Nog nooit verteld: ‘Met kerst mis ik het zó dat ik geen gezin heb’

Deel dit artikel:

Met kerst vliegt Angela altijd samen met haar man naar de zon. Ze doet alsof ze daarvan geniet. Maar ze zou alles inruilen voor een kerst thuis. Met een gezin. 

“Elk jaar, als de dagen korter worden, raak ik gedeprimeerd. Ik zie op tegen de decembermaand. Tegen alle feestdagen die naderen. Al vanaf september liggen de kruidnootjes in de schappen en de verlichting in de stad wordt naar mijn idee steeds eerder opgehangen. Mij doen die lampjes zo veel pijn. En dat terwijl mij in december toch iets leuks te wachten staat, iets waar veel mensen in mijn omgeving jaloers op zijn. Mijn man Bert en ik maken dan namelijk altijd een verre reis. Meestal vertrekken we vlak voor Kerst om rond 5 januari terug te komen. Vorig jaar waren we op de Filippijnen, het jaar ervoor op Mauritius. We hebben al zó veel bestemmingen aangedaan, dat het soms moeilijk kiezen is. Ik laat het 
tegenwoordig aan Bert over; mij maakt het niet veel uit waar we zijn, als we het land maar uit zijn. Als wij maar niet samen thuis hoeven te zitten met de feestdagen, doelloos zappend langs emotionele tv-programma’s, terwijl ik mij er zo bewust van ben dat onze vrienden, iedereen die wij kennen,
 gezellig met hun gezin rond de tafel zitten. Terwijl ik dat zo mis. Na al die jaren had ik verwacht dat ik daar nu wel aan gewend zou zijn. Maar in plaats van dat de pijn slijt, lijkt het nare 
gevoel alleen maar erger te worden.
 Als ik vroeger had vermoed dat het zo zou gaan, had ik alles anders gedaan.”

Te lang gewacht

“Ik leerde mijn man Bert kennen op mijn vierendertigste. Beiden waren we toen druk met onze carrière. Hoewel 
ik als kind altijd dacht dat ik later graag moeder wilde worden, had mijn
 kinderwens tot dat moment nooit 
gespeeld. Dat Bert aangaf dat hij wel naar kinderen verlangde, was nog bijna een dealbreaker tussen ons. Maar na een jaar of twee begon ik er ook wel zin in te krijgen. Ik stopte met de pil, maar bleef elke maand ongesteld 
worden. Hoewel ik er in het begin niet mee zat, begon het na ruim een jaar toch te knagen. Dus op een dag zaten we bij de dokter. ‘U bent wel wat laat hè, met uw kinderwens,’ peperde hij me in. Onderzoeken leverden niets op. Gewoon blijven proberen was daarom het advies, maar na een tijdje begonnen we met hormoonbehandelingen. Want de arts had natuurlijk wel gelijk gehad; het wás laat, ik was toen al bijna 
negenendertig. Ik was de enige in mijn vriendinnenkring die nog geen moeder was. Mijn meeste vriendinnen hadden rond hun dertigste kinderen gekregen. Ik stond bekend als de geslaagde 
carrièrevrouw. Hoewel ik mijn 
vriendinnen wel had verteld dat ik geen voorbehoedsmiddel meer 
gebruikte omdat een kind van Bert en mij ‘best welkom’ zou zijn, durfde ik niet te zeggen dat wij het ziekenhuis platliepen. Ik schaamde me, had het idee dat ik deze problemen over mezelf had afgeroepen. Bovendien wilde ik niet dat mensen er steeds naar zouden vragen. Nee, ik gaf ze liever het idee dat het niet zo belangrijk was.”

Stil verdriet

“‘Laat het lot maar beslissen,’ riep ik stoer, als mensen informeerden of het al raak was. Dat ik mezelf ondertussen al elke dag injecteerde met hormonen en kampte met enorme stemmingswisselingen, wist alleen Bert. Hij is ook meer een ‘goed nieuws’-man, dus hij vond het prima om de ivf-pogingen die we uiteindelijk deden voor onszelf 
te houden. Drie cycli hebben we 
doorlopen. Telkens ging het mis. 
Ik kampte doorlopend met huilbuien, die nog werden versterkt door de 
hormonen. Bert vond dat vreselijk.
 Hij was het die erop aandrong dat we zouden stoppen. ‘We laten ons hier niet door kisten,’ zei hij. ‘Wij kunnen ook met z’n tweeën een heel gelukkig leven leiden.’ Ik was op dat moment 
zó beurs van verdriet, dat ik mezelf 
helemaal kwijt was. Ik wilde alleen maar dat het stopte, dat obsessieve verlangen naar een kind. Ik ben zelfs weer begonnen met de pil, om elke 
gedachte aan een kind uit te sluiten. Daar heb ik nu zo veel spijt van. Als ik dat niet had gedaan, was het misschien wel zomaar een keer raak geweest en hadden we nu toch een zoon of dochter gehad. Maar op dat moment leek het verstandig. Ik stortte me op mijn werk, verdrong gedachtes aan een gezin.
 Bert en ik bouwden aan onze relatie. Dat lukte, wij zijn een ijzersterk team. Hij is de beste, liefste partner die ik mij maar kan wensen. Gelukkig maar. Tegelijkertijd maakt dat het ook schrijnender: wij zouden vast goede ouders zijn geweest. Maar het is er dus nooit van gekomen.”

Jaloers op vriendinnen

“Net toen ik overwoog om toch weer met de pil te gaan stoppen, voor ‘je weet maar nooit’, bleek ik in de 
overgang. Onze kans op kinderen was definitief verkeken. Nu ga ik het echt een plek geven, dacht ik toen vast
besloten. Ik maakte mezelf wijs dat ik dat ook deed. In het normale leven met Bert en mijn werk ging het ook best. Maar als ik bij vriendinnen kwam en hun gezin zag, met kinderen die alsmaar leuker en gezelliger werden, meer ‘mens’, brak mijn hart. Daarom zie ik mijn vriendinnen het liefst alleen. Zij hebben geen idee wat daarachter zit. Zij benijden mij en Bert vaak om ons vrije leven. Om de reizen die wij maken. Zeker onze verre reizen met Kerst wekken afgunst op. ‘Het is altijd zo’n hectische tijd,’ klagen ze. ‘Ik zou het dolgraag een jaartje overslaan’. 
Ik geloof daar niets van. Ze zouden eens moeten weten hoe eenzaam het is, al die feestdagen, alles wat je erover op tv ziet, in de bladen, in winkels… Zelfs 
familie hebben Bert en ik amper, en daarom vluchten we dus elk jaar naar het buitenland. Bert geniet daarvan, hij heeft zich veel beter bij ons lot kunnen neerleggen dan ik. Hoewel ik, als ik weg ben, ook wel een goede tijd heb, blijft het toch pijn doen. Ik had het zó graag anders gezien. En dat maakt geen enkele droombestemming goed.”

De namen in deze tekst zijn vanwege 
privacyredenen gefingeerd. 

Lees ook:
Nog nooit verteld: ‘Ik zie mijn ex in mijn kind en vind dat vreselijk’
Nog nooit verteld: ‘Mijn ouders stellen me al mijn hele leven teleur’
Nog nooit verteld: ‘Ik rook jointjes met mijn zoon van zestien’

Artikelen van Margriet.nl ontvangen in je mailbox? Schrijf je in op Margriet.nl/nieuwsbrief