Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Persoonlijk

Audrey (50): ‘Het is goed als men zich ook van ‘onderhuids racisme’ bewust wordt’

lezeres-audrey-50-het-is-goed-als-men-zich-ook-van-onderhuids-racisme-bewust-wordt.jpg

Het debat rond racisme is ons land in volle gang. Maar hoe worden vrouwen in het dagelijks leven geconfronteerd met vooroordelen en (onderhuids) racisme? Lezeres Audrey Ferrol (50) vertelt haar verhaal.

“Er is racisme, er is ‘onderhuids racisme’ en er is onbeschoftheid. Dat zijn verschillende dingen.”

Niet goed genoeg

Audrey is geboren in Suriname en kwam op haar zevende samen met haar moeder naar Nederland. Audrey werkt als yogadocente, mindsetcoach voor 45+-vrouwen is en invalleerkracht. Ze woont alleen.

“Het zaadje van het ‘ik ben niet goed genoeg’- gevoel werd denk ik al jong geplant. In Suriname zat ik in de tweede klas van de lagere school en hier in Nederland werd ik direct teruggezet naar de eerste klas. Vanuit school was het idee daarachter: een kind uit Suriname heeft per definitie een achterstand in haar ontwikkeling. Voor mij voelde dit als een vernedering. En ik moest al zo wennen aan alles; Suriname was zonnig en heel ruimtelijk, hier was het koud en geordend.”

Onderhuids racisme op het schoolplein

“Op school had ik veel vriendinnetjes en toch had ik geregeld het gevoel dat ik buitengesloten werd en dat de schuld van een conflict al snel in mijn schoenen werd geschoven. Er waren een paar jongens die grappen maakten over mijn mond. ‘Jij met je zoeloelippen’, zeiden ze. Kun je het je voorstellen? Tegenwoordig spuiten heel veel vrouwen hun lippen op omdat ze dat zo mooi vinden. Maar goed, toen dacht ik vaak: ik zie er niet uit en mensen mogen me niet. Ik was bovendien de enige in de klas met een kleurtje. Alles bij elkaar voelde ik me geregeld eenzaam, al liet ik dat niet zien. Ik was een stoer meisje, een echte tomboy.”

Douane

“Voor mijn dertigste had ik allerlei baantjes en reisde ik veel. Ik kan goed alleen zijn en vrijheid is voor mij belangrijk. Reizen geeft me veel plezier, door de ontmoetingen met verschillende culturen, de interactie met allerlei mensen en de prettige spanning die het onderweg zijn met zich meebrengt.”

“Op die reizen heb ik nooit veel gemerkt van racisme, behalve een keer op het vliegveld in Italië, waar ik werd aangehouden. De douanier ging in al mijn spullen kijken. Ik vroeg waar hij naar op zoek was. Naar drugs, zei hij. Ik keek hem aan en zei: ‘Is het drugs of is het dit?’ en wees naar mijn huid. Hij zei: ‘No, you’re almost white.’ Dan weet je dat het daar dus eigenlijk wel om gaat. Dat wit zijn betekent dat je tot een betere klasse zou behoren, zo kwam dat over.”

Andere cultuur

“Toen ik na de pabo op een basisschool ging werken, kwam ik het weer tegen. Als ik het met kennissen had over kinderen met een ‘uitdaging’ of lastig gedrag, werd er meteen gedacht aan buitenlandse kinderen. Als ik dan zei dat het om blanke, autochtone kinderen ging, keken ze verbaasd. Ook zag ik ouders die niet wilden dat hun witte kind bij een kind uit een andere cultuur ging spelen. Die kinderen zelf maakten er nooit een punt van, het waren de ouders.”

Grenzen stellen

“Ik heb ook op een werkplek gehad dat mijn collega’s grapjes stonden te maken over Surinamers. Hoe ze eruitzien, dat ze dom zijn, dat soort dingen. En dan keken ze doodleuk mij aan, zo van: wat vind jij ervan? Op zo’n moment ben ik meestal flabbergasted en kan ik niet meteen reageren. Ondertussen steekt het natuurlijk wel en komt dat gevoel van minderwaardigheid weer naar boven.
Tegenwoordig stel ik grenzen.”

“Zo kwam ik een paar jaar geleden op school binnen met een zonnebril. Een collega zei: ‘Zo, nu zie je er echt uit als een criminele Surinamer.’ Op dat moment dacht ik: hier heb ik dus echt geen zin meer in. Dit was voor mij de bloody limit. Ik besloot dat ik niet meer met haar wilde omgaan, trok mijn grens. Nu lach ik ook niet meer, uit een soort ongemak, als dit soort dingen worden gezegd. Ik durf veel beter de confrontatie aan te gaan.”

Lees ook: Waarom de dood van George Floyd ook in Nederland tot protesten leidt

Strijden voor gelijkheid

“Dat veel mensen zich nu bezighouden met gelijkwaardigheid en strijden tegen racisme helpt daarbij. Dat maakt toch dat je je gesteund voelt. Overigens vind ik wel dat we heel duidelijk voor ogen moeten houden wat racisme is en dat is als je willens en wetens iemand wegzet alsof hij niet goed genoeg is, minder dan jij, vanwege zijn ras. En soms is dat wat minder willens en wetens, maar het is goed als iedereen zich ook van dat ‘onderhuidse racisme’ bewust wordt.”

“Er is racisme, er is ‘onderhuids racisme’ en er is onbeschoftheid. Dat zijn verschillende dingen. Als iemand aan mijn haar wil voelen of gewoon trekt, vind ik dat onbeschoft, maar niet racistisch. Als ik in de lift sta na een bezoek aan mijn oma in het verzorgingstehuis en een mevrouw zegt: ‘Zo, einde van de werkdag?’ dan komt het in de buurt. Dan heb je het sowieso over vooroordelen.”

Demonstraties

“Wat er in de Verenigde Staten gebeurt is natuurlijk volstrekt idioot. En dat in een samenleving die het heeft over democratie, vrijheid en gelijkheid. Het is niet te vergelijken met hoe wij in Nederland met elkaar omgaan. Maar feit blijft dat er ook hier racisme bestaat. Het is mooi om te zien dat jongeren – zwart én wit – zich met hart en ziel inzetten voor gelijkheid. De demonstraties breken het gesprek open. Want uiteindelijk is iedereen uniek, maar zijn we allemaal gelijkwaardig.”

“Tegelijkertijd vind ik dat vernietigen van standbeelden echt niet zinvol. Laat de beelden staan, zodat we juist leren kunnen trekken uit het verleden. Als wit mens hoef jij je van mij ook niet te verontschuldigen voor het slavernijverleden. Als je je maar wel realiseert waartoe dit heeft geleid en hoe het nu nog doorspeelt en vooral hoe jij zelf verandering teweeg kunt brengen, door je eigen gedrag onder de loep te nemen.”

Meer zichtbaarheid

“Het zou mooi zijn als er meer donkere vrouwen zichtbaar worden binnen onze samenleving en dat zij ook serieus worden genomen. Laatst zag ik op televisie een donkere professor, een deskundige op het gebied van diversiteit. Hij zei heel wijze dingen, maar kreeg als reactie: ‘Ja, maar jij bent bevooroordeeld.’ Dat is toch raar? Dat zeggen we toch ook niet tegen een witte man? En kijk naar de regering: hartstikke wit.”

Verhalen vertellen

“Ik geloof dat we in een tijd van transitie leven, mede veroorzaakt door de coronacrisis. Mensen zijn op zichzelf teruggeworpen en daardoor veel bewuster van de wereld om hen heen en hoe zij zich tot die wereld verhouden. Dat is wat er gebeurt als het geraas en de drukte wegvallen. De onrust in de Verenigde Staten vormde slechts de trigger, hierdoor kwam alles naar boven.”

“Het begrip dat er nu aan het ontstaan is en de manier waarop er over dit onderwerp wordt gepraat, heb ik nog niet eerder meegemaakt. Ik hoop zo dat de onrust straks verandert in meer begrip voor elkaar. Laat die vulkaan maar even barsten en spuwen en daarna tot rust komen. Het is tijd voor verandering. Ik hoop ook op meer leiderschap voor vrouwen. Mannen zijn van nature op zichzelf gericht, vrouwen willen dat het de gemeenschap goed gaat. Een grotere invloed van vrouwen kan bijdragen aan een verdraagzamere samenleving, waarin we met elkaar praten en vooral goed naar elkaar luisteren. Pas dan ontstaat er verbondenheid en kunnen we elkaar inspireren, voeden en troosten. Wat een verrijking zal dat zijn!”

Artikelen van Margriet.nl ontvangen in je mailbox?
Schrijf je in op margriet.nl/nieuwsbrief.

Tekst | Marijke Kolk
Beeld | Mariel Kolmschot

Dit interview verscheen eerder in Margriet 2020-29/30. Dit nummer teruglezen? Ga dan naar Magazine.nl.

Ook interessant