null Beeld

Antje Monteiro: ‘De juf zei tegen klasgenoten dat ze me op afstand moesten houden’

Tegenslag hoeft geluk niet in de weg te staan, daar is Antje Monteiro (52) het levende bewijs van. “Dat mijn levensverhaal kan inspireren, was een verrassing voor me.”

Behalve artieste is Antje Monteiro ook ondernemer. Voor haar bedrijf RAM Entertainment moest ze haar kantoor met personeel ook

tijdens corona draaiende zien te houden. Door het sluiten van de theaters betekende dat snel schakelen en inspelen op wat er nog wél mogelijk was. Het lijkt een beetje de rode draad in haar leven te zijn, waarin ze vaker in situaties belandde die verre van ideaal waren, maar waarin het haar toch lukte er het beste van te maken. In haar boek …EN DOOR geeft ze een kijkje in haar leven, dat verder reikt dan ze tot dusver in interviews prijsgaf.

Inspirerend levensverhaal

“Ik weet dat ik met mijn stem mensen kan raken, maar dat ik anderen ook met mijn levensverhaal kan inspireren, was een verrassing voor me. Daar kwam ik achter doordat mijn zakelijk mentor Ralph van Hessen mij overhaalde om me op het podium te laten interviewen tijdens een positiviteitsdag voor secretaresses. Na afloop kwamen er zo veel vrouwen naar me toe die zich gesterkt voelden door mijn verhaal dat ik helemaal flabbergasted was. Ralph raadde me aan mijn levensverhaal op papier te zetten om zo te laten zien dat tegenslag je geluk niet in de weg hoeft te staan.”

Je groeide op in een woonwagen, voelde je je daardoor als kind anders?

“Niet echt. Al merkte ik wel dat wanneer ik bij mijn beste vriendinnetje thuiskwam, de sociale codes in de burgermaatschappij anders waren dan bij ons thuis. Zo wist ik niet precies of en wanneer je een hand moest geven, maar omdat ik met iedereen altijd goed overweg kon, heb ik dat nooit als een probleem ervaren. Ik was een vrolijk kind dat graag naar school ging. Alleen wilde ik op mijn twaalfde niet mee op schoolkamp, want ik ging niet graag uit logeren. Mijn ouders waren nooit zo pusherig, dus ik mocht die week thuisblijven.

Toen ik daarna op school kwam en naar mijn klasgenootjes liep, renden ze weg en gingen ze staan smoezen. Vervolgens bleven ze me negeren waardoor ik me heel onveilig voelde. Onder het voorwendsel dat ik buikpijn had, belde ik later die dag mijn moeder die me op kwam halen. Het was zo’n nare ervaring dat ik volledig dichtklapte. Ik vertelde mijn moeder er niets over. Zij werd echter gebeld door de moeder van een klasgenote. Haar dochter vertelde dat de juf tijdens het schoolkamp had gezegd dat mijn klasgenoten me maar beter op afstand konden houden, want ik was ‘een zigeunerin en zigeuners stelen’. Ja, lekker zo’n juf. Mijn moeder heeft die juf flink de waarheid gezegd en daarna ben ik niet meer naar die school teruggekeerd.”

Had die ervaring verder nog gevolgen?

“Ja, ik werd me ineens heel erg bewust van mijn ‘anders-zijn’. Omdat ik nogal druk ben, val ik op. Voor mijn vak is dat helemaal niet verkeerd, ik blijk de X-factor te hebben. Maar dat wist ik toen natuurlijk nog niet. Dus ik dacht: ik praat te snel, ik ben te klein, ik ben

te stom, ik haalde me duizend dingen in mijn hoofd waarom ik niet goed genoeg zou zijn. Met als gevolg dat ik last kreeg van paniekaanvallen. Ik slikte pillen om rustiger te worden, maar toen ik tijdens een optreden met een band ineens niet meer kon zingen, heb ik hulp gezocht. Hypnotherapie bleek bij mij effectief. Dat is een vorm van ontspanning en hypnose die doorwerkt in je onderbewuste.”

null Beeld

Je beschrijft in je boek dat collega’s in de muziekshow Jeans er geen idee van hadden wat jij in je privéleven doormaakte.

“Ik woonde destijds samen met een jongen met losse handjes. Hij was slim genoeg om het zo te doen dat het niet voor iedereen zichtbaar was, want hij wist dondersgoed dat als ik een blauw oog zou hebben, hij op zijn beurt klappen zou krijgen van mijn broers. Hoewel hij dan vast een toontje lager had gepiept, verzweeg ik het bewust voor mijn vader en mijn broers om escalatie te voorkomen. Het was een situatie waar ik me voor schaamde en dus niet over sprak. Ik wil geen slachtoffer zijn en vind het niet prettig om op die manier aandacht te krijgen. Hij schopte me geregeld het bed uit en kleineerde me. Uiteraard was dat een aanslag op mijn gevoel van eigenwaarde.

Maar tegelijkertijd ging er dankzij mijn collega’s van de theaterproductie Jeans een wereld voor me open. Ineens zat ik tussen de homo’s, lesbiennes en vrijdenkers. Dat wakkerde mijn eigen hang naar vrijheid aan, ik wilde zelf ook het heft in handen nemen. Toen ik een punt achter mijn relatie wilde zetten, ondernam mijn vriend een zelfmoordpoging. Mijn familie, die niet wist wat zich tussen ons had afgespeeld, heeft zich nog een tijdje om hem bekommerd, maar voor ons tweeën was er geen toekomst meer.”

Je vader was je grote held, maar kampte later met depressies.

“Als jongste van vier kinderen was ik altijd mijn vaders prinsesje. Hij was een stoere kerel, een echte gangmaker, uitbundig en gezellig. Vanaf mijn zestiende kreeg hij het moeilijk toen hij in een depressie belandde. Hij nam zijn toevlucht tot drank, wat de problemen niet minder maakte. Nee, mijn vader heeft me nooit geslagen. Omdat hij zich zo rot voelde, kon hij af en toe wel verbaal agressief zijn, maar ik ging die confrontaties een beetje uit de weg. Ik begreep wel dat het zijn eigen onmacht was. Diverse keren stond hij droog, maar dan viel hij toch weer terug. Het was een heel lieve man waardoor ik het heftig vond om hem zo te zien lijden. Al op zijn zestigste is hij overleden. Veel te vroeg.

Mijn moeder die drie jaar geleden stierf, had een heel ander karakter. Zij was veel kalmer en gelijkmoediger. Van haar heb ik overgenomen om wat er ook gebeurt dóór te gaan. Nooit bij de pakken neer te gaan zitten. Qua temperament lijk ik meer op mijn vader. Ik ben heus af en toe ook wel wanhopig geweest, maar somber en depressief, nee. Doordat ik al jong moeder was, had ik sowieso de sterke drijfveer dat mijn kind een fijne jeugd moest hebben, dáár stemde ik mijn keuzes op af.”

Lees ook:

Gerard Joling: ‘Als ik de telefoon van m’n moeder opneem, denken mensen dat ik haar ben’

Je schrijft dat je vader en je broers vroeger de baas waren. Kwam je daar niet tegen in opstand?

“Aanvankelijk schikte ik me daarin en gaf het me juist een gevoel van geborgenheid, maar vanaf mijn negentiende liet ik me niet meer de wet voorschrijven. Ik ging steeds meer mijn eigen gang. ‘Onze Ant is gek geworden,’ zei mijn jongste broer over mijn vrijgevochten

gedrag. Dat weerhield hem er overigens niet van me financieel te steunen. Mijn familie is altijd mijn veilige thuishaven geweest. Ook al zijn we het niet altijd met elkaar eens, we steunen elkaar door dik en dun. Na de dood van mijn vader was ik intens verdrietig. Ik voelde me een mislukkeling omdat mijn leven er op dat moment ook niet echt rooskleurig uitzag. Ik zat zwaar in de schulden en het was die winter ijskoud in mijn woonwagen. Toen ik mijn kind oppakte en naar mijn moeder in haar flatje vertrok, dacht ik wel: nu is het klaar! Ik ga alles op alles zetten om uit de problemen te komen. Ik had heus wel een leuke kerel kunnen vinden die voor ons ging zorgen, maar dat heb ik nooit gewild. Mijn onafhankelijkheid is me heilig. Daarvoor heb ik flink de handen uit de mouwen gestoken en allerlei baantjes gehad, ik heb me nooit ergens te goed voor gevoeld. Daarnaast stond ik twee, drie keer in de week op het podium als zangeres. In die periode heb ik veel geleerd waar ik later na mijn doorbraak nog veel aan had.”

Wat bijvoorbeeld?

“Doorzettingsvermogen. Iets dat je ook als je bent doorgebroken nog hard nodig hebt. Tijdens Musicals in Ahoy 2002 was ik aan het eind van mijn latijn. Ik was oververmoeid, omdat ik heel lang onafgebroken had gewerkt en amper tijd had gehad voor mijn kind. Toen ik tijdens de repetities ook nog eens werd geconfronteerd met nare roddels over mij rende ik huilend weg. Erwin van Lambaart, toen directeur bij Joop van den Ende Theaterproducties, voorkwam dat ik overstuur naar huis reed. Hij zei dat ik jaloezie van collega’s juist als een compliment moest zien. Hij zorgde er later ook voor dat ik rollen kreeg die beter met mijn thuissituatie te combineren waren.

Jaren later, nadat mijn zus in 2007 plotseling overleed en mijn moeder en ik ons over haar drie dochters ontfermden, was wederom voor mij duidelijk dat mijn prioriteit bij mijn thuisfront lag. In mijn vak is dat niet handig, want als je een jaar uit beeld bent, is iedereen je vergeten. Best een nare gewaarwording als je altijd kwaliteit hebt geleverd, maar de deuren waar ik op klopte, gingen niet meer open. Dus ik dacht: shit, als niemand meer op me zit te wachten, moet ik wat anders gaan doen.”

null Beeld

Toch kwam je weer aan de slag.

“Diverse keren in mijn leven ging ik naar een coach en zij vond het geen goed idee dat ik met mijn vak zou stoppen. Dus was het toch weer: niet opgeven en dóór! Die mentaliteit wierp zijn vruchten af, want niet lang daarna mocht ik de rol van Pia Douwes overnemen in We will rock you. Ook bedacht ik het format voor Gypsy Girls, een tv-serie over woonwagenbewoners die ik met mijn inmiddels opgerichte productiebedrijf mede produceerde. En toen ontmoette ik op een filmpremière Rick Engelkes. Ik vroeg hem bij een volgende productie aan mij te denken. Zoiets had ik eerder nooit gedurfd, maar inmiddels was ik bijna immuun geworden voor afwijzing dus dan maakt eentje extra ook niet meer uit. Maar hij gaf mij een rol in de comedy Opvliegers. Een superleuke en succesvolle productie waardoor ik weer blij werd van mijn vak.”

Hoe reageerde je dochter Romy op je boek?

“Naar aanleiding van de passage waarin ik beschrijf hoe ik haar vader tijdens een vakantie in Portugal ontmoette, zei ze: ‘Néé, mam, serieus? Dacht je écht toen hij je voor het eerst kuste: dit wordt de vader van mijn kind? Wel een beetje simpel hè?!’ Met de kennis van nu heeft ze natuurlijk gelijk, maar ik was destijds nog zo naïef en had een roze bril op van hier tot Tokio. Hij was een knappe muzikant, ik zag ons al samen een band opzetten, muziek maken en de wereld veroveren. Hoewel hij naar Nederland kwam en we trouwden, waren er te veel obstakels. Toen ik er op een gegeven moment achter kwam dat hij een relatie had met een ander meisje was voor mij de maat vol.

Na de scheiding voelde ik me vooral ellendig tegenover Romy. Zelf was ik opgegroeid in een compleet gezin en nu had ik gefaald om mijn dochter een goede vader te geven. Ter compensatie voelde ik de opdracht dat zij nooit iets tekort mocht komen. Ze had fantastische verjaardagsfeestjes en de mooiste traktaties op school waarvoor ik tot midden in de nacht zat te knutselen. Hoewel ik weinig geld en zelfs schulden had, liep Romy in Oilily-kleding. Dat sloeg natuurlijk nergens op. Later toen ik geld verdiende in Aïda vond ik merkkleding helemaal niet meer belangrijk.

Romy en ik zijn supereerlijk tegen elkaar. Ik ben voor haar vader en moeder tegelijk geweest. Met als gevolg dat ik af en toe misschien ook wel een beetje als een kerel denk. Zo vindt Romy het irritant dat ik altijd oplossingsgericht ben. Als ze met me wil praten, zegt ze soms nadrukkelijk: ‘Mam, ik wil nu geen advies of oplossing, ik wil alleen maar dat je even luistert.’” (lacht)

Is er binnenkort ook een …EN DOOR-tour?

“Ja, zodra het met corona kan, kom ik met een motivatieshow waarin ik uiteraard zal zingen, maar ook in interactie met het publiek mijn levenslessen deel. Ik wil dat iedereen die komt na afloop het positieve gevoel heeft: Yes! Ondanks alles, is het leven leuk! Mensen blij maken, er bestaat toch niks mooiers dan dat?”

Tekst | Mieke van Wijk

Fotografie | Feriet Tunc

Redactie Margriet

Op alle verhalen van Margriet rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven. Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@margriet.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden