Huub van der Lubbe: ‘Ik wil niet meer doorjakkeren.’

Deel dit artikel:

‘Alles loopt toch anders. Anders dan je dacht. Waar je ook op rekent. Of wat je had verwacht. Loopt anders dan je dacht.’ Een fragment uit het omvangrijke oeuvre van zanger/dichter/acteur Huub van der Lubbe (64). Hij weet waar hij het over heeft. Zijn devies: “Meebewegen is de kunst.”

Huub van der Lubbe ziet eruit als een echte gentleman als hij het Amsterdamse Lloyd Hotel binnenstapt voor, zoals hij zelf zegt: “Misschien wel het vijfhonderdste interview in mijn leven.” Hij zit dan ook al meer dan drie decennia in het vak. Met De Dijk scoorde hij lang geleden grote hits met nummers als Bloedend hart, Binnen zonder kloppen en Ik kan het niet alleen. Door de jaren heen werden de nummers wat ingetogener (en vormde hij – naast zijn optredens met De Dijk – met twee andere muzikanten de formatie Concordia), misschien wel net als Huub zelf. Stoere leren jasjes maakten plaats voor maatpakken, 
cowboylaarzen voor puntschoenen. “Ik heb nooit zo geloofd in die stoerheid,” zegt hij zelf. “Ik zie de muziekbranche, die dat wel is, vooral als het vehikel om juist kwetsbaarheid te tonen. Daar schieten mensen meer mee op.” Voor praatjesmakers is hij allergisch. “Het leven is kwetsbaar en die kwetsbaarheid mag je best laten zien. Ieder van ons probeert, vergist zich, loopt ergens 
tegenaan, zit in de put, probeert 
opnieuw, zoekt vrienden. Het gaat 
allemaal niet vanzelf.” Hij wil meteen nog even iets kwijt over geluk. “Geluk is een vluchtige toestand. Heel af en toe komt het voorbij en dan moet je het 
grijpen. Als je leert omgaan met het feit dat het leven niet altijd een feest is, kun je het beter aan. Het is ook goed als mensen hun kinderen hier vertrouwd mee laten raken, dat maakt ze sterk.”

Tot mei sta je in het theater met 
Wat speelt. Zijn dit de thema’s die dan 
ook langskomen?
“Zeker. De voorstelling heeft alles te maken met de ‘onrechtlijnigheid’ van de dingen. Het leven loopt altijd anders dan je denkt en is niet maakbaar. Toeval speelt een rol, het lot, hormonen, chemie… In de voorstelling zing ik daarover, maar vertel ik ook verhalen en draag ik gedichten voor. Heerlijk trouwens om weer in het theater te staan, een plek waar het publiek aandachtig luistert. ‘O, dat het lied daarover ging, dat hoor ik nu pas,’ zeiden mensen vaak na mijn vorige theatertour. Ook fijn aan het theater: je hoeft niet zo luid, je hoeft niet over geroezemoes heen en over bruisende bierpompen. Aan de andere kant heeft dat ook wel wat hoor, zo’n deinende zaal.”

Dat het leven anders loopt dan je
 denkt heb je zelf de laatste jaren wel 
ondervonden. Een paar jaar geleden 
overleed je broer plotseling, je vrouw 
heeft borstkanker gehad…
“Die gebeurtenissen hebben me met mijn neus op de feiten van het leven 
gedrukt. Ik heb een periode gekend waarin alles ging zoals het moest; niemand ging dood, niemand werd ziek. Ik dacht dat ik onsterfelijk was. En met mij iedereen om me heen. Hoewel ik het een ander gun die illusie zo lang mogelijk vol te houden, weet ik inmiddels wel beter. Het leven is niet maakbaar. De enige 
zekerheid die we hebben is dat we doodgaan.
Rond mijn veertigste kreeg ik een dip. 
Ik was mijn ouders toen al verloren. Mijn moeder was overleden aan een complicatie na haar buikwandcorrectie. Heel triest. Mijn vader ging daarna 
ongezond leven en stierf vijf jaar na haar. Teuntje kreeg in diezelfde tijd voor de eerste keer borstkanker. Ondertussen probeerde ik te stoppen met roken en dat lukte niet. Ik probeerde me niet te laten kennen, maar de gebeurtenissen gingen aan me vreten. Ik kreeg last van hyperventilatie en dacht op een gegeven moment dat ik doodging. Toen ben ik met een psychiater gaan praten. Hij zei: ‘Er is ook heel wat gebeurd, hè.’ Dat praten heeft geholpen. Ik heb geleerd dat je met tegenslagen twee kanten op kunt. Je kunt je erdoor laten beetnemen en cynisch worden, maar je kunt ook leren de feiten onder ogen te zien en daar iets moois uit te halen.”

Hoe doe je dat laatste dan?
“Meebewegen is de kunst. Niet altijd de verontwaardiging de boventoon laten voeren: hoe kan dit nou? Waarom 
gebeurt mij dit? Tegen het idee dat het leven maakbaar is moeten we ons 
verzetten. Het is belangrijk dat ook jonge mensen zich realiseren dat tegenslag nou eenmaal bij het leven hoort. Want als je denkt dat alles maakbaar is, is de kans op teleurstelling heel groot. En dat werkt weer depressies in de hand.
Toen een paar jaar geleden bekend werd dat onze dochter Mira draagster is van het borstkankergen BRCA1 was bij mij ook de eerste gedachte, gevormd uit 
onmacht: waarom zij óók? Waar is dit goed voor? Nou, nergens voor dus. Het is de natuur. Het gebeurt. En wat deed Mira? Zij maakte er een voorstelling van, met de titel Maak van je shit een hit. Daar heeft ze op De Parade heel veel succes mee geboekt. Mira heeft door haar voorstelling bijgedragen aan het bespreekbaar maken van een heikel 
onderwerp als erfelijk belast zijn. Ik ben heel erg trots op haar. Wat dat betreft 
is creativiteit een zegen. Je hebt een middel om iets te doen met je verdriet en staat niet machteloos. Sterker nog: volgend jaar gaat ze ermee op tournee langs de theaters.”

Hoe is jouw band met je dochter?
“Heel goed. We begrijpen elkaar. Daar is niet zo heel veel voor nodig. Mira is heel openhartig. Ze is dertig, woont net als wij in Amsterdam en we zien elkaar 
geregeld. Mira raadpleegt Teuntje nog vaak, over professionele zaken. Ze 
hebben allebei de Toneelschool gedaan; Mira de acteursopleiding, Teuntje regie. Van oudsher ging onze dochter veel met Teuntje naar het theater. Als we geen oppas konden vinden en zij moest 
regisseren, nam ze Mira gewoon mee. We gaan geregeld met z’n drieën naar een toneelvoorstelling. We hebben het goed met elkaar.”

Mis je je ouders?
“Toen mijn ouders stierven, hadden mijn broers, zussen en ik daar veel 
verdriet om. Gelukkig hebben we goed kunnen rouwen. Echt missen doe ik ze niet meer. Hun dood is inmiddels een tijd geleden. Ik ben blij dat mijn ouders een mooi leven hebben gehad. Mijn moeder was een gevoelige vrouw, 
sociaal bewogen en empathisch. Ik hoop dat ik haar karaktereigenschappen bezit.
Ik kijk terug op een liefdevolle jeugd. Ik vind het leuk dat mijn ouders elkaar hebben leren kennen bij het amateur-
toneel. Juist in spelsituaties kom je 
het dichtst tot elkaar, dat is ook mijn 
ervaring. Daarom houd ik er zo van om met mijn vrienden iets te doen: zingen, dichten, muziek maken. Dat heb ik van huis uit meegekregen. Elke dinsdagavond spreken mijn vrienden en ik af in het café voor onze zogenaamde ‘Salon’. Wie die week iets heeft gemaakt, laat het dan horen. Een lied, een gedicht, een verhaal of een column. Vrienden die nog wel hun ouders hebben benijd ik lang niet allemaal. Sommigen hebben een 
demente vader of moeder of ouders die 24 uur per dag verzorging nodig hebben. Mijn ouders is die aftakeling bespaard gebleven, al hadden ze gerust nog een paar jaar extra mogen krijgen.”

En je broer?
“Hij stierf negen jaar geleden heel 
plotseling aan een hartstilstand. Dat was een schok, vooral voor Loes (Luca, red.), zijn partner. Harald en ik hadden een heel goede band. Hij werkte als lichtman bij De Dijk. Bovendien woonde ik, voordat ik iets met Teuntje kreeg, een tijdlang samen met drie van mijn broers, onder wie Harald, op een boot in Amsterdam. Ik mis hem, ja. Maar ik vind het vooral heel erg voor Loes en voor de kinderen. Zij hadden het zo 
fijn samen. We houden de herinnering aan hem levend. Op zijn verjaardag komen mijn broers en zussen en al zijn dierbaren allemaal samen in Rotterdam, waar hij met Loes woonde.”

Jij bent al veertig jaar samen met Teuntje. Wat maakt haar ‘jouw vrouw’?
“Ze is zelfstandig, eerlijk, rechtdoorzee en we kunnen goed met elkaar praten. Wat ook fijn is: we hebben dezelfde 
interesses. Teuntje heeft net als ik de regieopleiding gedaan aan de Toneelschool Amsterdam. Jarenlang heeft ze als regisseur gewerkt, nu is ze coach. Ze kan heel goed observeren, sturen, helpen. Ook ik kan haar oordeel goed gebruiken. Een of twee keer per jaar komt ze naar een 
optreden en geeft ze feedback waar ik echt iets aan heb. Het allerbelangrijkst is dat we echt kameraden zijn.”

Je bent nu 64. Denk je weleens na over de dood?
“Nee, helemaal niet. Ik hoop dat ik nog lang mag leven, maar ben niet bang voor de dood. Ik heb de dood geaccepteerd als een onlosmakelijk onderdeel van het leven. Ik heb het goed gehad en heb nog steeds een mooi leven. Ik hoef niet om te zien in wrok. In een hemel of een hel 
geloof ik niet. Misschien kom ik wel 
gewoon in de lucht, dat vind ik wel een mooi idee. Ik knijp in mijn handen dat ik nog steeds alle dingen kan doen die ik graag doe: zingen, dichten, acteren. Ik vind het allemaal nog steeds hartstikke leuk. Al let ik wel meer dan vroeger op hoeveel energie ik heb. Ik werk me 
niet meer over de kop. Met De Dijk nemen we af en toe een rustpauze. Dat doorjakkeren, dat wil ik niet meer.”

Over Huub: Huub van der Lubbe is al 36 jaar leadzanger van 
De Dijk. Daarnaast is hij dichter en acteur. Vanaf half 
maart is hij, naast onder anderen Ariane Schluter, 
Anneke Blok, Hans Kesting en Jonas Smulders, te zien in Niemand in de stad, de eerste speelfilm van (documentaire)regisseur Michiel van Erp. Huub: “Michiel van Erp heb ik hoog zitten. Ik was dan ook blij verrast toen hij belde. Ik vond het geweldig leuk om weer een rol te spelen in een speelfilm. De jonge acteurs spelen echt formidabel.” Tot en met april tourt Huub van der Lubbe door Nederland met Wat speelt, samen met muzikanten Jeroen van Olffen en Jan Robijns. In 
deze theatervoorstelling laat hij van zich horen als zanger-gitarist, als dichter én als verhalenverteller. 
Kijk op huubvanderlubbe.nl voor meer informatie.

Dit is een gedeelte uit het interview uit Margriet 2018-11. Dit nummer nabestellen? Dat kan via magazine.nl.

Interview: Marijke Kolk
Beeld: ANP, Brunopress, Hollandse Hoogte

Lees ook:

Artikelen van Margriet.nl ontvangen in je mailbox? Schrijf je in op Margriet.nl/nieuwsbrief

Redactie Margriet