Guus Meeuwis: ‘Ik sta nog steeds op de Spotify afspeellijsten van m’n kinderen’

Deel dit artikel:

Stadions vol meezingende fans, gouden platen met zijn naam erop, reizen door schrijnend arme gebieden voor Unicef. Het contrast kan haast niet groter. Een goede reden voor Guus Meeuwis om eindelijk eens stil te staan bij wat hij allemaal heeft bereikt. En dat is niet niks.

We zitten in een spaarzaam ingerichte kamer van de verder zo uitbundige Hermitage, het prachtige museum aan de Amsterdamse Amstel. Je kunt het slechter treffen. Het uitzicht op de met boten versierde rivier, de zon die door de majestueuze raampartijen valt op de verder lege vergadertafel waaraan we zitten, en kijk, daar links, de Magere Brug. Prima vertoeven, zie je ook Guus Meeuwis (46) denken.

Verbaas jij je nog weleens over wat je hebt bereikt?

“Ik denk dat ik er daarvoor nog te veel middenin zit… Ik ben heel trots op het laatste album, Geluk, maar als je dan op de dag dat-ie uitkomt een gouden plaat krijgt uitgereikt, wordt de verbazing wel even heel tastbaar. Dan sta ik vol ongeloof naar die gouden plaat te kijken. En dit jaar had ik na de Groots met een zachte G-concerten in het Philips Stadion ineens het besef dat ik die nu 
al dertien jaar doe. Ik reed terug vanuit Eindhoven naar huis en het overviel 
me gewoon. Ik wilde de woorden niet gebruiken, maar het zou misschien toch te maken kunnen hebben met, ja echt, ouder worden. Dus het besef is er, net als de dankbaarheid en de trots, maar er is ook nog steeds de drive om door te gaan en het scala te verbreden.”

Je neemt alleen niet de tijd om ervan te genieten…

“Veel te weinig, maar dat kan ook niet altijd. Mijn werk gaat continu door en 
ik heb ook nog vier jonge kinderen. De oudste is zeventien, maar dat vind ik nog steeds jong. Ik zit er middenin, jongen, alles draait door. Ik krijg wel steeds meer ruimte om te beseffen dat het allemaal niet normaal is. Dat het bijzonder is dat ik het niet voor lief moet nemen, ervan moet genieten. Maar je hebt gelijk: dat heb ik nooit eerder gedaan. Maar zo 
erg als de eerste zes jaar, na Het is een nacht, is het gelukkig nooit meer geweest. Ik wist toen niet meer waar ik de dag ervoor geweest was of waar ik morgen zou zijn. Dat was een rollercoaster die helemaal nergens op sloeg, dat overviel me. In 2000 kreeg ik de eerste stemproblemen, werd ik teruggefloten door mijn lijf, dat was het moment dat ik wist: wacht even, dit gaat niet meer zo.”

Je nieuwe plaat is zeer persoonlijk, gaat onder meer over de emoties die komen kijken bij een scheiding

“Jawel… Het is mijn verhaal, maar de bereidheid en de vriendschap waarmee dat omarmd is, maakt me extra trots. Het onderwerp is zwaar, maar het is toch gelukt om niet terug, maar vooruit te kijken. Daardoor is het voor mij een heel positief document geworden.”

Wat vinden je kinderen van je muziek?

“Ze maken allemaal afspeellijsten op Spotify en ik sta er nog steeds tussen. Ik ben blij dat ik er blijkbaar nog steeds toe doe. Verder zijn ze nieuwsgierig naar mijn werk en ze gaan vaker mee nu ze 
de leeftijd hebben – ze zijn acht, twaalf, vijftien en zeventien. Tijdens de stadionconcerten zijn ze er ook altijd bij. Dus ze zijn betrokken. Niet elke dag of elke week, maar af en toe even kijken hoe die ouwe gaat, dat vinden ze kennelijk leuk. Ook omdat ze de kameraadschap voelen van de groep om mij heen, die warmte, het met z’n allen in de kleedkamer hangen, in de bus. De magie eromheen. En vorig jaar zijn we naar Pinkpop geweest met die vier kids… Dat was natuurlijk helemaal de bom.”

Wilde je altijd al kinderen?

“Ja, dat was wel een ding.”

Zo veel ook?

“Haha, ja, ze zijn alle vier bewust gekozen. Het liep bij ons gewoon zo… heel organisch. En ondanks dat het af en toe natuurlijk best heel druk is, hebben we het altijd gerooid met z’n allen.”

Toch zijn jij en je vrouw Valérie uit elkaar gegaan

“Daar praat ik niet over. Ik ben de bekendste, maar er zijn meer hoofdrolspelers in dit verhaal.”

Je weet dat je deze vragen krijgt als je er liedjes over schrijft

“Ja, maar die liedjes zeggen alles al.”

Heb je er vanwege dit soort vragen over getwijfeld of je die nummers op de plaat moest zetten?

“Ja, ik heb het goed afgewogen. Er zijn ook nummers die de plaat niet gehaald hebben, maar het is goed zo.”

Zijn je kinderen muzikaal?

“Muzikaler dan ze zelf denken, maar 
ze spelen geen instrument. Nou ja, de oudste heeft even gedrumd. Ik was zelf wat fanatieker dan zij nu zijn, maar de gitaar kwam ook pas op mijn veertiende. Ik ga ze in elk geval niet achter hun vodden aan zitten, dat hóéft niet. Ze luisteren liever, zingen mee, ontdekken dingen, worden er vrolijk van.”

Ambassadeur voor Unicef

Guus Meeuwis maakte een indrukwekkende reis als ambassadeur voor Unicef, waarin hij onder meer een kinderziekenhuis bezocht. 
Hij ziet er patent uit, de jaren lijken vooralsnog geen vat op hem te krijgen, afgezien van een grijze haren hier en daar. Dit ondanks – of misschien wel dankzij – de enorme hoeveelheid werk die hij dezer dagen op zijn schouders neemt. Zijn nieuwe theatertournee Geluk en de voorbereidingen voor zijn stadionconcerten vragen de nodige aandacht, net als Modestus, zijn eigen management- en productiehuis.

Ben jij niet te druk voor dit ambassadeurschap?

“Ik heb er niet over getwijfeld, maar wilde er wel weloverwogen in stappen. Ik wil niet dat het verzandt in goede bedoelingen. Maar ik maak me geen zorgen, dit gaat lukken, hier máák ik 
tijd voor. Het is bovendien ook weleens verhelderend dat het niet alleen om mij draait.”

De dingen die je zag in Zuid-Afrika staan ongetwijfeld in schril contrast 
met je eigen wereld

“Van een uitverkocht Philips Stadion naar een kinderziekenhuis in Zuid-Afrika, ja, dat zet je inderdaad wel met beide benen op de grond. Weet je, er gaat al best heel veel over Guus Meeuwis en als Guus Meeuwis die bekendheid kan aanwenden om aandacht te vestigen op iets dat veel groter is dan hijzelf, dan is dat prima.”

Je was één keer eerder in Zuid-Afrika…

“Ja, in 2010, met een totaal andere reden: het WK voetbal. Tijdens zo’n wereldkampioenschap glanst het land natuurlijk, zie je alleen de pracht en praal. Tijdens deze reis zag ik het tegenovergestelde. Het land is intens, oneerlijk, frustrerend, alles. Het verschil tussen rijk en arm is zó groot. In principe zijn alle middelen, alle grondstoffen aanwezig om de problemen op te lossen, zou je zeggen, maar dat lukt maar niet. Bovendien is er meer nodig dan materiële hulp. Kinderen zijn erg kwetsbaar in dit land en hebben extra aandacht nodig, omdat de mensen er daar te weinig aan toekomen door alle andere problemen.”

Waarom hebben ze juist jou gevraagd?

“Dat moet je aan Unicef vragen, maar ik denk dat ze vinden dat ik bij de club pas, bij hun gedachtengoed. En dat ik ze op geheel eigen wijze kan vertegenwoordigen. Dat is wel wat ik heb geleerd van Paul van Vliet, mijn voorganger, de man met de prachtige donkere stem: er zijn geen richtlijnen hoe je een ambassadeurschap invult, volg je hart en hoofd, be yourself, dan komt het vanzelf. Het zal wennen worden, maar daar is tijd voor en we zijn met iets goeds bezig.”

Zou het ook te maken kunnen hebben met het feit dat je nooit negatief in het nieuws komt?

“Zul je net zien dat ze volgende week een hele beerput opentrekken, haha. 
Ik vind het moeilijk om hier iets over 
te zeggen… Ik zit al bijna 25 jaar in dit vak en probeer dat in te vullen op een manier die bij mij past. Dit is wie ik ben, what you see is what you get.”

De werkdruk is in die 25 jaar wel enorm toegenomen

“Het is heel veel drukker geworden, ja. Vroeger reed ik met zes vrienden in 
een busje van het ene naar het andere podium, nu komt er veel meer bij kijken. Mijn carrière is gegroeid en daarmee de verplichtingen en verantwoordelijkheden. We doen tegenwoordig bijvoorbeeld alles in eigen beheer. Maar het is op een natuurlijke manier gegaan, het heeft me niet overvallen. Ik heb door 
de muziek de kans gekregen mezelf te ontwikkelen. Daar zitten heel veel uren hard werken in, maar ook heel veel humor, lachen, plezier en ontspanning. Als ik mijn rechtenstudie had afgerond en een ‘gewone’ baan had gehad, was dit waarschijnlijk ook gebeurd. Ook dan was ik niet dezelfde jongen geweest als twintig jaar geleden.”

Raakt zo’n reis je meer, omdat je vader bent?

“Je schrikt er wel van, ja, ook omdat 
je beseft dat die kinderen daar er geen moer aan kunnen doen. Het is zo kwetsbaar, zo verschrikkelijk en er moet nog zo veel gebeuren…”

Snap je mensen die zeggen dat ze een beetje moe worden van al die goede doelen?

“Als je op de bank zit en een zoveelste donateursactie voorbij ziet komen, is de kans aanwezig dat je denkt: het zal wel. Dus moet ik er alles aan doen om aan 
die mensen te laten zien dat je echt een verschil kunt maken. Ze hoeven er echt niet elke keer vol in, maar het is goed om te beseffen dat alles helpt. Het is vaak ook geen onwil. Het is meer: nu even niet, volgende keer maar weer. Even ademhalen.”

Je lijkt er wel continu voor te gaan. Heb je die gemeenschapszin van je ouders?

“Ik denk het wel. Mijn ouders zaten ook in allerlei besturen, verenigingen en bij de kerk. Er was veel gemeenschapszin, ja. Iets voor niets doen, dat heb ik van 
ze meegekregen, dat zit erin. Ik kan me niet voorstellen dat iemand dat niet heeft.”

Probeer je je eigen kinderen dat ook mee te geven?

“Onbewust, maar ik merk ook dat het er gewoon al in zit. Tijdens Serious Request schiet hun hele school in actie. Dan doen ze mee aan sponsorlopen en krijgen het op die manier spelenderwijs mee. En dat is prima zo, ze hoeven nog helemaal niet precies te weten hoe de vork in de steel zit. Maar het is goed dat ze inzien dat het noodzakelijk is om af en toe dingen voor een ander te doen, zonder daar iets voor terug te krijgen.”

Vind je jezelf een goede vader?

“Ik doe mijn stinkende best. Er zijn heel veel boeken over geschreven, maar ik denk dat je de blauwdruk meekrijgt van je ouders. En dat je het precies doet zoals je ouders het deden, dat je misschien nog wel strenger bent – ondanks het feit dat je met jezelf had afgesproken dat je dat nooit zou doen. Maar je bent volgens mij ook wel in staat om bepaalde dingen te evalueren en in te zien dat het nu beter of anders kan.”

Lijk je meer op je vader of op je moeder?

“Volgens mij ben ik in uiterlijk en karakter een gezonde mix van die twee. De muzikale kant komt bij mijn moeder vandaan, de rustige kant van mijn vader… Ja, echt een mix.”

Ga je met je kinderen in discussie?

“Ik denk dat dat inderdaad wel iets van deze tijd is. Er is meer overleg. Dat was vroeger bij ons thuis toch anders: dingen waren nou eenmaal zo, en niet anders. Er mag en moet nu meer worden gepraat, over alles. Dingen bij ze weghouden, ze onwetend houden, ik weet ook niet of dat goed is. Ik denk dat je kinderen voorzichtig op bepaalde dingen moet voorbereiden. Ik vind in elk geval dat alles bespreekbaar moet zijn.”

Lijkt me lastig voor iemand die van zichzelf zegt dat hij geen gemakkelijke prater is

“Ik word er steeds beter in, maar ik heb het the hard way geleerd. Dat gun ik mijn kinderen niet, ik wil dat zij van meet af aan weten dat je over alles kunt praten. Maar inderdaad, ze schrikken zich af en toe wild: is dít onze vader?”

Beeld | iStock

Artikelen van Margriet ontvangen in je mailbox? Schrijf je in op margriet.nl/nieuwsbrief.

Dit artikel verscheen eerder in Margriet 2018-47. Je kunt deze editie nabestellen via magazine.nl.