Overig

Jeroen Krabbé: ‘Ik heb het verdriet van mijn moeder willen dragen’

jeroen-krabbe.jpg

Dit artikel is te lezen in de nieuwste Margriet. Libelle Exclusief-abonnees lezen dit artikel gratis als abonneecadeau.

Een jaar lang reisde acteur en schilder Jeroen Krabbé (75) de wereld over voor het programma Krabbé zoekt Chagall om te laten zien wie de man achter de schilder was. En dat kwam onverwacht dicht bij zijn éígen verhaal.

 “Zo,” zegt Jeroen lachend als hij tien notieboekjes op tafel legt. “Aanschouw mijn Chagall-studie.” Hij bladert door de blaadjes, volgeschreven met potlood. 75 heeft hij er versleten het afgelopen jaar. De stompjes liggen naast elkaar op een plankje in zijn atelier. “Dat is gewoon kunst op zich. Koffie?” Even daarvoor heeft hij een verse pot gezet. Bonen gemalen in de oude elektrische Braun-koffiemolen, overgeschept in het filterzakje en de koffie laten doorlopen. “Dat past toch veel beter hier dan zo’n modern apparaat?” Met ‘hier’ bedoelt hij zijn atelier, dat al meer dan honderd jaar een atelier is. “Breitner heeft hier ook geschilderd. Mijn grootvader was kunstschilder en bevriend met hem. Toen ik hoorde dat ik dit atelier kon krijgen, heb ik een gat in de lucht gesprongen. Het voelde toch een beetje alsof mijn geschiedenis op deze plek samenkwam. Het idee dat mijn grootvader hier waarschijnlijk is geweest, vind ik enerverend.”

Nieuwsgierig naar de andere artikelen in Margriet 10? Bestel ‘m nu met 25% korting.

U heeft uw grootvader niet gekend. Is dat gevoel daarom zo sterk?

“Mijn Joodse opa is in 1943 in Sobibor vermoord. Ik ben een jaar later geboren, maar voel wel een enorme verwantschap met hem. Misschien omdat mijn moeder zo dol op haar vader was en ze zich lang schuldig heeft gevoeld dat zij als enige van het gezin de oorlog heeft overleefd. Omdat ze een niet-Joodse man had, mijn vader, werd ze niet opgepakt. Haar hele familie, op een nichtje en een achternichtje na, is omgekomen. 83 mensen, zo, poef, van de aardbodem verdwenen. Vreselijk. Over die tocht van mijn grootvader naar Sobibor heb ik tien jaar geleden een serie schilderijen gemaakt. Dat was een pijnlijk en eenzaam proces. Niemand wist dat ik daarmee bezig was.”

Ook uw vrouw Herma niet?

“Nee. Ik vertel altijd pas achteraf wat ik heb gemaakt. Ik laat ook nooit iemand naar mijn schilderijen kijken als ze nog niet af zijn. Waarom niet? Omdat ik geen commentaar wil horen als ik nog in het maakproces zit. Het moet eerst van mijn hart naar het doek en dan pas kan ik het opbrengen om te delen. Toen ik die schilderijen over mijn grootvader aan het maken was, merkte Herma natuurlijk wel dat ik met iets bezig was wat mij uit mijn evenwicht haalde. Ik was soms zó somber, dat ze vroeg of het wel allemaal goed ging. Zo had ze me nog nooit gezien. Toen ik het haar uiteindelijk liet zien, snapte ze het. Voordat ik haar liet kijken, vroeg ik of ze op een papiertje wilde schrijven wat zij dacht dat ik had gemaakt en schreef ik op een papiertje wat ik dacht dat zij zou opschrijven. We hebben tegelijkertijd elkaars briefjes gelezen in mijn atelier. Herma had geschreven: ‘ik denk dat jij een serie over je grootvader hebt geschilderd’, ik had geschreven dat ik dacht dat ze dat zou denken. Ik had het er met geen woord thuis over gehad, maar het was voor haar evident dat ik daarmee bezig was.”

Dat is ook wat vierenvijftig jaar samenzijn is, dat je elkaar dus zo goed kent.

“We kennen elkaar langer, hoor. Ik was negen toen ik haar voor het eerst zag. Het jaar dat mijn ouders gingen scheiden, 1954, waren we op vakantie in Bergen. Herma was daar ook met haar ouders. In het hotel waar we sliepen, liep ik de trap op en zij de trap af. We kruisten elkaar halverwege. Toen ik boven, was zei ik tegen mijn moeder dat ik verliefd was op dat meisje dat ik net op de trap had gezien. Struck by lightning, en dat op zo’n jonge leeftijd. Toen ik negentien was, zijn we gaan samenwonen, we zijn dus samen volwassen geworden. Ze heeft me meegemaakt op mijn allereerste première en tijdens de James Bond-première in Londen met Lady Diana. We hebben samen drie prachtige zonen en negen kleinkinderen. Alle hoogte- en dieptepunten, zowel in mijn werk als thuis, hebben we samen beleefd. In zo’n lange verbintenis zit een enorm diepgeworteld vertrouwen. Vertrouwen in elkaar, in elkaars oordelen en kritiek, maar bovenal in de liefde voor elkaar.”

Wat maakt dat die liefde al die jaren zo groot blijft?

“Dat wordt me vaker gevraagd: ‘Hoe houden jullie het leuk?’ Het is zo’n vraag waarbij ik dan meteen zo’n André Rieu-riedeltje op de achtergrond hoor.”

Ik vraag het omdat relaties bijna een soort wegwerpproduct zijn. Als het even niet meer leuk is, wordt er meteen gescheiden. Dé sleutel tot een goede relatie bestaat wellicht niet, maar het lijkt me heel fijn als je vierenvijftig jaar met plezier naast iemand wakker wordt.

“De meeste ochtenden dan, hè, want wij kunnen ook behoorlijk knallen met elkaar. De grootste fout die tegenwoordig wordt gemaakt, is de gedachte dat alles maakbaar is, ook een relatie. Maar dat is gewoon keihard werken. De basis van Herma en mij is een heel diepe liefde voor elkaar. Als het even niet lekker loopt, grijp ik daarnaar terug. Maar het kan niet anders dan dat een relatie pieken en dalen heeft. Dat wij het redden, komt ook omdat zij gewoon heel slim is, ook, of vooral, in haar levensovertuiging. Ze zei altijd: ‘Als je met iemand anders wil, ga je gang. Ik ben toch leuker, daar kom je vanzelf wel achter.’ En dat meende ze ook. Die houding getuigt niet alleen van een groot zelfvertrouwen, maar ook van een groot vertrouwen in onze relatie. Ze wilde niet leven met iemand die gefrustreerd is. De grap is dat ik al geen zin meer had als ze dat eenmaal had gezegd. Het idee dat het mag, werkt blijkbaar libidoverlagend.”

Bestel de nieuwste Margriet nu met 25% korting. Binnen twee werkdagen gratis thuisbezorgd.

En zij mocht dat op haar beurt ook?

“Ja, dan zei ik dat gewoon ook tegen haar. Ach, we zijn door stormen gegaan van windkracht 12! Maar vonden elkaar altijd weer terug. Weet je, als je zo lang samen bent als Herma en ik ga je door allerlei fasen. Op een gegeven moment gaat de liefde over in de diepste vriendschap die je kunt hebben. Dat is de fase van de zekerheid van vertrouwen. Natuurlijk hebben we nog onenigheid, maar dat is peanuts vergeleken bij vroeger. Bovendien had ik mezelf de belofte gedaan dat ik nooit zou scheiden. Mijn ouders zijn gescheiden en dat vond ik verschrikkelijk. Eruit stappen lijkt misschien de makkelijkste oplossing, maar het is intens naar en verdrietig. Ik heb daar als kind ontzettend veel last van gehad. Dat wilde ik mijn kinderen niet aandoen. Hoe goed je het als ouders ook doet, als kind denk je toch: het ligt aan mij. Mijn twee oudste zonen, Martijn en Jasper, zijn beiden gescheiden. Tegen hun kinderen heb ik gezegd: ‘Ik weet wat je voelt, want ik heb het ook meegemaakt.’ Ik legde uit dat dat verdrietige gevoel blijft, maar dat het uiteindelijk minder pijn gaat doen. En dat ze het zelfs op een dag gaan begrijpen. Dat ben ik ook gaan doen. Bij mijn ouders was er altijd gedoe, nu snap ik dat ze niet samen konden zijn.”

U maakt een programma over kunstschilders en zowel uw vader als grootvader schilderde. Waarom portretteert u hen niet?

“Daar heb ik eigenlijk nog nooit aan gedacht.” Dan, na een stilte: “Nee, dat zou ik niet willen. En niet omdat het familie is of omdat ze dicht bij me staan, maar omdat deze serie zich er niet voor leent. De schilders die ik portretteer, zijn allemaal wereldwijd bekend, hebben veel gereisd, maar hebben bovenal een rafelrandje. En dat maakt het interessant. Mijn vader en grootvader waren voor een programma als dit een tikje te saai. Maar dat zegt natuurlijk niks over hun schilderkunst.”

Wat is het rafelrandje van Chagall?

“Chagall was een Joodse Rus, werd verstoten uit zijn land, vluchtte vanuit Frankrijk voor de Duitsers naar New York, wat hij een vreselijke plek vond, en heeft zich nooit ergens thuis gevoeld. Hij leefde uiteindelijk in ballingschap in Frankrijk en was niet meer welkom in zijn geliefde Rusland. Hij had ook allerlei vrouwen, was op zijn tachtigste nog met een jonge vrouw. Toen zij vreemdging, heeft hij haar met een stoel op haar hoofd geslagen. Ik vergoelijk zijn gedrag absoluut niet, maar probeer wel te achterhalen waarom er zo veel woede in die man zat.”

Nieuwsgierig naar de andere artikelen in Margriet 10? Bestel ‘m nu met 25% korting.

Helpt het dat u acteur bent en zich goed kunt inleven?

“Als ik een script lees, duik ik er helemaal in. Ik wil alles van mijn personage weten; hoe loopt hij, hoe voelt hij, hoe praat hij? Dat heb ik ook bij Chagall gedaan. Ik denk dat ik weet wat hij voelde, hoe hij reageerde op externe situaties. Hij was een beest van een man, maar door hem tot leven te brengen, ben ik hem ook gaan begrijpen. Toen ik die serie over mijn grootvader maakte, wilde ik een schilderij maken van zijn aankomst in Sobibor. Het lukte me niet om dat op het doek te krijgen. Hoe is dat als je 72 uur in een dichte veewagen hebt gestaan, zonder eten en drinken? Wat denk je, voel je, zie je? Ik ben het uiteindelijk gaan spelen. Hier, in mijn atelier. Pas toen ik in hem was gekropen, kon ik dat moment schilderen.”

Doet het verhaal van uw grootvader u verdriet?

“Enorm. Het is gewoon verschrikkelijk.” Geëmotioneerd: “Mijn moeder heeft haar hele leven gerouwd om haar familie. Ik heb haar verdriet willen dragen, maar er werd thuis nooit over de oorlog gepraat. Een aangetrouwde tante die was teruggekomen uit Auschwitz kwam op mijn verjaardag altijd langs. Als ze een taartje pakte en haar mouw schoof omhoog zag ik het getatoeëerde kampnummer op haar arm en voelde ik de pijn. Daarom kan ik niet tegen tatoeages. In onze huiskamer, op het bureau van mijn moeder, stonden foto’s van mensen die ik niet kende en naar wie ik ook niet durfde te vragen. Dat zwijgen maakte het misschien nog wel zwaarder. Die schilderijen over mijn grootvader zijn ook absoluut een ode aan mijn moeder. Maar ik heb ze pas kunnen schilderen nadat ze was overleden.”

Draagt u daarmee postuum alsnog haar pijn?

“Ik heb daar niet zo heel bewust over nagedacht, maar terugkijkend heb ik altijd die pijn willen wegnemen bij haar. In 1984 heb ik Het dagboek van Anne Frank naar het theater gebracht en speelde zelf Otto Frank. Mijn moeder was op de première en zei met tranen in haar ogen: ‘Dank je wel voor deze voorstelling.’ Dichter bij haar verdriet over de oorlog ben ik nooit gekomen. De zoektocht naar Chagall was, onverwacht, heel intens. Hij is Joods, werd overal uitgescholden en weggejaagd, mocht er niet zijn. Dat zit ook in mijn leven. Het gevoel van er niet mogen zijn heeft mijn moeder haar hele leven gehad. En ik ben de zoon die haar al die tijd een bestaansrecht heeft willen geven.”

Krabbé zoekt Chagall wordt vanaf 17 maart om 20.30 uitgezonden op NPO2.

Bestel de nieuwste Margriet nu met 25% korting.

Of bestel één van de dertig andere tijdschriften met 25% korting.

De korting wordt automatisch verrekend bij het invullen van de postcode en het huisnummer waarop het tijdschriftabonnement staat.

Tekst: Saskia Smith.
Fotografie: Iris Planting.
Styling: Nicolette Brøndsted.

Ook interessant