Dossier: op weg naar de volgende fase!

Deel dit artikel:

Over welke fysieke en mentale fases je doormaakt in het leven en voor welke keuzes je onderweg komt te staan op emotioneel, financieel en relationeel vlak.

In Margriet 2018-13 vind je het dossier: op weg naar de volgende fase! Hier alvast een voorproefje uit dat artikel: 

Nele Jacobs is hoogleraar levenslooppsychologie aan de Open Universiteit: “Vroeger dachten we dat mensen zich na hun kindertijd niet meer ontwikkelden. Tegenwoordig weten we dat je dat je leven lang blijft doen en blijft leren. We onderscheiden acht levensfasen waarin telkens weer andere thema’s 
spelen. Mensen verschillen en 
ze kunnen die levensfasen heel anders invullen, maar toch zie je die thema’s in elk leven terugkomen. Het is goed om te weten welke thema’s in bepaalde levensfasen spelen omdat je er dan bewuster mee kunt omgaan. Mensen herkennen die thema’s niet altijd. Licht depressieve 
klachten, een burn-out of een gevoel van ongenoegen kunnen een uiting zijn dat er bepaalde 
vragen spelen, maar mensen zijn zich daar niet van bewust en dus zoeken ze ook geen antwoorden.

Je kunt in het leven worden meegesleurd door de waan van de dag. Dan overkomt het leven je en blijf je later met de vraag zitten: heb ik wel goede keuzes gemaakt? Het is mooi als je weet waar je mee bezig bent en bewust keuzes kunt maken.
Vroeger lag het leven van mensen veel meer vast: je ging trouwen en kinderen krijgen, had hetzelfde beroep als je vader. Het mooie van deze tijd is dat je levensloop niet meer zo vastligt. Tegenwoordig kun je in elke levensfase kiezen voor een carrièreswitch of een andere levensinvulling. Waar het om gaat, is dat je bewust kijkt naar waar je staat in het leven.”

Ontwikkelingsperioden in het leven van de mens

(gebaseerd op de indeling van de Amerikaanse psychologe Laura Berk)

  1. Prenatale periode. 
Transformatie van een eencellig organisme tot een menselijke baby.
  2. Peuter- en kleutertijd (geboorte tot 2 jaar). 
Hechting. Je ontwikkelt motorische en cognitieve vaardigheden, leert je omgeving waarnemen en daarop reageren. Je krijgt een intieme band met je verzorgers.
  3. Vroege kindertijd 
(2-6 jaar). 
Je verfijnt je motorische vaardigheden. Je taalontwikkeling komt op gang en je legt voor het eerst contact en krijgt relaties met leeftijdsgenootjes.
  4. Kindertijd (6-11 jaar). Vriendschappen buiten het gezin. Je leert logisch redeneren, rekenen, lezen. Je maakt voor 
het eerst vriendjes en 
er ontstaan vriendengroepjes.
  5. Adolescentie (11-18 jaar). 
Zoeken naar een eigen identiteit. Je seksualiteit ontluikt. Je maakt je 
los van je ouders en gaat autonomie nastreven. Je bent op weg naar een eigen leven.
  6. Vroege volwassenheid (18-40 jaar). 
Invulling van de eigen identiteit. Je kiest een partner, een werkomgeving, gaat een gezin stichten (of niet). Je kiest een eigen levensstijl en -inrichting.
  7. Volwassenheid 
(40-65 jaar). 
Reflectie. Je bereikt het hoogtepunt van je loopbaan. Je zit tussen de zorg voor je kinderen en die voor je ouder wordende ouders in. Je denkt na over de invulling van de rest van je leven.
  8. Ouderdom 
(65-overlijden). Terugkijken. Je wordt je bewust van de eindigheid van het leven en krijgt steeds meer beperkingen. Je denkt na over de betekenis die je leven heeft gehad en over dingen die je nog graag wilt doen.

 Jenny Kroon (69)

In hetzelfde artikel in Margriet doen een aantal lezeressen hun verhaal, zoals Jenny Kroon (69)

“Ik zit in een onzekere periode in mijn leven. Ik heb een knieoperatie gehad en voor het eerst heb ik zelf zorg nodig, terwijl ik juist altijd heb gezorgd – onder andere voor mijn overleden man. Ik vind het een pittige confrontatie met het feit dat je op een leeftijd kunt komen waarop je niet je eigen zaakjes kunt behartigen. Aan de andere kant is het ook weer boeiend, want in het zorghotel waar ik nu tijdelijk zit, ontmoet ik veel bijzondere mensen. In 2006 leerde ik mijn huidige partner kennen. We hebben feestjaren achter de rug: veel reizen, veel naar het theater, mooie wandelingen. Tót hij twee jaar geleden de diagnose vasculaire dementie kreeg. Dat tekent nu ons leven. Hij heeft een blij karakter, we kunnen nog van alles ondernemen, maar ik denk wel: hoe lang nog? Waar ligt mijn grens? Positief blijven is nu het belangrijkste voor mij. Ik wil me niet onderdompelen in verlies. Soms is dat moeilijk, maar ik vind oprecht dat er nog veel moois te beleven is. Ik zing graag, zit op een koor en op een boekenclub en daar geniet ik van. Dat is wat ik nu nodig heb: me voeden met kunst, muziek, literatuur en gesprekken met vrienden. Meegenieten van mijn twee dochters en drie kleinkinderen. Ik heb veel energie: in mijn familie noemen ze me duracelletje. Ik kan alles nog heel goed aan. De toekomst is onzeker, maar we gaan dit zo leuk mogelijk doen. Ik heb goede moed.”

Tekst| Renate van der Zee
Beeld| Ester Gebuis
Styling| Esther Loonstijn
Visagie| Nicolette Brøndsted

Naast Jenny staan ook de vrouwen in deze video in hetzelfde artikel en vertellen er hun verhaal.

Lees ook

Bekijk ook

Natuurlijk Boeket Met Mais

Artikelen van Margriet.nl ontvangen in je mailbox? Schrijf je in op margriet.nl/nieuwsbrief.