Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Nieuws

Kleine kinderen worden groot. Tips bij het loslaten.

Het opgroeien van onze kinderen. Een lust voor het oog van de trotse ouder, maar soms gaat het moederlief allemaal wel erg snel. En veel oma’s kunnen het beamen: ‘Het voelt als de dag van gisteren dat ik jou zo in mijn armen had en nu houd ik jouw kindje zo beet.’ Kleine kinderen worden groot en naarmate ze ouder worden zijn ze steeds beter in staat om voor zichzelf te zorgen. Maar hoe ga je daar als moeder het beste mee om, als je zelf het idee hebt dat het allemaal wat te snel gaat? Of juist te langzaam? Margriet.nl sprak erover met kinder- en jeugdpsychiater Lilian Tham en psychotherapeut Annette Heffels.

De ‘zelfredzaamheid’ van kinderen kent verschillende fasen, Lilian Tham onderscheidt de volgende stadia waarin ouders steeds wat meer moeten leren loslaten:

* De ‘eenkennigheidsperiode’

* Het kinderdagverblijf of peuterspeelzaal

* De basisschool

* De middelbare school

* Uit huis gaan

De eerste schokken zullen voor ouders vooral worden gevoeld als het kind voor het eerst naar de basisschool gaat. Mama en papa krijgen dan een kleinere rol in het leven van hun kroost en ineens is daar een nieuw rolmodel, namelijk de meester of de juf. Een situatie die soms wel eens voor wat jaloezie van ouders kan leiden.

Voor ouders die graag willen weten of hun kind zich wel op een ‘gezond tempo’ ontwikkelt qua zelfredzaamheid zegt Lilian Tham dat dat vaak pas vanaf zesjarige leeftijd goed te onderzoeken is. ‘Daarvoor is de diversiteit gewoon te groot. De een kruipt al vanaf een hele jonge leeftijd, de ander niet, maar die praat weer veel eerder. Kinderen met het syndroom van Asperger (een vorm van autisme) worden bijvoorbeeld vaak pas als zodanig herkend tijdens de puberteit. Dan worden de sociale vaardigheden nog belangrijker.’

Annette Heffels herkent het feit dat veel ouders er moeite mee hebben om hun kinderen steeds wat meer los te laten: ‘In de opvoeding moet aan twee basisvoorwaarden worden voldaan. Je moet van kinderen houden en hun veiligheid bieden en je moet hun autonomie toestaan, dus ze zelfstandig dingen laten doen. Soms is het voor ouders moeilijk te beoordelen of hun kind al aan een volgende stap in die zelfstandigheid toe is.’ Annette geeft aan dat veel ouders zelf bang of overbeschermend zijn, maar dat kinderen ook vaak zelf aangeven nog niet klaar te zijn voor de volgende stap. ‘Bijvoorbeeld door stomme dingen te doen.’

Lilian Tham raadt ouders die moeite hebben om hun kinderen los te laten aan eventueel op een opvoedcursus te gaan. ‘Op zo’n cursus ga je terug naar de grondbeginselen. Je leert jezelf de vraag stellen wat je er nou zo moeilijk aan vindt. Je bekijkt de situatie met wat meer afstand en dan zie je wat er nou eigenlijk gebeurt in de interactie met je kind.’ Lilian heeft ook nog twee tips:

* Probeer de boel niet te forceren. Als uw puberkind op een bepaald moment niet meer wil knuffelen, ga daar dan niet over zeuren. Dit werkt averechts.”

* Verder doet u er goed aan om met veel zelfinzicht naar uzelf te blijven kijken. ‘Als je bijvoorbeeld jaloers bent op een meester of juf, laat dat dan niet blijken en denk goed na hoe je reageert als je kind weer eens thuis komt met ellenlange verhalen over die toffe juf.’ En bedenk: de juf is de juf, en u blijft de ouder voor uw kind.

Ook interessant