Nog nooit verteld: ‘Hij was pas 22, ik 36 en getrouwd’

Deel dit artikel:

Esther (57) heeft een relatie met Willem (43). Haar omgeving en kinderen hebben moeten wennen aan hun leeftijdsverschil. Tess heeft hen daarom niet durven vertellen dat ze jaren geleden al het bed deelde met Willem.

“Ik ontmoette Willem op de verjaardag van mijn zusje, die elf jaar jonger is dan ik. Ik was er met mijn toenmalige man, die met mijn vader in discussie was. Zet die twee ergens neer en ze vermaken zich. Ik had het minder naar mijn zin, ik was druk bezig onze dochters in toom te houden. Ze waren de enige kinderen en vonden er niets aan op dit hippe feestje, vol mooie, jonge mensen die met gevulde wijnglazen in hun handen boven de muziek uit schreeuwden.

Liefde op het eerste gezicht

Toen zag ik Willem. Lang. Blonde haren tot op zijn schouders. Knap, ontzettend knap. En jong; erg jong. Maar zijn ogen haakten in de mijne en we bleven naar elkaar kijken tot hij op me afstapte. Het was alsof de zaal stil viel. Ja, het was liefde op het eerste gezicht. Ook voor hem, vertelde hij later. We praatten wat, hij bleek een studievriend van mijn zus.

Op een gegeven moment brak iemand in bij ons gesprek en ben ik naar de wc gevlucht. Daar plensde ik koud water in mijn gezicht. Toen ik naar buiten kwam stond Willem me op te wachten en gaf me zijn nummer. ‘Bel me eens,’ zei hij. Toen was hij weg – en ging ik mijn man overhalen om te vertrekken. De hele weg naar huis brandde het briefje met Willems nummer in mijn zak.

‘Ik kon hem niet uit mijn hoofd zetten’

Dit was in was 1998. Ik was zesendertig en al vijf jaar gelukkig getrouwd. Willem schatte ik niet veel ouder dan twintig. Een broekie nog, die net kwam kijken. Hoe bestond het, dat hij me zo van slag bracht? Ik zou hem niet bellen, natuurlijk niet. Wat moest hij met mij, en belangrijker: wat moest ik met hém?

Toch lukte het me niet het briefje weg te gooien. En na een week of zeven belde ik toch. Eigenlijk verwachtte ik dat hij niet meer zou weten wie ik was. Ergens hoopte ik dat zelfs. Dan zou ik zeggen dat ik een verkeerd nummer had gedraaid of zo, en dan kon ik hem uit mijn hoofd zetten. Maar toen hij mijn naam hoorde, zei hij: ‘Eindelijk, daar bel je. Wanneer spreken we af?’

Afspraak met ‘een vriendin’

Vier dagen later loog ik tegen mijn man dat ik een afspraak had met een vriendin van vroeger. Toen reed ik naar een deel van onze stad waar ik anders nooit kwam, waar hoge studentenflats stonden. Nerveus pakte ik de lift naar de achtste verdieping, ik weet het nog precies. De lift was vies en beklad met graffiti. ‘Wat doe je hier?’ vroeg ik mezelf. ‘Ga weg!’ Maar even later zat ik bij Willem op zijn kamer. Daar was het netjes en gezellig. Hij had kaarsen aangestoken, hapjes gemaakt in de keuken die hij deelde met acht andere studenten. En terwijl hij me aankeek voelde ik me smelten. Wat ik ook voelde voor mijn man, dit had hij nooit bij mij teweeg gebracht.

Tenger en jong lichaam

Willem bleek tweeëntwintig. Derdejaars student. Een vrouwengek, zo noemde hij zichzelf. Maar met mij was het anders. Mij had hij niet kunnen vergeten. Ik wist dat het waar was, omdat ik het zelf net zo had ervaren. Nog voor mijn wijnglas leeg was zoenden we. Zijn lichaam was tenger en jong. En de seks onwennig, voorzichtig. Toch zweefden we samen richting hemel. Pas na afloop kwam het schuldgevoel. In zijn kleine badkamer, wat minder netjes opgeruimd, keek ik naar mijn gezicht in de spiegel en dacht opnieuw: ‘Waar ben je mee bezig, Esther?’

‘Ik verklaarde mezelf voor gek’

Zeven keer hebben we elkaar gezien. Toen kon ik het echt niet meer, dit overspel. En wat voor toekomst hadden wij nou? Onze liefde was puur, dat voelde ik. Maar hé: ik was moeder, werkte parttime, had een huishouden waar ik voor moest zorgen. En dan was er mijn man, van wie ik al zo lang hield. Dat kon ik toch niet opgeven door een tweeëntwintigjarige knul op een studentenflat? Iedereen zou me voor gek verklaren, ikzelf nog wel het meeste.

Als goede vrienden uit elkaar gegaan

Het heeft me anderhalf jaar gekost om over hem heen te komen. Toen pas waren er weer eens dagen waarop ik niet aan hem dacht. Toen pas kon ik weer echt de vrouw voor mijn man zijn die hij verdiende. En de moeder die ik hoorde te zijn. Drie jaar geleden zijn mijn man en ik gescheiden. Nadat onze kinderen het huis uit gingen ontdekten we dat we andere behoeftes hadden.

We zijn als goede vrienden uit elkaar gegaan en ik zie hem nog regelmatig. Willem had niets met onze scheiding te maken, hij was al zolang niet meer dan een schim van vroeger, ergens verborgen op de stoffige zolder van mijn geheugen. Oké, ik googelde hem nog wel eens, altijd benieuwd naar wat hij deed in het leven, maar contact opnemen kwam nooit bij me op.

Toevallige ontmoeting

Tot we opeens oog en oog stonden in een stad waar we allebei waren voor ons werk. Per toeval beiden te vroeg. Alsof het zo moest zijn. We zijn koffie gaan drinken en toen we na een uur afrekenden, zei Willem: ‘En nu laat ik je niet meer gaan.’ Het is moeilijk geweest, ik ben moeilijk geweest, want ik wilde niet uitkomen voor onze relatie. Ik had nog altijd moeite met zijn leeftijd.

Samenwonen

Tot hij bij een ruzie, waarbij het erop of eronder was, schreeuwde: ‘Je laat dit moois tussen ons toch niet glippen vanwege iets dat niet meer is dan een getal?’ Inmiddels wonen we samen. En iedereen weet: Esther en Willem zijn een stel. En ja, soms worden er grapjes gemaakt over ons leeftijdsverschil. Vooral mijn kinderen moesten eraan wennen.

Maar iedereen ziet hoe gelukkig we zijn. Hoe perfect we elkaar aanvullen. En steeds meer mensen bevestigen: ach, wat doet leeftijd ertoe? Toch zal ik niemand ooit vertellen over ons verleden. Maar wat ben ik gelukkig dat ik alsnog een toekomst heb met de man met wie dat ooit zo onmogelijk leek.”

Beeld | iStock
Tekst | Lydia van der Weide

Artikelen van Margriet ontvangen in je mailbox? Schrijf je in op margriet.nl/nieuwsbrief.

Dit artikel verscheen eerder in Margriet 2018-51. Je kunt deze editie nabestellen via magazine.nl.