Wanneer heb je een overactieve blaas?

Deel dit artikel:

Heb je vaak het gevoel dat je opeens heel nodig moet plassen? Dat kan betekenen dat je last hebt van een overactieve blaas. Maar liefst één op de zes volwassen Nederlanders zou er last van hebben. Dit zijn de symptomen. En dit kun je eraan doen.

Wanneer heb je last van een overactieve blaas?

Gewoonlijk plassen vrouwen ongeveer eens in de drie à vier uur. Als jij vaker naar de wc moet, kan dit wijzen op een overactieve blaas. Zeker als je vaak opeens heel nodig moet. Moet je vaker dan acht keer per dag plassen en er ’s nachts vaker dan één keer uit, dan kun je stellen dat je blaas overactief is. Sommige vrouwen met een overactieve blaas hebben ook last van verstopping en pijn bij het vrijen. Als de plasaandrang heel sterk is, kan het voorkomen dat je hierbij wat urine verliest. Volgens recente cijfers heeft één op de zes volwassen Nederlanders last van een overactieve blaas, vooral mensen van veertig jaar en ouder.

Wat is het eigenlijk?

Een overactieve of geïrriteerde blaas spant zich al aan als hij nog helemaal niet vol is. Hierdoor krijgen je hersenen veel eerder dan normaal een seintje dat je naar de wc moet. En hoewel we gewoonlijk onze plas best een tijdje kunnen ophouden, is dit bij een overactieve blaas vaak onmogelijk. Als je moet, dan móét je ook echt. Dit kan overdag en ook ’s nachts gebeuren.

Mogelijke oorzaken

Een blaas kan door meerdere oorzaken overactief worden. Zo kan het komen als gevolg van een blaasontsteking, doordat je (ongemerkt) continu je bekkenbodemspieren aanspant, maar leeftijd kan ook een rol spelen. De kans dat je blaas zich te snel aanspant, is groter:

– als je ouder wordt;
– als je, uit voorzorg, extra vaak naar de wc gaat. Je blaas is dan niet meer gewend om de plas op te houden;
– als je voortdurend je bekkenbodemspieren aangespannen houdt. Vaak heb je helemaal niet door dat je dit doet, maar het geeft wel druk op de blaas;
– als je veel koffie of andere cafeïnehoudende dranken drinkt, zoals thee. Cafeïne, maar ook alcohol, kunnen de blaaswand irriteren;
– als je bepaalde medicijnen gebruikt, bijvoorbeeld plaspillen en medicijnen tegen depressie of psychose.
– als je gespannen bent;
– als je een blaasontsteking hebt gehad of een behandeling waardoor hij geïrriteerd is geraakt, zoals bestraling.

Dit kun je eraan doen: blaastraining

Gelukkig kun je zelf veel doen om je blaas weer ‘beter’ te maken. Zo is blaastraining de allereerste stap in de behandeling van een overactieve blaas. De meeste vrouwen merken dat hierdoor hun klachten verminderen of helemaal overgaan. Met blaastraining leer je je plas steeds iets langer op te houden. Hierdoor raakt je blaas weer gewend aan een grotere inhoud, zodat je niet om de haverklap naar de wc hoeft te rennen. Het doel is dat je uiteindelijk slechts één keer in de drie à vier uur hoeft te plassen.

Zo werkt het

– Schrijf gedurende een dag op, op welke tijden je plast.
– Bereken hoeveel tijd er tussen twee van je plasmomenten zit (bijvoorbeeld dertig minuten).
– Maak nu een plan of rooster met de tijden waarop je mag plassen.
– Als je in de tussentijd aandrang voelt, moet je proberen het plassen uit te stellen.

Ga, vooral in het begin, voor de zekerheid bij ‘ongewenste’ aandrang op het toilet zitten (maar probeer dan niet te plassen). Lukt het om te plassen op de afgesproken plasmomenten, zonder urineverlies tussendoor? Probeer dan de tijd tussen twee plasmomenten iedere week met een kwartier tot dertig minuten te verlengen. Het helpt om tijdens de training een plasdagboekje bij te houden.

Tips om je plas langer op te kunnen houden

Je plas langer ophouden, klinkt makkelijker dan het is. Zeker als je voor je gevoel ontzettend nodig moet. Volgens Thuisarts.nl kunnen deze tips je door zo’n moment heen helpen:

– Zoek afleiding.
– Probeer te ontspannen (rustig tot tien tellen, rustig door de neus inademen, door de mond uitademen).
– Span je bekkenbodemspieren licht aan (alsof je je plas ophoudt) en ontspan weer.
– Herhaal dit zolang de aandrang aanhoudt of terugkomt.

Lukt het niet? Je kunt bij blaastraining ook begeleiding krijgen van je huisarts of een bekkenfysiotherapeut. Dit kan zinvol zijn als je bijvoorbeeld als je moeite hebt om je bekkenbodemspieren aan te spannen en te ontspannen, of als je ook last hebt van andere klachten, zoals stressincontinentie.

Stressincontinentie

Veel vrouwen hebben, naast een overactieve blaas, namelijk óók last van stressincontinentie. Deze vorm van incontinentie komt het meest voor bij vrouwen in de overgang. Je verliest dan wat urine bij hoesten, niezen, hard lachen, bukken en sporten. Bij stressincontinentie geven bekkenbodemoefeningen vaak veel verbetering. Het is niet bekend of de oefeningen ook helpen als je alleen last hebt van een overactieve blaas, maar ze kunnen altijd ondersteunend werken.

Een bekkenfysiotherapeut kan met een inwendig onderzoek vaststellen of je bekkenbodemspieren verzwakt zijn.

Medicijnen

Merk je na drie maanden blaastraining geen verbetering? Eventueel kan je huisarts je een medicijn (bijvoorbeeld tolterodine) voorschrijven. Dit middel ontspant de blaaswand, waardoor je minder vaak moet plassen. Klinkt ideaal, het is alleen niet bekend of dit medicijn ook blíjft werken. Bovendien kan het vervelende bijwerkingen geven, zoals hoofdpijn, droge mond en verstopping. Veel mensen stoppen ermee omdat het onvoldoende helpt, of omdat ze te veel last hebben van de bijwerkingen. Je huisarts kan de voor- en nadelen met je bespreken.

Tips bij een gevoelige blaas

Merk jij dat je steeds vaker naar de wc moet of vind je dat je te vaak moet plassen? Deze tips kunnen erger voorkomen:

– Als je geplast hebt, wacht dan minstens twee uur voordat je weer naar de wc gaat. Het is nog beter om drie tot vier uur te wachten voordat je weer gaat plassen. Als dat nog niet lukt, kun je naar de huisarts gaan om te overleggen over het volgen van een blaastraining.
– Blijf voldoende drinken. Als je last hebt van plasklachten, ben je misschien geneigd om minder te gaan drinken, maar dit kan – behalve dat het niet goed is voor je lichaam – juist de conditie van de blaas verslechteren en zo meer plasklachten opleveren.
– Train, voor de zekerheid, je bekkenbodemspieren. Dit is heel makkelijk en kan incontinentie op latere leeftijd voorkomen. Dat doe je als volgt: ga op een stoel zitten en span de spieren aan waarmee je een denkbeeldige plas moet ophouden. Dit zijn je bekkenbodemspieren. Laat de spieren weer los en span ze weer aan. Doe dit verspreid over de dag een paar keer, zodat je je bekkenbodemspieren in totaal zo’n honderd keer hebt aangespannen en ontspannen.
– Stop eens twee weken met het drinken van koffie en andere cafeïnehoudende dranken en kijk of dit helpt.
– Heb je fors overgewicht? Een dikke buik kan op je blaas drukken. Afvallen kan plasklachten misschien verminderen.

Bron | thuisarts.nl, dokterdokter, plastest.nl, Patiënt1

Ook goed om te weten

Hoe merk je dat je een vleesboom hebt?
Wat helpt tegen rusteloze benen?
Zo herken je een ‘stille’ hartaanval

Artikelen van Margriet.nl ontvangen in je mailbox? Schrijf je in op Margriet.nl/nieuwsbrief

 

Rianne Marijs