Gezondheid

4 tips tegen jojoën met je gewicht

tips-tegen-jojoen-met-je-gewicht.png

 

Wie gewicht is kwijtgeraakt door te lijnen, loopt het risico om te jojoën. Je gaat weer gewoon eten en langzaam komen de kilo’s er weer aan. De oplossing: je eetgedrag blijvend aanpassen. Je lichaam heeft namelijk ook echt minder voedsel nodig als je bent afgevallen.

Als je slanker bent geworden, heeft je lichaam minder energie nodig dan toen je meer woog. Het kost bijvoorbeeld minder energie om je lichaam warm te houden en in beweging te krijgen. Je lichaam heeft dus ook minder voedsel nodig om in balans te blijven.

1.    Minder eten na afvallen

Je hebt in de afgelopen lijnperiode meer energie verbrand, dan je met je eten en drinken binnen hebt gekregen. Nu moet de balans precies op elkaar worden afgestemd. Dat betekent: net zo veel calorieën binnenkrijgen als je verbruikt, zodat je niet weer aankomt, maar ook niet verder afvalt. Een vrouw moet gemiddeld 2.000 kilocalorieën binnenkrijgen en een man gemiddeld 2.500 per dag.

2.    Zoek de balans

Zoek zelf naar de juiste balans in je eetpatroon. Blijf bijvoorbeeld voorzichtig met extra’s. Eet tussendoor groente of fruit in plaats van koek en snacks, drink water in plaats van frisdrank en sap. En beweeg lekker veel. Nu je bent afgevallen zul je merken dat sporten en bewegen makkelijker is geworden. Als je jezelf een keer per week op een vast tijdstip weegt, dan kan je goed in de gaten houden of het lukt om op gewicht te blijven.

3.    Vergeet die oude gewoontes

Tijdens het lijnen heb je de snacks, koekjes en snoep zo veel mogelijk laten staan. Maar hoe zorg je ervoor dat je niet weer in oude gewoontes vervalt, nu het weer af en toe ‘mag’? Het klinkt eenvoudiger dan het is, maar vraag jezelf eens af hoe je in de afgelopen periodes verleidingen hebt weerstaan. Heb je gekozen voor gezondere alternatieven toen je trek had? Of werkte het beter om je aandacht af te leiden door een vriendin te bellen of een blokje om te gaan?

Als je meer inzicht hebt in je eigen eetgedrag, wordt het makkelijker om je zwakke momenten te ontdekken en die blijvend te veranderen. Met de Eetmeter van het Voedingscentrum krijg je meer inzicht in je eetgedrag.

4.    Wees niet te streng

En wees niet te streng voor jezelf. Je mag echt af en toe wel een snoepje, koekje of een handje chips. Als het maar niet te veel en te vaak is. Uiteindelijk draait het erom wat je over een langere periode eet. Als je niet meer eet dan je nodig hebt kom je ook niet aan. Dat noemen we de energiebalans.

Bron: Voedingscentrum

Ook interessant