Word abonnee

Kies nú voor een abonnement met korting

Abonneer nú met korting

Gezondheid

Déze symptomen kunnen wijzen op de aandoening hypoparathyreoïdie

deze-symptomen-kunnen-wijzen-op-de-aandoening-hypoparathyreoidie.jpg

Heb je tintelende handen, last van vermoeidheid, een droge huid en valt je haar uit? Dan zou het kunnen dat je last hebt van hypoparathyreoïdie. Een onbekende maar vervelende aandoening waarbij de bijschildklieren niet goed werken.

We vertellen hoe je deze aandoening herkent en hoe de behandeling eruit ziet.

Hypoparathyreoïdie

Als je last hebt van hypoparathyreoïdie, werken je bijschildklieren niet goed. De bijschildklieren zijn vier kleine kliertjes die net iets groter zijn dan een rijstkorrel. Deze bevinden zich rondom je schildklier, in de hals. Hoewel de bijschildklieren maar heel klein zijn, maken ze wel een belangrijk hormoon aan, namelijk PTH (parathormoon). Dat hormoon regelt de hoeveelheid calcium en fosfaat in je bloed; beide belangrijke stoffen voor het behoud van gezonde botten en bij de werking van je spieren en zenuwen.

Als je last hebt van hypoparathyreoïdie, maken de bijschildklieren niet voldoende van dat hormoon aan. Ze werken dan te traag, waardoor de waarde PTH in je bloed te laag wordt. Daardoor vermindert de hoeveelheid calcium en komt er meer fosfaat in uw bloed, wat voor de nodige klachten kan zorgen.

Symptomen van hypoparathyreoïdie

In eerste instantie zorgt Hypoparathyreoïdie vaak niet direct voor symptomen. Pas als de hoeveelheid calcium sterk verlaagd is, ontstaan de eerste klachten. Daarbij kun je onder andere denken aan:

  • Somberheid
  • Tintelingen en krampen in handen, voeten, mond en keel
  • Prikkelbaarheid,
  • Verwardheid, een verminderd geheugen
  • Overmatige vermoeidheid
  • Benauwdheid en pijn op de borst, door kramp in luchtwegspieren
  • Hartklachten, bijvoorbeeld hartkloppingen
  • Hoofdpijn
  • Droge huid
  • Haaruitval en broze, afbrokkelende nagels
  • Op langere termijn: staar

Oorzaken

Hypoparathyreoïdie kan verschillende oorzaken hebben. We zetten ze onder elkaar:

  • In sommige gevallen is het aangeboren: de bijschildklieren hebben zich dan niet goed ontwikkeld, waardoor ze hun werk niet goed kunnen doen. Ook bestaat er een erfelijke aandoening waarbij de bijschildklier te weinig of geen hormoon aanmaakt, ondanks dat deze wel volledig ontwikkeld zijn.
  • De bijschildklieren kunnen per ongeluk of door bijwerkingen van een behandeling worden uitgeschakeld. Tijdens een schildklieroperatie, bijvoorbeeld ter behandeling van kanker of een te snel werkende schildklier, kunnen ze bijvoorbeeld per ongeluk beschadigd of verwijderd worden.
  • Ook bestraling of chemotherapie bij kanker kunnen ervoor zorgen dat de bijschildklieren niet meer (voldoende) werken.
  • In sommige gevallen valt het lichaam de eigen bijschildklieren aan met antistoffen; dit is een auto-immuunziekte. De bijschildklieren kunnen dan niet meer goed werken, waardoor hypoparathyreoïdie ontstaat.

Diagnose van hypoparathyreoïdie

Denkt de dokter dat je mogelijk hypoparathyreoïdie hebt? Dan zal hij of zij een aantal onderzoeken doen. Als eerste zal je huisarts waarschijnlijk je reflexen testen. Die reacties zijn bij een tekort aan calcium namelijk aanzienlijk sterker dan bij mensen met een ‘normaal’ niveau calcium in hun bloed. Door op bijvoorbeeld op uw kniepees slaan met een hamertje, kan de dokter kijken of je ‘schopreflex’ extra sterk is. Ook zul je bloedonderzoek krijgen, om te ontdekken hoeveel calcium en fosfaat in uw bloed zit. Om een oorzaak te onderzoeken, kunnen nog aanvullende bloedtesten toegepast worden. Als je naar verwachting al lang hypoparathyreoïdie hebt, zal er ook een dexascan gedaan worden. Dit is een onderzoek om de botdichtheid te onderzoeken, omdat een calciumtekort tot osteoporose kan leiden.

Behandeling

Als je hypoparathyreoïdie hebt, is dat helaas niet te genezen. Wel kunnen de symptomen van de aandoening aanzienlijk beperkt worden door middel van medicatie. De behandeling van hypoparathyreoïdie bestaat uit de inname van calciumtabletten om het tekort aan te vullen. Ook krijgen patiënten vaak vitamine D-supplementen, wat de opname van calcium gemakkelijker maakt voor je lichaam. Het is belangrijk om deze medicatie levenslang te blijven slikken én het bloed regelmatig te blijven controleren, om blijvende schaden aan botten en nieren te voorkomen.

Bron | Thuisarts, Nederlandse Vereniging voor Endocrinologie
Beeld | Getty Images

Margriet 29 ligt nu in de winkel! Met in dit extra dikke nummer: wij gaan voor grijs haar, een interview met Arie Boomsma, win: 134x fijne zomerboeken, smeuïge vakantiegeheimen en natuurlijk nog véél meer. Haal het nummer snel in huis of bestel ‘m online zonder verzendkosten.

Ook interessant