7 veelgemaakte fouten bij het koken van rijst

Deel dit artikel:

Rijst: net als pasta of aardappelen een ideale aanvullling bij veel verschillende soorten maaltijden. Het lijkt een eenvoudig bijgerecht, maar toch worden er stukken meer fouten gemaakt bij het koken van rijst dan we dachten…

En dat is natuurlijk zonde. Hieronder een overzicht van zeven veelgemaakte fouten bij het koken van rijst. En wat je dan juist wél moet doen om optimaal van de smaak te kunnen genieten.

 1.     De rijst niet wassen

Het is belangrijk om rijst goed te wassen voordat je ‘m gaat koken. Hierdoor haal je de buitenste laag zetmeel eraf, wat ervoor zorgt dat de rijst luchtiger wordt en dat maakt ‘m lekkerder van textuur. Zeker de moeite waard dus.

2.     Je gebruikt de verkeerde soort rijst

Er zijn veel verschillende soorten rijst, die elk een eigen smaak hebben. Ook de textuur loopt flink uiteen. Je kunt de verschillende korrels dus niet zomaar in elk gerecht gebruiken. Daarbij verschilt de bereidingswijze per type. Zo kun je Japanse kortkorrelige rijst (die wordt gebruikt voor sushi), het best eerst laten weken. Ga daarbij uit van een verhouding rijst tot water van 1:1,25. Bij langkorrelige rijst, zoals pandan- of basmatirijst, is dat 1:1,5. Wil je risotto, paella of een rijstdessert maken en heb je geen risottorijst in huis? Dan kun je die wel vervangen door Japanse rijst (en andersom). Dit omdat risottorijst ook kortkorrelig is en erg lijkt op Japanse rijst.

3.     Rijst koken in ruim water

Bij het koken van rijst gieten sommige mensen een pan vol met water. Dit kun je beter niet doen. Als je de rijst echt goed wilt klaarmaken, meet je de rijst en het water precies af en laat je ‘m droogkoken. Hierbij geldt dezelfde verhouding als hierboven beschreven bij het weken: is de verhouding rijst op water bij kortkorrelige rijst 1:1,25 en bij langkorrelige rijst 1:1,5. Als al het water is geabsorbeerd, is de rijst perfect gekookt.

4.     Het vuur staat te hoog

Wanneer je de rijst laat droogkoken moet je er wel op letten dat het vuur niet te hoog staat. Zodra het water kookt, zet je het op een laag pitje. Zo voorkom je dat de bodem aanbrandt terwijl de rest nog niet gaar is. Het is erg lastig om de pan goed schoon te maken als de rijst is aangebrand, dus dat kun je beter voorkomen.

5.     Je gebruikt geen zout

Om de rijst extra smaak te geven kun je het best een flinke snuf zout toevoegen tijdens het koken. Zout haalt de smaken in de rijst omhoog, waardoor ze beter tot hun recht komen in je maaltijd. Dit geldt trouwens ook voor pasta.

6.    Roeren in de rijst

Heel verleidelijk: even de rijst doorroeren terwijl-ie kookt. Niet doen! Zodra het deksel op de pan gaat, is het zaak de korrels te laten rusten. Als je tussentijds gaat roeren, komt het zetmeel los waardoor de rijst zompig wordt en slof kan gaan smaken. Geloof ons, goede rijst zonder roeren is het wachten waard. Dus probeer gewoon geduld te hebben.

7.     Rijst niet laten staan

Neem je tijd als het gaat om rijst koken. Als je rijst laat droogkoken, is de onderste laag altijd iets vochtiger dan de bovenste. Door de rijst 5-30 minuten met het deksel op de pan te laten staan, wordt het vocht gelijkmatig verdeeld. Tijd om te serveren!

Bron: favorflav.com
Beeld: iStock