Gezondheid

Afvallen door etiketten te lezen

supermarkt-etiketten.jpg

Je bent misschien wat meer tijd kwijt in de supermarkt dan normaal, maar het lezen van de etiketten kan je helpen om een paar vakjes te besparen.

Aan veel producten zijn suikers, vetten en E-nummers toegevoegd die je lijf niet nodig heeft. Met deze zes tips kun je goede keuzes maken in de supermarkt:

1. Hoe lang is de lijst van ingrediënten en wat staat er nou precies?

Sommige producten hebben echt een ingrediëntenlijst van meer dan tien, of soms wel twintig termen! Let er maar eens op. En ken je alle ingrediënten of staan er woorden bij waarvan je nog nooit hebt gehoord? Als jij ze zelf al niet kent, dan herkent jouw lichaam ze waarschijnlijk ook niet zo snel. De kernregel: kies voor producten met een korte ingrediëntenlijst en met woorden die je (her)kent.

2. Zit er suiker in en zo ja, is dat nodig?

Dat suiker niet zo goed voor je is, is bekend. Maar wist je ook dat er ook suiker in producten zit, waarvan je het niet zo snel verwacht? Denk bijvoorbeeld aan ketchup, sojayoghurt en soepjes uit pakjes. Ook glucosestroop of alles wat eindigt op -ose, zoals fructose of glucose, zijn ook gewoon suikers. Natuurlijk mag je af en toe zondigen, maar pas op dat er in je dagelijkse producten niet teveel suiker zit.

3. Hoeveel zout zit erin?

Ook het zoutgehalte staat vermeld op een etiket. Hierbij is het goed om te weten dat natrium een mineraal is dat in zout zit, en dat 1 gram natrium 2,5 gram keukenzout is. Dat het zoutgehalte als natrium op de verpakking wordt vermeld kan daarom erg verwarrend zijn. Bijna alle voorbewerkte producten bevatten zout en deze zijn dus ook verantwoordelijk voor het vaak te hoge gehalte zout wat de meeste mensen binnen krijgen. De aanbevolen hoeveelheid is maximaal 6 gram terwijl de meeste mensen tot wel 10 gram zout binnenkrijgen.

4. Wat zijn die E-nummers nou eigenlijk?

Chemische hulpstoffen die door de EU zijn goedgekeurd krijgen een E- met een nummer. Deze kleur-, geur- en smaakstoffen, conserveringsmiddelen, voedingszuren, emulgatoren, verdikkingsmiddelen, anitklontermiddelen, glansmiddelen en zoetstoffen worden gebruikt om voedsel langer houdbaar, smaakvoller, of gewoon mooier te maken. Sommige E-nummers zijn natuurlijke stoffen, maar helaas niet allemaal. Je kunt het checken met een speciale app of in een E-nummergidsje.

5. Vetpercentages en transvetten

Laat je niet afschrikken door een hoog vetpercentage. Een avocado is bijvoorbeeld heel vet, maar deze vetten zorgen er wel voor dat jouw lichaam goed gaat verbranden. Ieder gezond lichaam heeft goede vetten nodig. Pas wel op met geharde plantaardige vetten zoals je vroeger nog veel aantrof in harde margarine, frituur-, bak- en braadvetten. Deze kunstmatig gecreëerde vetten worden ook wel transvetten genoemd en zijn ongezond. Door aanpassing van de techniek en gebruik van andere grondstoffen is dit bij deze producten teruggebracht naar minder dan één procent. Maar in fast food, snacks en koekjes en gebak kunnen echter nog steeds hogere gehaltes transvet voorkomen.

Het is moeilijk na te gaan of een product transvet bevat. Staat bij de ingrediënten op het etiket “plantaardig vet, gedeeltelijk gehard” of “gehydrogeneerd vet”, dan kan er transvet in het product zitten.

Bron | Voedingscentrum 

Ook interessant