Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Persoonlijk

Cornald Maas: ‘Ik doe precies waar ik als kind van droomde’

cornald-maas-ik-doe-precies-waar-ik-als-kind-van-droomde.png

Ook bij programmamaker Cornald Maas (58) gooide covid-19 in 2020 roet in het eten. Na onze songfestivalwinst in 2019 had hij zich er zo op verheugd dat ‘zijn’ muziekfestijn nu eindelijk naar Nederland zou komen.

Het kost Cornald Maas moeite om zijn voordeur open te krijgen. De tweedelige boerendeur van zijn knusse Amsterdamse woning klemt. “Het wordt steeds erger,” zegt hij, nadat het eenmaal toch is gelukt. “Gisteren deed ik er een halfuur over. Moest ik bijna mijn vriend Martijn bellen dat ik niet naar hem toe kon komen.” Het is vermoedelijk de schuld van de buren. Zij hebben de fundering van hun pand vernieuwd.

Zijn huis

“Ze zijn al een jaar bezig. Mijn huis trilt geregeld. Er is een scheur in mijn muur bijgekomen, een kastdeur in de keuken is gaan klemmen en sinds een paar weken dus ook mijn voordeur.” Zal je net zien. Kan er ook nog wel bij. De ongemakken komen boven op alle coronamaatregelen die Cornalds leven als cultuurliefhebber pur sang flink overhoop hebben gegooid. “Theaters, bioscopen en musea zijn ongelooflijk coronabestendig en wat laten ze, volgens de laatste berichten, wél open? De kerken! En je mag ook gewoon nog in een vliegtuig.” Dan licht zijn telefoon op. Een berichtje. Hij leest en zucht: “Oh, moet je horen…”

Wat is er?

“Ik zou morgen voor de eerste keer in mijn leven naar een personal trainer gaan. Hij appt nu dat hij positief is getest op corona. Gaat dus ook niet door.”

Vanwaar opeens dat sporten?

“Ik had last van een pijnlijke ontsteking in mijn rechterbeen en kwam nauwelijks de trap nog op. Gelukkig was het na twee dagen weg, maar het was wel een teken aan de wand. Voorheen fietste ik op hoog tempo door Amsterdam op weg naar allerlei afspraken. Nu kom ik bijna de deur niet meer uit en dreig ik zelfs een buikje te krijgen. Nadat ook Martijn al honderdduizend keer had gezegd: ‘Je moet meer bewegen!’ had ik eindelijk een afspraak gemaakt… En nu dit. Het past prachtig in het scenario van 2020. Ik ben al maanden bezig met omschakelen, afzeggen en plannen omgooien.”

Wat doet dat met je?

“Voor iemand die eraan gewend is om alles altijd heel zorgvuldig te plannen is dit best een beproeving. In het licht van de eeuwigheid is het allemaal niet erg, maar dit is een pittige periode. Sinds mijn afstuderen in 1986 heb ik eigenlijk altijd keihard gewerkt. Met veel plezier. Ik doe precies waar ik als kind van droomde: ik maak mooie tv-programma’s over kunst en cultuur, ik denk als bestuurslid van de VandenEnde Foundation mee over de toekenning van beurzen aan jonge kunstenaars, becommentarieer het Eurovisiesongfestival en ik schrijf. Ik heb echt van mijn hobby mijn werk gemaakt.”

En nu is dat dus stilgevallen.

“Het stomme is dat ik vóór corona al had bedacht om mijn hoofd een paar maanden eens helemaal leeg te maken. Vanaf oktober zou ik klaar zijn met de nieuwe reeks van mijn programma Volle zalen en was ook het Songfestival lang en breed achter de rug. Mijn plan was om daarna veel weg te gaan. Een goede vriend van mij woont in Parijs en een ander in Zuid-Afrika. Naar beiden wilde ik een paar weken toe. Kijken wat er gebeurt. Misschien zou ik wel een geweldig idee krijgen voor een nieuw boek of voor iets anders. Want in die constante drukte die ik altijd heb, kom ik niet tot dat soort bespiegelingen. Mijn leven draait maar door. Ik heb ook altijd veel intensieve sociale contacten die soms tot een agenda-infarct leiden. Het leek me spannend om voor het eerst van mijn leven eens alles open te laten. Ironisch genoeg is mijn agenda nu inderdaad leeg. Alleen speelt mijn leven zich nu vooral af op deze paar vierkante meter. Achter die klemmende voordeur. Over metaforen gesproken.”

Voel je zelf angst om corona te krijgen?

“Ik ben niet bang, maar ik doe geen onverantwoorde dingen. Ik heb tijdens de lockdown vanaf half maart, mijn moeder lange tijd niet gezoend of vastgehouden. Maar op een gegeven moment trok zij dat niet meer. Ze is een mentaal sterke, zelfstandige vrouw van 81. Maar als alleenstaande vindt ze het moeilijk om lang geen enkel fysiek contact te hebben. De eerste twee keer dat ik haar weer opzocht, hebben we elkaar niet aangeraakt. Maar de derde keer hield ze het gewoon niet meer vol. Opeens pakte ze mij stevig vast en begon te huilen. Ik voelde haar schokschouderen, omdat ze ons fysieke contact zo had gemist. Maar ja, je moet toch voorzichtig zijn. Ze is hartpatiënt en behoort tot de risicogroep. Ze heeft op haar schoorsteen een ondertekende verklaring liggen. Daarop staat dat als ze corona krijgt, zij niet naar een ic wil. De uiterste consequentie is dat ze dan overlijdt.”

Wat vind je daarvan?

“Ik vind het een dapper besluit en steun haar daarin. Het is haar goed recht. Mijn vader overleed vorig jaar plotseling. Het was de dag nadat Nederland het Songfestival won. Zo’n bizarre coïncidentie. Van de Songfestival-euforie zó een rouwproces in. Ik kan nog steeds niet goed inschatten wat zijn dood voor mij betekent. Wat het wezenlijk met me doet. Gek hè? Ik weet ook niet hoe ik me zou voelen als mijn moeder er niet meer is. Maar je weet ook niet wat zo’n ic-opname met haar doet. Ik gun mijn moeder niet dat ze vervolgens op een verpleegafdeling moet leven, waar ze de laatste resten autonomie verliest. Dat past niet bij het zelfstandige type vrouw dat mijn moeder is.”

Lees ook: 
Anita Witzier en dochter Julia over angsten, opvoeden, ouder worden én roem

Vieren jullie kerst samen?

“Ja. Ze zit noodgedwongen veel in haar eentje thuis; bridgen en gymen zijn afgelast. Daarom heb ik deze herfst een hotel geboekt in Domburg voor een deel van de kerstperiode. Dan heeft ze ten minste iets om naar uit te kijken. In Domburg kwamen we vroeger vaak met het gezin. Die omgeving vind ik magisch en doet me terugdenken aan mijn zorgeloze kinderjaren. Met kerst zitten we daar dus met zijn drieën. Mijn moeder, Martijn en ik.”

Hoe zou je de band met jouw moeder omschrijven?

“Ontzettend hecht. Volgens sommigen ook wel op het ongezonde af.”

Wat vinden zij er ongezond aan?

“Bijvoorbeeld dat mijn moeder, toen ik in Leiden ging studeren, haar zielenheil met mij deelde in brieven. Mijn ouders scheidden in die periode en ze deelde haar gevoelens met mij in tientallen brieven die ze me schreef. Die vormden later de basis voor het boek Ach kind toch dat ik over haar leven heb geschreven. Ze stuurde mij details over haar huwelijk met mijn vader die hij zelf niet eens kende. Sommige mensen die het boek hebben gelezen, vonden dat belastend voor mij. Zelf ik heb dat niet zo ervaren.”

Deelde ze dat ook met jouw broer of zus?

“Nee, mijn zus is veel jonger. We schelen zeven jaar. Zij was bij wijze van spreken het kind van de rekening. Mijn broer zat als atleet veel in Amerika en was letterlijk en figuurlijk minder dichtbij. Hij maakt van zijn hart geen moordkuil, maar legt minder makkelijk zijn zorgen op tafel, zoals ik dat wel doe. Bij mij is alles veel meer aan de oppervlakte en bij mijn moeder ook.”

Hoe was de band met jouw vader?

“Goed. Maar met mijn moeder ben ik altijd meer opgetrokken. De scheiding van mijn ouders heeft daarin een rol gespeeld. Die verdiende niet de schoonheidsprijs en leverde veel gedoe op: een teleurgestelde vader en een moeder die voor zichzelf koos. Ze had een nieuwe man leren kennen. Hij was iemand die het ervan nam, kwam voor zijn werk veel in het buitenland en dat appelleerde aan haar behoefte om de wereld te ontdekken. Hij bood haar iets anders dan wat ze met mijn vader gewend wasIk had er zo mijn bedenkingen bij. De scheiding heeft mij uiteindelijk nogal aangegrepen, maar ik begreep de keuze van mijn moeder wel.”

Zelf ben je inmiddels 24 jaar samen met Martijn. Al plannen om te gaan samenwonen?

“Nee. Martijn woont op vijf minuten fietsen hier vandaan. Gisterenavond was ik bij hem. Er waren verschillende tv-programma’s die we wilden zien en om elf uur stelde ik voor om ook nog een Netflix-serie te kijken. Maar hij wilde naar bed. Dus fietste ik gewoon weer naar huis. Dan hebben we een avond fijn met elkaar doorgebracht, maar daarna gaat ieder zijn eigen gang. Hij naar bed en ik rommel thuis nog een beetje door tot half een. Zoals het nu gaat, gaat het goed. Ik zie geen aanleiding om het te veranderen. Fijn is ook dat we geen last hebben van elkaars rondslingerende kleding of andere huiselijke rompslomp. Als mijn voordeur klemt of mijn laptop weer eens vastloopt, moet ik dat zelf zien op te lossen. Maar ik geef toe dat ik Martijn dan wel eens radeloos bel, omdat hij veel praktischer is dan ik. Ik heb sowieso een bad karma voor alles wat met techniek en energie te maken heeft. Bij mij gaat altijd alles kapot.”

Ben je een beetje een zwartkijker?

“Geen zwartkijker, maar ik zie wel snel de beperkingen van situaties in. Neem dit coronajaar. Ik zag de bui al vroeg hangen. Ik was op weg naar Bergen op Zoom waar ik al 38 jaar lang de carnavalsoptocht jureer. Er was toen nog geen covid in Nederland, maar in Italië rommelde het al. Onderweg appte ik Martijn: ‘Je zult zien dat straks het songfestival niet doorgaat.’ Hij reageerde: ‘Maak je nou maar niet zo druk, jij ziet altijd meteen twintig beren op de weg.’ Maar ik krijg vaak gelijk. Zeker als het gaat om mediazaken kan ik altijd uittekenen hoe de hazen lopen. Wanneer ik zie dat iets mis dreigt te gaan, handel ik daar meteen naar. Ik heb een onverzettelijk karakter en ben proactief. Nog voor het Songfestival officieel werd afgelast opperde ik bij de NPO allerlei alternatieven.”

Hoe groot was de teleurstelling voor jou?

“Ik begreep goed waarom het niet door kon gaan, maar in het begin voelde het voor mij bijna als rouw. Ik volg het Songfestival al sinds mijn kindertijd. En als je 44 jaar na Ding-a-dong eindelijk weer eens wint en dat bovendien deels voortkomt uit strijd die je zelf hebt geleverd… Want ook in de duistere jaren vóór Anouk, waarin niemand nog een stuiver gaf voor onze deelname, ben ik me ervoor blijven inzetten. Tot Duncan Laurence aan toe. Als we dan winnen en eindelijk zelf dat grootse feest mogen organiseren, is het een domper als het niet doorgaat. Ook komend jaar, verwacht ik, zullen we door corona niet het uitbundige feest meemaken in Ahoy, zoals het had moeten zijn. Maar misschien is dat ook niet erg.”

Cornald Maas: ‘Ik doe precies waar ik als kind van droomde’

Hoe bedoel je?

“Misschien werpt corona ons ook wel terug naar de kern en realiseren we wat nou echt belangrijk is. Het geldt bijvoorbeeld voor enkele afgelaste evenementen, waarbij ik betrokken ben: Oerol, carnaval, het Songfestival, Amsterdam Pride. Moet het allemaal wel steeds grootser? Covid biedt de kans tot herijking. Ik hoop dat we met zijn allen iets aan deze periode hebben en corona op termijn zelfs meer vreugde en zingeving biedt. We lijken ons nu al meer te beseffen wat er echt toe doet in het leven. Er wordt veel meer gediscussieerd over de echte waarde van ons zorgstelsel, onderwijs, kunst en cultuur en ons klimaat. In dat licht zou ik mijn gemopper over mijn voordeur en andere praktische ongemakken eigenlijk met een grote armzwaai van tafel moeten vegen. Uiteindelijk is dat onbelangrijk. Dat besef heb ik dan gelukkig ook wel weer.”

Dit artikel verscheen eerder in Margiet 2020-52. Dit nummer nabestellen? Dan kan via magazine.nl

Artikelen van Margriet.nl ontvangen in je mailbox?
Schrijf je in via margriet.nl/nieuwsbrief.  

Tekst | Ernest Marx
Fotografie | Marloes Bosch

Ook interessant