Waarom het niet werkt om pubers op een bazige manier aan te spreken

Deel dit artikel:

De pubertijd kan voor zowel (groot)ouder als (klein)kind een lastige fase zijn. Tieners die door deze fase gaan, zijn vaak opstandig en doen eigenlijk alles wat jij juist niet van ze wil. Wil je dus toch iets gedaan krijgen, dan zal je dat op een speciale manier moeten aanpakken.

Onderzoekers van de Britse Cardiff University deden onderzoek onder duizend pubers van veertien en vijftien jaar. Uit de resultaten bleek dat ouders die hun kind op een verzoenende manier toespraken, meer voor elkaar kregen, dan ouders die dat op een bazige manier deden.

Drie delen van het brein

Om te begrijpen waarom dit de beste techniek is, moet je eerst weten waarom de pubers zo typisch reageren. Hun opstandige houding wordt deels bepaald door hormonen, maar wordt ook veroorzaakt door het feit dat hun brein nog niet volledig werkt. Onze hersenen bestaan uit drie delen: het oerbrein (gefocust op overleven), het zoogdierenbrein (verantwoordelijk voor gewoontes en emotionele reacties) en het moderne brein (bepaalt wie we zijn, en het stelt ons in staat om afstand te nemen van problemen en te redeneren).

Langetermijngevolgen

“Precies dat laatste deel ontwikkelt zich het laatst”, legt Sven Bussens, auteur van het boek ‘Waakzaam zorgen voor tieners’ uit. “Pubers handelen daarom vooral vanuit het emotionele brein. Dat verklaart ook waarom ze vaak moeilijk grenzen respecteren. Een tienerbrein denkt niet aan gevolgen op lange termijn.”

Duidelijke taal

Wil je iets aan een puber duidelijk maken, dan doe je dat volgens Bussens dus het beste met duidelijke taal. “Een puberbrein is erg selectief in het interpreteren van de werkelijkheid. Geef aan je boodschappen voldoende gewicht, zodat ze duidelijk aankomen. Benadruk bijvoorbeeld dat het hele gezin onder zijn gedrag lijdt. Verwoord je boodschap zelfs wat explicieter, ook de positieve punten.”

Behoedzame aanpak

Toch heeft het volgens de schrijver weinig zin om daarbij een bozige aanpak te gebruiken. “Bij een opstoot van adrenaline en cortisol gaat je prefrontale cortex – het redenerende brein – offline. Je schiet in je emotionele brein en doet en zegt zaken waarvan je later spijt hebt. Bewust focussen op je eigen gedrag kan helpen om escalaties te voorkomen. Sta eens stil bij wat je kan doen om je prefrontale cortex langer scherp te houden. Raken de gemoederen oververhit? In plaats van automatisch te reageren en je tot roepen uit te laten nodigen kan je bijvoorbeeld reageren met: ‘Met dit gedrag ga ik niet akkoord. Dit is niet goed voor jou. Ik kom hier later nog op terug.'”

Lees ook
Puberperikelen: ‘Thuis zit ze steeds op haar telefoon, maar als ze ergens anders is neemt ze niet op’

Bron | Het Laatste Nieuws
Beeld | iStock