Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Persoonlijk

Arthur Japin: ‘Ik kon niet geloven dat ik het waard was dat iemand zo van mij zou houden’

arthur-japin.jpg

Bij de naam Arthur Japin (65) denk je niet meteen aan een boekje over honden. Toch is dat precies wat hij nu heeft geschreven. Maar meer nog dan over honden gaat het over liefde, onvoorwaardelijke trouw en echt jezelf kunnen zijn. Niet geheel toevallig ook belangrijke thema’s in het leven van de auteur. Journaliste Heleen Spanjaard zocht hem op.

‘Voor liefde heb je je verstand niet nodig. Dat is typisch zoiets wat ik van Trip heb geleerd. Trip was mijn tweede hondje. Wanneer ik zulke dingen zeg, dat je beter je hart kunt volgen dan je hoofd, hoor je eigenlijk hém praten.’ Aldus Arthur Japin in zijn ontroerende boekje Honden voor het leven, dat prachtig is geïllustreerd door van Martijn van der Linden. Het is een ode aan de levenslessen die de drie honden in zijn leven – Kellie, Trip en de jongste aanwinst Basso – de schrijver geleerd hebben.

Chaotische ontmoeting

Onze ontmoeting bij hem thuis in Utrecht verloopt aanvankelijk nogal chaotisch. De oorzaak: Basso, de acht maanden oude, meer dan onstuimige Italiaanse waterhond die het bezoek overlaadt met zijn even vrolijke als nadrukkelijke aanwezigheid. Pas na verloop van tijd, als hij met een zucht in slaap is gevallen, keert de rust terug, en kan het gesprek zonder ‘Basso, niet doen!’ ‘Nee, nu moet je echt even gaan liggen.’ ‘Basso, nu is het genoeg!’ een aanvang nemen.

Honden voor het leven is een verrassende aanwinst in het oeuvre van Japin. “Ik was ook helemaal niet van plan om dit boekje te maken,” vertelt hij, “maar door de komst van Basso kwamen de herinneringen aan mijn vorige twee honden weer boven. Die heb ik aanvankelijk alleen voor Lex en Ben (Japin woont samen met zijn levenspartners uitgever Lex Jansen en auteur Benjamin Moser, red.) opgeschreven. Ik liet het ook lezen aan Joop en Janine van den Ende met wie wij bevriend zijn. Joop zei: ‘Daar moet je meer mee doen.’ Joops intuïtie is feilloos, dus ben ik het gaan uitwerken.  En voor ik het wist was het een boekje.” 

Ik vond het behalve lief, ook heel ontroerend.

“Toen ik het als luisterboek insprak, hielden zowel de regisseuse als ik het niet droog. Gek eigenlijk, ik heb over zo veel aspecten van mijn leven geschreven, maar nog nooit over de honden. Terwijl zij – en dat geldt vooral voor Trip – zo’n essentieel onderdeel van mijn leven zijn geweest. Een ontdekking was ook dat ik een heel directe ‘stem’ heb gevonden die ik hiervoor niet had en waarmee ik de verhalen, die soms best dramatisch zijn, op een luchtige toon aan mijn jongere ik vertel. En daarmee aan alle kinderen én volwassenen die zich alleen voelen, die worden gepest, die een moeizame thuissituatie hebben. Het gaat om het geven van onvoorwaardelijke liefde, om steun en vriendschap, zonder er iets voor terug te verwachten.”

Je eerste hond was Kellie, een Schotse collie-pup, toen Lassie begin jaren zestig op tv te zien was. Kellie is maar kort in je leven geweest.

“Hooguit een week of zes. Het hondje bleek zulke broze botten te hebben, dat het achter elkaar drie pootjes brak, gewoon tijdens het wandelen. Toen al een hedendaags probleem: een ras wordt populair en wordt vervolgens de vernieling in gefokt. Mijn ouders hebben Kellie laten inslapen. Verschrikkelijk natuurlijk. Ik was enig kind, had geen vriendjes, en dat hondje kwam het dichtst bij het gevoel een broertje of zusje te hebben. Het is die afhankelijkheid die mij zo raakt, de wetenschap dat je onvoorwaardelijk wordt vertrouwd.”

Wat heb je geleerd van Kellie?

“Dat je niet moet willen wat iedereen wil. Ik heb ook nooit willen doen wat iedereen doet. Je bepaalt zélf hoe je je leven inricht. Lex, Ben en ik vormen samen een soort roedel waar Basso nu bij is gekomen. Wij beschermen elkaar, we zijn er voor elkaar. Ik groeide op met twee ouders die elkaar naar het leven stonden, werd op school gepest en had geen vriendjes. Je zou na zo’n jeugd misschien denken: ik geef mijn hart niet meer zo makkelijk, maar eigenlijk is het tegendeel gebeurd. Als ik alleen op mijn verstand was afgegaan was deze roedel met Ben erbij niet geformeerd, terwijl het ons juist erg veel geluk heeft gebracht. Dat is mijn boodschap: volg je hart, volg je gevoel met volle overgave. Als het goed voelt natuurlijk. Als je intuïtie je ingeeft dat dat niet zo is, moet je oppassen. Dat doet een hond ook.” 

Je verdriet om Kellie duurde opvallend lang.

“Na verloop van tijd vloeide mijn verdriet om Kellie over in verdriet over de situatie waarin ik als kind zat. Afgelopen juli ben ik 65 jaar geworden en dit jaar vier ik mijn 25-jarig schrijversjubileum. Er is een jubileumboek in de maak waarvoor ik nu allerlei bijzonderheden over de hoofdpersonen van mijn boeken bij elkaar aan het zoeken ben, maar ook privédingen. Gisteren vond ik iets…” Hij hapert even.

Aarzelend gaat Japin in gesprek met zichzelf: “Is het erg om dat te laten zien…? Nee, maar het is wel verdrietig. Nou, ik vertel het je wel zo: het gaat om een blaadje uit de multomap die ik als kind had, waarop ik…”  Hij zwijgt, de emotie is zichtbaar. Herstelt zich en zegt: “Ik kan het je toch beter laten zien.” Hij gaat naar binnen en komt terug met het oude multomapblaadje, waarop in zijn nog kinderlijke handschrift onder elkaar enkele hartverscheurende zinnen zijn geschreven: Ik ben te veel. Ik hoor er niet bij. Ik neem te veel plaats in. Ik ben iedereen tot last. Ik ben een paria. 

Hoe oud hij precies was toen hij dit opschreef weet hij niet meer. “Het pesten begon in de eerste klas van de lagere school. Mogelijk heb ik dit in de eerste klas van de middelbare school opgeschreven. Dit kreeg ik te horen, elke dag. Maar dat vertelde ik mijn ouders niet. Als mijn moeder vroeg waarom ik huilde, zei ik: ‘Om Kellie.’ Ik schaamde me zo dat ik werd gepest en geen vriendjes had.”

Toen je een hond uit het asiel mocht halen, koos je van alle honden die daar zaten Trip, het zieligste, bangste hondje van allemaal. Haalde je niet eigenlijk jezelf uit het asiel? 

“Het zou nobel zijn om ja te zeggen, maar eerlijk gezegd weet ik het niet meer. Niet bewust althans. Omdat hij het nodig had, dat wel. Van angst leek hij wel mismaakt, niemand zou hem kiezen. Ik wist dat honden werden afgemaakt als ze te lang zaten, dus werd het Trip. Al na een paar dagen begon hij helemaal op te bloeien, zijn oortjes gingen overeind staan, het werd net een hertje.”

Je schrijft: Trip zal ook verdrietig zijn geweest dat niemand zag hoe hij vanbinnen was.

Hij houdt het multomapblaadje omhoog: “Het gaat uiteindelijk toch altijd hierom, hè? Ben vroeg laatst: ‘Komt dat blaadje ook in je jubileumboek?’ Ik zei: ‘Nee, dat is veel te erg.’ Maar ’s nachts realiseerde ik mij dat dit nu juist de essentie van mijn werk is: elk van de hoofdfiguren uit mijn boeken had die zinnen kunnen opschrijven. Ik heb lang niet begrepen waarom mensen niet door mij heen konden kijken. Ik kan zo’n houding hebben – doet zijn kin omhoog – een beetje uit de hoogte. Dat is deels mijn balletachtergrond, maar het is ook compensatie. Waarom doorzagen mensen dat niet? Later realiseerde ik me ik dat niet iedereen het vermogen heeft om te zien wat er in een ander omgaat. Ik heb dat wel. Honden ook. Als Basso had gedacht dat jij kwaad zou willen, zou hij nu niet met zijn kop op je voeten liggen slapen.”

Bij Trip zag je wat liefde en aandacht met een verschoppeling doet.

“Het was krankzinnig. Een totale transformatie. Wij waren heel snel één, hij kwam voor me op, hij was blij, maar hij heeft ook veel meegemaakt in ons gezin, zoals de zelfdoding van mijn vader toen mijn moeder en ik een paar dagen weg waren. Het was dat hij van honger en dorst zó begon te blaffen en te piepen, dat uiteindelijk de politie werd gewaarschuwd, anders was hij ook dood geweest. Daarom vloeide ik als kind helemaal met Trip samen; een hond accepteert je zoals je bent, hij gaf troost, hoop en liefde zonder er iets voor terug te verwachten. Trip was een bondgenoot, het was wij tweeën tegen de wereld. Hij leerde mij: houd moed en geloof in jezelf. Door hem was het alsof er een knop in mijn hart werd omgezet.”

Trip is gelukkig wel heel oud geworden.

“Hij was al volwassen toen hij uit het asiel kwam. Vervolgens is hij zeventien jaar bij mij geweest en stierf nadat Lex in mijn leven was gekomen. Drieëntwintig was ik toen. Ik vind het nog steeds belangrijk dat Lex hem heeft gekend. Toen Trip zeker wist dat het goed zat tussen ons, heeft hij het stokje aan Lex doorgegeven. Toen pas mocht hij van zichzelf gaan. Zo voelt dat voor mij. Trip is op een heel natuurlijke manier, met ons erbij, ingeslapen.”

Kun je zeggen dat jij uiteindelijk dezelfde transformatie hebt doorgemaakt door de liefdevolle aandacht van Lex, en later ook van Ben, als Trip destijds door jou? 

“Zo heb ik het wel ervaren, ja. Dat geldt zeker voor Lex die natuurlijk al veel langer in mijn leven is. Zonder hem was het met mij niks geworden. Ik kon niet geloven dat ik het waard was dat iemand van mij zou houden. En toen ik doorkreeg dat dat wel zo was, dacht ik: zo meteen vallen de schellen van zijn ogen en dan ziet hij me zoals iedereen mij altijd heeft gezien. Het heeft anderhalf jaar geduurd voordat ik er echt op durfde te vertrouwen dat Lex het meende. Dat ik zijn liefde waard was. Daardoor bloeide ik op en kon ik eindelijk gaan uitzoeken wie ik ben. Daarvoor was ik alleen bezig met overleven. Creativiteit en onzekerheid gaan – helaas – hand in hand, maar Lex herkent die processen feilloos en geeft zowel privé als in mijn werk precies de goede steun en richting.”

Lees ook:

Onderzoek toont aan: honden snappen het verschil tussen per ongeluk en opzet

En nu is er, veertig jaar na Trip, toch weer een hond in je leven.

“En dat is heerlijk. Door Basso ben ik ook weer dichter bij mijn intuïtie gekomen. Ik voel precies wat zijn behoeften zijn. Zonder woorden. Aan woorden heb ik eigenlijk een enorme hekel.”

Wat bijzonder voor een schrijver.

“Heel ongewoon, ja. Ik ben blij dat ik ze heb, want daardoor kan ik communiceren met mijn lezers. Maar zonder woorden kan het ook, merk je met zo’n hondje. Ik weet precies wat er in hem omgaat. Heeft hij honger, wil hij uit, wil hij slapen, wil hij spelen, wil hij even niets… Dat gedachteloze, woordloze communiceren spreekt mij enorm aan. Wat Basso aan mijn leven heeft toegevoegd? Ontzettend veel plezier. Voor ons alle drie. Je wordt er gelukkig van. Straks gaan we weer met z’n allen naar ons huis in Frankrijk. Het is de bedoeling dat Basso daar leert om truffels te zoeken. Lacht: “We zullen zien of hij zichzelf terugbetaalt!”

Arthur Japin brak al weer bijna 25 jaar geleden door met De zwarte met het witte hart. Als schrijver is Japin internationaal bekend, met vertalingen van Vaslav en Maar buiten is het feest. Voor Een schitterend gebrek kreeg hij de Libris Literatuur Prijs. Sommigen kennen Japin misschien nog wel van voor zijn schrijverschap: Japin was acteur, met rollen bij onder andere De Theaterunie en in GTST en Onderweg naar morgen. Arthur woont samen met Benjamin Moser en Lex Jansen.

Tekst | Heleen Spanjaard
Fotografie | Marloes Bosch
Visagie | Astrid Timmer

Margriet 43 ligt nu in de winkels! Met deze week een groot en openhartig interview met de Haarlemse schrijver Arthur Japin, de leukste herfstjassen voor dit najaar, leren omgaan met eenzaamheid, verhalen over hoe het is als je kind zélf een kind krijgt en nog véél meer. Haal het nummer snel in huis of bestel ‘m online zonder verzendkosten.

Ook interessant