Actrice Susan Visser: ‘Ik ben nu alleen en dat is prima, want ik ben gelukkig’

Deel dit artikel:

Actrice Susan Visser (51) kan alle theaterrollen spelen die ze graag wil, is dol op haar kinderen en heeft fijne vrienden. Kortom: ze zit in een goede levensflow, maar dat is weleens andersgeweest. Nu ze de vijftig is gepasseerd, blikt ze terug én kijkt ze vooruit.

Actrice Susan Visser zit in een goede energiestroom, een lekkere flow, zoals ze zegt. “Ken je dat, zo’n periode dat gewoon alles lekker loopt? Dat het leven, zeg maar, klopt? Met mijn kinderen gaat het goed. Ik speel in mooie theaterstukken. Ik heb lieve vrienden met wie ik in het weekend wijntjes drink. Dat is fijn hoor, dat je om je heen kijkt en je je dat realiseert.”

TERUGBLIKKEN
Een van de rollen die ze dit najaar in het theater gaat spelen is in De man van je leven, naar het boek van Arthur Japin. Het verhaal gaat over een doodzieke vrouw die op zoek gaat naar een vervangster voor zichzelf. “Dat kun je je bijna niet voorstellen: je weet dat je gaat sterven en zoekt daarom een nieuwe vrouw voor je man. Ik weet niet of ik dat zou kunnen. En is dat dan een daad van liefde of van bezorgdheid? Of vooral de controle willen houden?” Ze is stil. Haar handen, die druk meebewegen als ze praat, legt ze voor zich op tafel. Dan die heerlijke schaterlach. Haar pretogen schieten heen en weer. Hoe kijkt ze naar de periode die achter haar ligt? En naar wat nog gaat komen? Het leven van Susan Visser in vijf episodes.

JEUGDJAREN EN MEISJESDROMEN
“Als klein meisje keek ik naar oude Amerikaanse films en danste ik als Shirley Temple door het huis. Ik voelde magie bij die films. Het verhaal, de decors, het acteren… Maar het was nooit mijn plan om actrice te worden. Het besef dat je daar ook voor kunt kiezen kwam pas toen ik een jaar of vijftien was. Mijn moeder speelde amateurtoneel en samen met mijn zus ging ik bij het jongerengroepje. Ik was een puber die alles stom vond, maar bij dat clubje voelde ik: deze mensen snap ik. Het samen spelen, improviseren; ik vond het geweldig. Ik groeide op onder de rook van Rotterdam. Mijn vader werkte op Schiphol, mijn moeder had een pedicuresalon aan huis, zodat ze haar werk kon combineren met de zorg voor mij en mijn zus. Als mijn ouders de mogelijkheid hadden gekregen, hadden ze ook voor een creatief beroep gekozen. Mijn moeder was een heel goede ballerina. Ze werd op haar zestiende gescout door het Scapino Ballet. Maar dan moest ze in Amsterdam gaan wonen en dat vonden mijn opa en oma niet goed. Mijn vader is nog een tijdje fotograaf geweest en toen hij al veertig was, ging hij naar de theaterschool in Utrecht. Dat was eigenlijk te laat en zijn karakter zat hem ook in de weg. Op mijn twaalfde zijn mijn ouders gescheiden. Mijn vader had een alcoholprobleem, als opvoeder heeft hij niet echt een rol gespeeld. Of laat ik het anders zeggen: mijn zus en ik namen hem daarin niet serieus. Ik scheel een jaar met mijn zus. Ze was me altijd net een stapje voor, net even wat sneller dan ik. En dat vond ik prima, want ik durfde niet zo veel en kon me dan mooi achter haar verschuilen, bij haar de kunst afkijken.”

‘Ik weet dat ik me niet moet laten meeslepen naar de kant van dat grote, diepe verdriet’

LEVEN ALS ACTRICE
“Op de toneelschool wilde ik het goed doen, misschien wel té goed. Ik dook er helemaal in. Nu denk ik: ik had er wel wat meer van mogen genieten. In het vierde studiejaar speelde ik al Dirkje in In de Vlaamsche pot én in een voorstelling van Ro Theater. Het kwam erop neer dat ik overdag de serie opnam voor livepubliek en ’s avonds op de planken stond. Om zo te leven voelde als thuiskomen: een wezenlijk gevoel van ‘dit is wie ik ben’. Na die periode had ik me voor mezelf bewezen. Vond ik dat ik mezelf actrice mocht noemen. Ik dacht: als ik mijn diploma krijg, heb ik dat ook echt verdiend. Wat voor actrice ik ben? Dat is best moeilijk te beantwoorden. Acteren is voor mij een zoektocht. In elke rol ben ik iemand die niet per definitie dicht bij me staat. Dan is het zoeken: waarom reageren mensen zoals ze reageren? Waarom maken ze de keuzes die ze maken? De universele struggle for life vind ik interessant. Ik heb de luxe dat er nog genoeg rollen op mijn pad komen. Ik hoop niet dat dat stopt als je een bepaalde leeftijd hebt. Maar daar probeer ik me zo min mogelijk druk om te maken. Ik word ook een betere actrice naarmate ik ouder word. Dat hele ‘jezelf moeten bewijzen’ is er op een bepaald moment wel vanaf. Het is fijn dan ik steeds meer kan vertrouwen op mijn ervaring. En dat die ervaring ook steeds meer mee gaat spelen bij de projecten waarvoor ik word gevraagd. Zo ben ik betrokken bij het Buddy Film Project, waarin mensen uit de Nederlandse filmen televisiewereld worden gekoppeld aan een vluchteling die in zijn of haar thuisland bijvoorbeeld acteur of cameraman was. We hebben een gezamenlijke acteerworkshop gedaan en een kort filmpje opgenomen. Ik vond dat heel emotioneel. Voor veel vluchtelingen was dit de eerste keer weer op een set. Ze konden weer even zijn wie ze waren.”

Tekst | Saskia Smith
Fotografie | Esther Gebuis
Styling | Brigitte Kramer
Visagie | Carla Rep

Dit is een gedeelte uit het interview met Susan Visser uit Margriet 2017-25/26. Dit dubbelnummer nabestellen? Dat kan via magazine.nl. Je kunt het hele interview ook online lezen via Blendle.

Bekijk ook onderstaande video die gemaakt is tijdens de fotoshoot met Susan.

Lees ook

Artikelen van Margriet.nl ontvangen in je mailbox? Schrijf je in op Margriet.nl/nieuwsbrief