Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Gezondheid

Waarom het zo belangrijk is om af en toe je medicijngebruik onder de loep te nemen

waarom-je-je-medicijngebruik-onder-de-loep-moet-nemen.jpg

Het is altijd verstandig om je medicijngebruik een keer in de zoveel tijd onder de loep te nemen. Wat slik je eigenlijk, welke invloed hebben verschillende medicijnen op elkaar en is voeding van invloed op je medicatie?

Want wat op je veertigste een wondermiddel was, kan op je zestigste een heel ander effect hebben.

Wat slik ik nu eigenlijk?

Check je regelmatig je bankrekening, je mail, of je planten water nodig hebben en of je huisdieren geen teken of vlooien hebben? Vanzelfsprekend, zou je zeggen. Maar waarom checken de meesten van ons hun medicijngebruik minder vaak? Stel jezelf daarom vanaf nu regelmatig de vraag: wat slik ik eigenlijk en heb ik deze medicatie nog allemaal nodig?

Wat je op je veertigste nodig had, kan namelijk op je zestigste en ouder totaal anders zijn. In de tussentijd kunnen er betere geneesmiddelen zijn gekomen of de richtlijnen zijn veranderd. Bovendien verandert je lichaam als je ouder wordt en daardoor kun je anders reageren op medicijnen. Ook gaat je nierfunctie achteruit, waardoor medicijnen minder goed of juist sterker werken, doordat de nieren minder snel alle medicijnen uit het bloed kunnen verwijderen.

Medicijngebruik onder de loep

Kortom: goed om ook je medicijngebruik onder de loep te nemen. Over het algemeen zullen de huisarts en de apotheker dit ook in de gaten houden, maar je kunt het zelf ook aankaarten als je twijfelt over je medicijngebruik. Ben je niet zo mondig of word je snel overrompeld, schrijf dan je vragen op of neem iemand mee om je te ondersteunen.

Laat de huisarts of apotheek ook weten welke zelfzorggeneesmiddelen – zoals paracetamol, ibuprofen en andere middelen die je zonder recept kunt krijgen – en voedingssupplementen je gebruikt. Deze kunnen namelijk zorgen voor een wisselwerking met voorgeschreven medicatie.

Ik slik meerdere medicijnen, kan dat wel?

Bij het tegelijkertijd gebruiken van sommige soorten medicijnen, zelfzorggeneesmiddelen of voedingssupplementen kan er een wisselwerking of interactie optreden; dit betekent dat ze elkaars werking kunnen versterken of juist verzwakken. Neem deze combinaties daarom niet tegelijkertijd in, maar met een aantal uur ertussen.

Bij voorgeschreven medicatie zal de huisarts of apotheker hier rekening mee houden en je adviseren. Op apotheek.nl kun je zelf ook je medicijn opzoeken. Daar staat heel overzichtelijk bij of en met welke andere medicatie jouw medicijn een wisselwerking heeft.

Enkele voorbeelden:

  • Niet-steroïde anti-inflammatoire geneesmiddelen (NSAID’s), zoals aspirine, naproxen en ibuprofen, zijn niet zo maagvriendelijk en kunnen maagklachten veroorzaken. Ook hebben deze geneesmiddelen een bloedverdunnend effect. In combinatie met voorgeschreven bloedverdunners kunnen ze bloedingen – denk aan een maag- of hersenbloeding – in het lichaam veroorzaken. Hoe ouder je bent, hoe minder dik je maagslijm wordt en hoe minder het je maag beschermt. Eerste keuze bij pijn is dan ook paracetamol. Helpt dit niet en moet je bijvoorbeeld chronisch ibuprofen slikken, dan wordt geadviseerd er een maagbeschermer bij te slikken.
  • IJzer en calcium: deze stoffen binden zich graag aan andere stoffen en daarmee beïnvloeden ze de werking van medicijnen. Zo bindt zowel ijzer als calcium aan bepaalde antibiotica, waardoor deze niet goed worden opgenomen in het lichaam. Bepaalde parkinsonmiddelen en schildkliermedicijnen kunnen door de combinatie met ijzer en/of calcium minder goed werken. En neem ijzertabletten liever niet in bij de maaltijd, omdat ze de opname van calcium en magnesium remmen.
  • Wanneer verschillende slaapmiddelen naast elkaar worden gebruikt, versterken zij elkaars werking.
  • Ginkgo biloba en ginseng kunnen de werking van bloedverdunners versterken, wat tot bloedingen kan leiden.
  • Sint-janskruid kan de werking van onder meer antibiotica, maagzuurremmers, bloedverdunners en de anticonceptiepil beïnvloeden.

Voeding en medicijngebruik

Bepaald eten kan de werking van medicijnen afremmen of versterken; iets om rekening mee te houden bij medicijngebruik. Ook kunnen sommige medicijnen ervoor zorgen dat bepaalde voedingsstoffen onvoldoende worden opgenomen door je lichaam. Vraag hiernaar bij de huisarts of apotheker als je een nieuw medicijn gaat gebruiken, of kijk op apotheek.nl voor meer informatie. Enkele voorbeelden:

  • Melk, melkproducten (kwark, yoghurt) en kaas: calcium uit deze voeding bindt zich graag aan andere middelen, zoals bepaalde antibiotica. Calcium kan er daardoor voor zorgen dat antibiotica niet kunnen worden opgenomen in de dunne darm, wat een verminderde werking van het geneesmiddel als gevolg heeft.
  • Grapefruit: grapefruit(sap) bevat furocoumarinen – stoffen die de afbraak van sommige medicatie vertragen – waardoor je te veel van een medicijn in je bloed kunt krijgen. Hierdoor neemt het risico op bijwerkingen toe. Dit geldt onder andere bij antidepressiva, antibiotica, slaap- of rustgevende middelen of geneesmiddelen die tegen een hoge bloeddruk worden gebruikt.
  • Alcohol: medicijnen, zoals bijvoorbeeld sommige antibiotica, antidepressiva en slaapmiddelen, gaan niet goed samen met alcohol. Het kan de werking van een medicijn versterken of juist afremmen.
  • Drop: de stof glycyrrhizinezuur die in drop zit kan in combinatie met het slikken van plaspillen de bloeddruk verhogen.
  • Melkproducten remmen de opname van ijzer in ijzertabletten.

Roken en medicatie

Bij rokers werkt de lever vaak sneller, waardoor bepaalde medicijnen sneller worden afgebroken en ze minder goed werken. Om een medicijn goed te laten werken is daarom een hogere dosering nodig. Het omgekeerde geldt ook: wie stopt met roken, kan misschien een iets lagere dosis medicijnen slikken dan ervoor. Laat het je arts of apotheek daarom weten als je rookt of bent gestopt.

Moeite met slikken

Heb je moeite met het slikken van medicijnen? Maal nooit zomaar een medicijn fijn, omdat de werkzame stoffen daardoor te snel in je lichaam komen. Medicijnen kunnen daardoor niet meer werken of je kunt bijwerkingen krijgen. Overleg met je apotheker voor een oplossing. Misschien bestaat het medicijn bijvoorbeeld ook als drankje.

Hoe bouw je medicijngebruik af?

Ook voordat je begint met een – niet chronisch – nieuw medicijn, is het belangrijk om het over een afbouwplan te hebben met je arts. Wil je bijvoorbeeld van je slaapmiddelen, angstremmers of antidepressiva af, dan moet je rekening houden met onttrekkingsverschijnselen die heel vervelend kunnen zijn. Je kunt bijvoorbeeld neerslachtig of juist heel hyper worden. Het is van belang dat je tijdens dit proces wordt begeleid door je huisarts, apotheker of een andere deskundige en niet in je eentje aan de slag gaat.

Mijn medicijnen zijn over de datum. Wat nu?

De hoeveelheid werkzame stof van een medicijn neemt af als het over de datum is en er kunnen giftige afbraakstoffen ontstaan. Als het medicijn een paar dagen over de datum is en je neemt het per ongeluk in, dan is dat niet direct een probleem. Maar gebruik het liever niet langer en lever het in bij de apotheek; zij vernietigen de medicijnen op een veilige manier. Lever de flesjes, tubes en doosjes in zonder de stickers met je naam erop.

Bewaar medicijnen op een droge, donkere plek. Sommige medicijnen moet je in de koelkast bewaren; dit staat dan op de verpakking. Medicijnen mogen niet warm of vochtig worden. Bewaar ze dus liever niet bij de verwarming of in de badkamer.

Bijwerkingen

Als je alle mogelijke bijwerkingen – die een fabrikant verplicht is te noemen – op een bijsluiter leest, kan dat je behoorlijk afschrikken. Lees liever de aanvullende informatie die je van de apotheek krijgt of kijk op apotheek.nl. Deze uitleg is vaak veel bondiger en duidelijker. Veelvoorkomende bijwerkingen zijn maag- en darmklachten, hoofdpijn en duizeligheid en huidproblemen zoals uitslag, bultjes of jeuk.

Stel je voelt je duizelig na het innemen van je medicatie, ren dan niet na één keer gebruik naar de apotheek. Soms moet je lichaam wennen aan het medicijn of de duizeligheid heeft niets met het medicijn te maken. Houd de duizeligheid zo’n twee weken aan, dan is het wel verstandig om contact op te nemen met je apotheker. Mogelijk is een wijziging van tijdstip van inname al een oplossing. Zo zijn bijvoorbeeld maagklachten vaak te voorkomen door een medicijn tijdens of vlak na de maaltijd in te nemen. De apotheker kan ook kijken of een ander middel beter past.

Bepaalde geneesmiddelen hebben invloed op je reactievermogen; autorijden, werken met gevaarlijke machines, fietsen of op een ladder staan wordt dan ontraden. Sommige cholesterolverlagende medicijnen zorgen voor spierpijn. Is het zo erg dat je je dagelijkse ochtendwandeling niet kunt doen, dan moet je ook contact opnemen met je apotheek, zodat ze je, in overleg met je arts, een ander middel kunnen geven. Bij Bijwerkingencentrum Lareb, het meld- en kenniscentrum voor bijwerkingen van geneesmiddelen en vaccins, kunnen apothekers, artsen en consumenten bijwerkingen van geneesmiddelen melden. Lareb doet daar dan vervolgens verder onderzoek naar.

Hoe lang gebruiken?

Er zijn medicijnen die je als een kuur gebruikt (bijvoorbeeld antibiotica) en er is chronische medicatie die je gebruikt voor de rest van je leven. Denk daarbij aan medicijnen bij hart- en vaatziekten en diabetes. Als diabetes type 2 is ontstaan door overgewicht, kan gewichtsverlies er overigens voor zorgen dat er een lagere dosering medicatie of zelfs geen medicatie meer nodig is. Goed om af en toe je medicijngebruik te checken dus!

Een paar veelgebruikte medicijnen:

  • Maagzuurremmers: als je maagzuurremmers bij de drogist koopt, moet je deze niet langer dan veertien dagen slikken. Afhankelijk van je klachten kan de huisarts maagzuurremmers voorschrijven voor een langere periode om te voorkomen dat klachten terugkomen.
  • Neusspray en -druppels: gebruik neusspray of druppels (met de stoffen xylometazoline, oxymetazoline en tramazoline) niet langer dan zeven dagen achter elkaar, anders raakt je neusslijmvlies beschadigd en kan het daardoor juist meer verstopt raken. Heb je na zeven dagen nog steeds een verstopte neus? Ga dan over op zoute neusdruppels of -spray; die kun je wel langdurig gebruiken.
  • Middelen tegen verstopping met Bisacodyl: als je dit middel langdurig gebruikt, kan de darm ‘lui’ worden en komt de ontlasting niet meer vanzelf. Hierdoor zul je de neiging hebben om opnieuw laxeermiddel te gebruiken en daardoor kom je in een vicieuze cirkel. Gebruik het daarom niet langer dan drie dagen achter elkaar.

Tekst | Jessica van Zanten
Beeld | Getty Images

Ook interessant