Nieuws

Is anderhalve meter écht nodig? Experts geven antwoord op die vraag

is-anderhalve-meter-echt-nog-nodig-experts-geven-antwoord-op-die-vraag.jpg

Hoewel we er na een half jaar al wel aan beginnen te wennen, blijft het lastig om overal anderhalve meter afstand te houden. Maar die anderhalvemeterregel zal voorlopig nog niet van tafel zijn, werd ook afgelopen week weer duidelijk in de Tweede Kamer. Volgens premier Mark Rutte is deze regel essentieel om het coronavirus onder controle te krijgen. Maar hoe denken experts daarover?

Hoe belangrijk is het om anderhalve meter afstand te houden en hoe lang houden we dit nog vol? Dat en meer vertelden vijf experts aan het Financieel Dagblad. Ook onder de specialisten blijken de meningen te verschillen.

Verschillende afstanden

Nicholas Jones, medisch onderzoeker van Oxford University vertelt aan de krant dat afstand houden zeker van belang is. Alleen of anderhalve meter de juiste hoeveelheid is, is volgens hem lastig te zeggen. “In algemene zin geldt: hoe meer afstand, hoe kleiner het risico”, legt Jones uit. Maar hoe dat precies verloopt is onduidelijk, waardoor er ook geen overeenstemming is over wat de minimumafstand moet zijn. Volgens Jones verschilt het erg per situatie: ontmoetingen in de buitenlucht met een paar mensen zijn minder risicovol dan samen zingen in een slecht geventileerde ruimte.

Vrijetijdsleven

Ook Andres Voss, arts-microbioloog van het Canisius Wilhelmina Ziekenhuis en hoogleraar infectiepreventie aan het Radboudumc, is er van overtuigd dat de anderhalve meter aangehouden moet worden. Alleen hoe, dat is ook volgens hem nog de vraag. Want hoe lang kan Nederland dit nog volhouden? Hij zegt tegen de krant dat we na moeten denken over oplossingen voor het vrijetijdsleven, zoals evenementen of theaterbezoekjes. Met sneltesten of spatmaskers zouden die misschien weer mogelijk moeten zijn.

Geleidelijke versoepelingen

Politicoloog Robin Fransman is ook voorstander van geleidelijke versoepelingen van de afstandsregel. Nu zijn er natuurlijk al verschillen: kinderen hoeven geen afstand te houden, in de trein mag je zónder afstand maar met mondkapje naast iemand zitten. “Schuif de grens op van jongeren naar dertigers en kijk hoe het gaat,” stelt hij voor. Hij verwacht namelijk niet dat de intensive care dan vol zal stromen. Ook denkt hij dat de overheid misschien meer van de verantwoordelijkheid bij mensen zelf moet leggen. “Lezen ze in de krant dat het aantal besmettingen explodeert, dan gaan ze vanzelf weer afstand houden.” Hij vindt dat de huidige maatregelen ten koste gaan van de kwaliteit van leven van jongeren, terwijl zij een stuk minder ernstig ziek worden van het coronavirus.

Lees ook:
Ex-coronapatiënten (14 en 27) waarschuwen leeftijdsgenoten: ‘Ademen doet nog steeds pijn’

Ingewikkeld

Maar niet iedereen is voorstander van dit soort uitzonderingen op de anderhalvemeterregel. “Hoe meer uitzonderingen, hoe moeilijker het beleid is uit te leggen. De meeste mensen zijn van goede wil. Maar mensen vergelijken zichzelf ook altijd met anderen en bepalen dan of ze iets rechtvaardig vinden”, zegt Julia van Weert, hoogleraar gezondheidscommunicatie Universiteit van Amsterdam en lid van de wetenschappelijke adviesraad van de RIVM. Alle verschillende regels die er nu zijn zorgen volgens haar al vol verwarring; meer dan die aanpassingen zou dus alleen maar lastiger zijn. Dat er maar weinig hard bewijs is dat anderhalve meter altijd het beste is maakt het volgens haar lastiger, maar toch blijft het essentieel.

Moeite met anderhalve meter

Maar waarom hebben we eigenlijk steeds meer moeite met die anderhalve meter? We hebben een soort natuurlijke social distancing in ons zitten, legt Mark van Vugt, hoogleraar evolutionaire psychologie Vrije Universiteit Amsterdam, uit: wanneer we zien dat iemand ziek is, blijven we op afstand. Dat we zo’n moeite hebben met afstand houden, komt volgens hem dan ook omdat we niet zien wanneer iemand het coronavirus heeft.

Van Vugt doet voor de WHO onderzoek naar de psychologische gevolgen van het coronavirus. Hij denkt dat we door de dreiging van het coronavirus allemaal wat afstandelijker en introverter zullen blijven. De meeste van ons, zo’n tachtig procent, kunnen daar goed mee omgaan. “Twee groepen van zo’n tien procent kunnen dat volgens Van Vugt niet. “Aan de ene kant gaat het om mensen die zien dat hun vrijheid wordt ingeperkt. Denk aan jongeren, maar ook aan aanhangers van Viruswaanzin.” Aan de andere kant gaat het om mensen met zogenaamde aangeleerde hulpeloosheid. “Mensen die extreem solitair gaan leven, zichzelf opsluiten. Dat kan leiden tot depressie en burn-out.” Daar moeten we dus alert op zijn, zegt hij.

Yeah, Margriet is genomineerd voor Website van het Jaar 2020!
Help jij ons winnen? Stem dan snel

Bron | Financeel Dagblad, Volkskrant
Beeld | iStock

Ook interessant