maar we willen er niet in verdrinken. We hebben tijdens het leven van Bibian gehuild, ook met de kinderen erbij, maar daarna kwam altijd weer die focus: wat is nog wel leuk? Wat is er nog wel? En die gedachte geeft ook kracht. Het voelt niet als een verplichting, maar Bibian zou wel willen dat we volop van het leven genieten.”

“Er zijn moment dat ik haar ongelooflijk mis. Soms kan ik makkelijk over haar praten en soms word ik overvallen door verdriet als ik dat doe. Ik kom haar ook nog overal tegen, op foto’s, in artikelen, interviews en filmpjes. Laatst was ik aan het eten in een restaurant en daar hing een grote foto van haar aan de muur.”

Nieuwe herinneringen

“Over hoe ik verder zou gaan na haar dood, daar hebben we het geregeld over gehad. Vooral Bibian begon daarover, ik vond dat lastig. In het ziekenhuis werd vaak gevraagd of ik hulp wilde, maar ik zei altijd dat ik dat niet nodig had, omdat ik pas zou instorten na haar dood. Voor Bibian was dat moeilijk, want die wist dat als dat zou gebeuren ze er dan niet voor mij kon zijn. Ik ben verdrietig, maar niet ingestort en kan goed leven met het verdriet. Dat ik mijn leven oppak en verder leef doe ik zonder schuldgevoel. Bibian had het zo gewild en zei vaak genoeg tegen me: ‘Ik gun jou het geluk.’”

Leven na de dood

“Ik geloof niet per se in een leven na de dood, maar het zou arrogant zijn om te zeggen dat er niks is. We weten het simpelweg niet. Er zijn wel bijzondere dingen gebeurd waarvan ik vroeger zou denken: toeval, maar waarvan ik nu denk: grappig als dit Bibian is. In 1987 hadden we bijvoorbeeld voor het laatst sneeuw in april. De week na Bibians overlijden, begin april, was het best mooi weer, maar in die week hadden we elke dag een moment dat het weer omsloeg en de tuin even wit was. Nou ja, Bieb had wel wat met sneeuw. En hoe leuk zou het zijn dat ze dan elke dag voor een laagje sneeuw zorgt. Geloof ik erin? Nee. Maar vind ik het leuk om erin te geloven? Ja.”

“Ik maak nu nieuwe herinneringen met ons gezin. Deze zomer gingen we twee weken naar Spanje. Daar keek ik enorm naar uit. En we zijn al met z’n allen – haar zoon, mijn twee dochters en aanhang – een lang weekend naar Haarlem geweest. Die eerste keer was onwennig, een beetje gek ook zonder Bibian, maar allemaal hadden we er een goed gevoel bij. Ook omdat ze nog erg aanwezig is. In onze verhalen, onze herinneringen en gedachten.”

Tekst | Saskia Smith
Fotografie | Mariel Kolmschot

Dit interview staat in Margriet 40. Wil je deze editie nabestellen? Dat kan via lossebladen.nl.

Ook interessant