Gezondheid

Bloedverlies in de menopauze? Dit kunnen de oorzaken zijn

menopauze-bloedverlies.jpg

Als je al een jaar geen normale menstruatie meer hebt gehad en ouder dan 45 jaar bent, dan ben je misschien in de menopauze. De periode rond deze laatste menstruatie heet ‘de overgang’. Heb je één jaar na je laatste menstruatie toch weer bloedverlies? Dan is het belangrijk om een bezoekje te brengen aan de gynaecoloog.

In dit artikel leggen we je uit wat de oorzaken van dit bloedverlies kunnen zijn en wat voor onderzoeken er worden gedaan om achter de oorzaak te komen.

Wat veroorzaakt bloedverlies na de overgang?

Bloedverlies na de overgang kan zowel uit je vagina, baarmoedermond als baarmoeder komen. Hieronder een overzichtje van de meest voorkomende oorzaken:

Oorzaken die te maken hebben met je vagina

Verminderd oestrogeen

Je vaginawand is bekleed met slijmvlies. Dit slijmvlies wordt versterkt door het vrouwelijk hormoon oestrogeen. Nadat je in de overgang bent gekomen, daalt je oestrogeenspiegel. Dit kan ervoor zorgen dat de vaginawand dunner, droger en kwetsbaarder wordt. Hierdoor kun je last krijgen van onschuldig bloedverlies.

Verzakking

Soms kan je vaginawand geïrriteerd raken en stuk gaan door een verzakking die voorbij de ingang van de vagina komt. Ook kan het zo zijn dat een ring die tegen de verzakking is geplaatst, de vaginawand beschadigt waardoor er bloedverlies ontstaat. Dit komt door de continue druk die de ring zet tegen de vaginawand.

Oorzaken die te maken hebben met de baarmoedermond

Poliep

Het slijmvormend weefsel van je baarmoedermond kan soms uitgroeien tot een rode uitstulping: een poliep. Omdat een poliep kan bloeden, zou dit heel goed de oorzaak kunnen zijn van je bloedverlies. Het is belangrijk om je te realiseren dat een poliep in de baarmoedermond bijna altijd goedaardig is.

Baarmoederhalskanker

Hoewel bloedverlies na de overgang in de meeste gevallen onschuldig is, kan het soms ook een eerste teken zijn van baarmoederhalskanker. Deze vorm van kanker komt alleen weinig voor na de overgang. De kans dat baarmoederhalskanker de oorzaak is van het bloedverlies, is zelfs minder dan één procent. Lees hier meer over de symptomen van baarmoederhalskanker.

Oorzaken die te maken hebben met de baarmoeder

Dun slijmvlies

Voor de overgang zijn er twee soorten hormonen die het baarmoederslijmvlies beïnvloeden. Zo stimuleert het hormoon oestrogeen het slijmvlies waardoor het dikker wordt, terwijl het hormoon progesteron ervoor zorgt dat het slijmvlies uitrijpt en wordt afgestoten. Na de overgang stoppen de eierstokken met het maken van oestrogeen en progesteron. Dit zorgt ervoor dat het slijmvlies in de baarmoeder dun blijft en kwetsbaar wordt, wat weer onschuldig bloedverlies kan veroorzaken.

Menstruatie

Heel soms krijgen vrouwen tóch nog een menstruatie nadat zij al meer dan een jaar geen menstruaties meer hebben gehad. De kans hierop is groter wanneer je nog niet zo lang in de overgang bent. Je herkent dan vaak hetzelfde patroon van menstruaties die je eerder had. Als je gynaecoloog bij het uitstrijkje en de echo geen afwijkingen vindt, heb je waarschijnlijk toch nog een menstruatie gehad. In dit geval is het bloedverlies dus onschuldig.

Verdikt slijmvlies

Naast een dun slijmvlies, kun je ook te maken hebben met een verdikt slijmvlies. Je bijnier maakt namelijk hormonen aan die vetweefsel kunnen omzetten in oestrogeen. Hierdoor kan het baarmoederslijmvlies verdikken, wat bloedverlies kan veroorzaken. In de meeste gevallen is dit verdikte weefsel onschuldig. Maar soms wordt het weefsel onrustig en ontstaat er (een voorstadium van) baarmoederkanker.

Poliep

Een poliep is een uitgroeisel van het slijmvlies van de baarmoeder. Poliepen komen voor in allerlei soorten, maten en hoeveelheden. Soms gaan poliepen samen met bloedverlies. De meeste poliepen van de baarmoeder zijn goedaardig. Wanneer een poliep bloedverlies veroorzaakt, is er reden om deze te verwijderen. Er is een kleine kans dat er kanker in de poliep zit.

Baarmoederkanker

Baarmoederkanker kan ontstaan in de spier van de baarmoeder en in het slijmvlies van de baarmoeder. Als er kanker ontstaat in het slijmvlies, dan krijg je meestal in een vroeg stadium bloedverlies. De kans op kanker van het baarmoederslijmvlies bij bloedverlies na de overgang is één op tien (tien procent). De kans hierop is groter als je ouder bent en/of overgewicht, een hoge bloeddruk of suikerziekte (diabetes) hebt.

Vleesbomen

Wat ook nog weleens kan voorkomen, zijn vleesbomen (ook wel bekend als myomen). Vleesbomen zijn afhankelijk van vrouwelijke hormonen. Voor de overgang maken de eierstokken nog hormonen. Vleesbomen kunnen dan een oorzaak zijn van onregelmatig of hevig bloedverlies. Na de overgang zijn vleesbomen niet meer actief en worden ze vaak ook kleiner. Bij vijf op de honderd vrouwen met bloedverlies na de overgang, wordt er een vleesboom gevonden. Het is alleen niet duidelijk of de vleesboom dan de oorzaak is van het bloedverlies na de overgang.

Welke onderzoeken worden er gedaan?

Wanneer je bloedverlies na de overgang hebt, is het belangrijk om een afspraak te maken met de huisarts of de gynaecoloog. Hij of zij zal dan een uitstrijkje en een inwendige echo maken. Na deze onderzoeken zal er bepaald worden of er ook nog aanvullend onderzoek nodig is. Hier een overzichtje van de verschillende onderzoeken die kunnen worden uitgevoerd:

Uitstrijkje

Bij een uitstrijkje bekijkt de gynaecoloog met behulp van een spreider (een speculum of eendenbek) de baarmoedermond. Met een klein borsteltje neemt hij of zij wat oppervlakkige cellen van de baarmoedermond af, waarna de cellen in een potje worden gestopt en in een laboratorium verder worden onderzoekt.

Inwendige echo

Bij een inwendige echo brengt de gynaecoloog een dunne echokop in bij de vagina, zodat hij of zij de baarmoeder en eierstokken kan zien en de dikte van het baarmoedervlies kan meten. Is het baarmoederslijmvlies na de overgang dikker dan vier millimeter of is de echo niet duidelijk genoeg? Dan adviseert de gynaecoloog aanvullend onderzoek. Aanvullend onderzoek bestaat bijvoorbeeld uit een pipelle, contrastecho of hysteroscopie.

Pipelle

Bij een onderzoek met een pipelle (een dun buisje) neemt de gynaecoloog een beetje weefsel uit de baarmoederholte af. Dit kan menstruatie-achtige pijnkrampen geven. Het weefsel gaat naar het laboratorium voor onderzoek.

Contrastecho

Bij een contrastecho plaatst de gynaecoloog een dun buisje (een katheter) in de baarmoederholte. Hierna brengt de gynaecoloog een klein beetje water of gel in en maakt opnieuw een inwendige echo. Ook dit kan menstruatie-achtige pijnkrampen geven. Op deze manier kan de gynaecoloog de baarmoederholte en eventuele poliepen beter zien.

Hysteroscopie

Bij een hysteroscopie wordt er in je baarmoeder gekeken. Dit type onderzoek kan zowel op een behandelafdeling als in een operatiekamer plaatsvinden. Voorafgaand aan het onderzoek krijg je pijnstilling. Tijdens het onderzoek brengt de gynaecoloog een dunne buis met een kleine camera in de vagina in. Vervolgens wordt de buis voorzichtig in de baarmoeder geschoven, wat menstruatie-achtige pijnkrampen kan geven. De gynaecoloog kan door de camera de binnenkant van de baarmoeder op een beeldscherm zien. Je kunt zelf ook meekijken op het scherm als je dat wilt. Via de buis wordt vloeistof in de baarmoeder ingebracht waardoor de baarmoeder een beetje uitzet. Hierna kan de gynaecoloog een hapje weefsel (biopt) van het baarmoederslijmvlies nemen of bijvoorbeeld een poliep of vleesboom verwijderen.

Artikelen van Margriet ontvangen in je mailbox?
Schrijf je in op margriet.nl/nieuwsbrief.

Bron | De Gynaecoloog
Beeld | iStock

Ook interessant