Nog nooit verteld: ‘Voor de kick stal ik van mijn baas’

Deel dit artikel:

Frederique (44) vond dat ze het wel verdiende, gratis ‘shoppen’ in de winkel waar ze werkte. Tot ze op staande voet ontslagen werd. “Ik was wel eens toe aan een meevallertje, vond ik, dat had ik meer dan verdiend. Zo begon het…”

“Het begon onschuldig. Met een kaarsenstandaard die beschadigd was. Die kon niet meer verkocht worden, dus die zouden we afboeken. Normaal gesproken zou ik dat met onze filiaalmanager bespreken. Misschien zou zij zeggen: ‘Neem jij hem maar mee.’ Maar de standaard was nog mooi en mijn collega’s zouden er vast ook interesse in hebben. Dus dan werd het loten.  Ik sloop de kantine in en liep naar mijn tas. Het was een handeling van niets. Daarna ging ik nog even naar het toilet. Toen ik terug de winkel inging, had niemand iets gemerkt.”

Elke maand ruzie

“Ik werkte op dat moment een halfjaar in deze winkel, die onderdeel is van een landelijke keten in huiselijke hebbedingen en huishoudelijke producten. Ik ging er elke dag met tegenzin naartoe. Het was niet bepaald mijn droombaan. Maar mijn man en ik waren uit elkaar en hij deed moeilijk over de alimentatie. Elke maand was er ruzie en het was telkens zo puzzelen om uit te komen, dat ik zelf een baan had gezocht, het eerste het beste dat op mijn pad was gekomen.

Mijn collega’s waren aardig, maar verder voelde ik me eigenlijk te goed voor dit werk. Vroeger heb ik een eigen bedrijf gehad, voordat de kinderen kwamen. Om mijn man de kans te geven om carrière te maken had ik dat opgegeven. Nu stond ik berooid en diep teleurgesteld in het leven. Ik zat zo vol woede en frustratie dat ik er ’s nachts soms niet van sliep.”

Onopvallend

“De gestolen kaarsenstandaard kreeg een mooi plekje in mijn huis, met de beschadigde kant naar de muur gedraaid. De vlam van de kaars verlichtte mijn wereld weer een beetje. De kamer waaruit de helft van de spullen was meegenomen leek iets minder kaal. Na een week dacht ik: het zou mooier zijn als er drie bij elkaar staan. Ik besloot ze de volgende dag te kopen.

Die dag waren er twee collega’s ziek. Het was rustig in de winkel want het stormde buiten. Er waren amper klanten. En toen onze filiaalmanager aan de telefoon zat, was de verleiding te groot. Niemand zag mij met de standaards naar mijn tas lopen. En met een beetje schuiven viel niet op dat ze misten in de winkel.”

‘Schuldig voelde ik me niet’

’s Avonds, toen de kinderen sliepen, zette ik ze tevreden bij de andere. Schuldig voelde ik me niet. Integendeel. Ik ervoer een bepaalde genoegdoening. De laatste jaren had mij zo veel tegen gezeten. Ik was wel eens toe aan een meevallertje, vond ik, dat had ik meer dan verdiend. Ja, zo begon het, al was ik op dat moment niet bewust iets van plan.

Ik dacht er zelfs niet meer aan, tot een goede vriendin jarig was, in een maand met een hoop financiële tegenslagen. Ik wilde iets leuks voor haar kopen, omdat zij me altijd zo gesteund had. Ook qua geld: als wij samen een terrasje deden, hield zij me vrij. Ik wist dat ze blij zou zijn met een mooie staafmixer. In onze winkel stonden een aantal prachtexemplaren. Eén plus één was twee.”

‘Mijn leven werd er leuker door’

“Vanaf dat moment nam ik meer mee. Ik was ervan overtuigd dat niemand het zag. En dat niemand het door had. Uit winkels verdwijnen nu eenmaal dingen. Er wordt een hoop gestolen, daar wordt bij het vaststellen van verkoopprijzen zelfs al rekening mee gehouden. En dan zo’n grote keten waar ik werkte, zoveel kwaad kon dit toch niet? Zij maken zoveel winst.

Mijn leven werd er stukken leuker door. Ik verfraaide mijn huis, verraste mijn kinderen met leuke dingen. Ik kon vriendinnen blij maken. En ik stond met meer plezier in de winkel, nu ik mijn karige loon op eigenhandige wijze wat verhoogde. Het kon niet goed blijven gaan, natuurlijk had ik dat moeten weten…”

Betrapt

“Achteraf snap ik echt niet wat mij bezielde. Maar ik zat in een roes, het ging zo makkelijk dat ik vergat hoe fout ik bezig was. Tot onze filiaalmanager me een keer bij mijn arm pakte toen ik aan het einde van de dag met mijn tas in mijn hand naar huis wilde gaan. ‘Ik wil je spreken in mijn kantoor,’ zei ze. Ik zette mijn tas weer neer. ‘Neem die maar mee,’ gebood ze. Toen wist ik dat zíj het wist.

Ik huilde al voordat ik in haar kantoor was. Op haar verzoek haalde ik mijn tas leeg. Er zaten dit keer alleen wat prulletjes in. Van weinig waarde. Totale onzin om dat te stelen. Behalve dan wanneer je het voor de kick doet, zoals ik. Van de preek van onze filiaalmanager, die onaangedaan bleef onder mijn tranen, kreeg ik maar weinig mee. Wel weet ik dat ze me al langer verdacht. Er werd over mij geroddeld door collega’s, ze vonden me stiekem doen. Zij had het niet kunnen geloven.”

‘Ik kreeg het ijskoud’

“Nu ze het bewijs op tafel had, kon ze niet anders dan me op staande voet ontslaan. ‘Ik zou eigenlijk de politie erbij moeten halen,’ zei ze, en op dat moment kreeg ik het ijskoud. Ik zag mezelf al afgevoerd worden, in totale vernedering. Maar ze zou het hierbij laten, zei ze. Maar ze wilde me nooit meer in de winkel zien, ook niet als klant. Huilend ben ik vertrokken, zonder nog iemand te groeten. De schaamte was immens. Ik voelde me zó klein. Hoe had ik dit over mezelf kunnen afroepen? Stel dat mijn kinderen er op de een of andere manier van zouden horen. En wat moest ik tegen mijn familie zeggen? Tegen mijn vrienden, mijn ex?”

Nooit meer…

“Zij weten nog altijd niet beter of ik ben zelf opgestapt na een onredelijke ruzie. Tenminste, als ze geen roddels ter ore zijn gekomen. Dat weet ik niet zeker, en dat zorgt ervoor dat ik me nog steeds ongemakkelijk voel als het gesprek per toeval over die bewuste winkel gaat.

Achteraf snap ik werkelijk niet wat me bezield heeft. Om mijn onvrede op deze manier af te reageren, dat kan echt niet. Ik heb echt geluk gehad dat ik niet voor de rechter ben beland. Die schande had ik echt niet kunnen overzien. Ik werk inmiddels als office manager bij een bedrijf in een andere plaats. Daar zal ik nog geen balpen meenemen. Zoiets als dit doe ik nooit, maar dan ook nooit meer.”

Tekst | Lydia van der Weide
Beeld | iStock

Dit artikel verscheen eerder in Margriet 2018-48. Je kunt deze editie nabestellen via magazine.nl.

 

 

 

 

 

 

 

Artikelen van Margriet ontvangen in je mailbox?
Schrijf je in op margriet.nl/nieuwsbrief.