Kan de bacteriofaag ons redden van de antibioticaresistente bacterie?

Deel dit artikel:

Bacteriën zijn letterlijk overal. Ze zijn zelfs met zo veel, dat we eigenlijk uit meer bacteriën bestaan dan uit menselijke cellen. Verreweg de meeste bacteriën zijn onmisbaar; zonder bacteriën geen leven. Maar tussen die triljarden nuttige bacillen zitten ook een paar ziekmakers. Gevolg: een bacteriële infectie die kan variëren van een blaasontsteking tot een levensgevaarlijke bloedvergiftiging. Gelukkig zijn de meeste van die aandoeningen tegenwoordig meestal te genezen. Maar inmiddels is er een probleem: wereldwijd ontstaat er een steeds grotere resistentie tegen antibiotica. Dat betekent dat een bacteriële infectie in bepaalde gevallen uiterst moeizaam of zelfs helemaal niet meer is te genezen.

Waar komt antibiotica-resistentie vandaan?
Er zijn verschillende oorzaken. Om te beginnen worden er te veel antibiotica gebruikt. In Nederland is het alleen op recept verkrijgbaar en wordt het niet bij elk wissewasje ingezet. Maar in bijvoorbeeld Frankrijk vindt niemand het vreemd om een antibioticum te slikken bij griep of verkoudheid. Terwijl het bij zo’n virus (dus geen bacteriële infectie) niet eens effectief is. Daarnaast werd antibiotica in de veehouderij lange tijd preventief gebruikt, om te voorkomen dat de dieren ziek werden. Daardoor kwam het middel niet alleen in ons voedsel terecht, maar ook in de bodem, de lucht en het water. Door strengere regelgeving is preventief gebruik van antibiotica in de veeteelt inmiddels met 60% teruggedrongen. En tot slot is de resistentie het gevolg van een natuurlijk proces: de overleving van soorten is een kwestie van natuurlijke selectie. Zo ontstaan er ook onder bacteriën steeds sterkere mutaties die steeds beter 
bestand raken tegen antibiotica. Uiteindelijk ontstaat er een voor medicatie ongevoelige superbacterie en zou er een situatie kunnen ontstaan waarin we weer kunnen overlijden aan een ‘onschuldige’ oor- of blaasontsteking.

Hoe krijg je een infectie met een resistente bacterie?
Resistente bacteriën kunnen zich van mens-tot-mens verspreiden, maar ook via (boerderij)dieren, door ziekenhuisopname, voedsel of gewoon thuis kun je er ziek van worden. Hoe nonchalanter de hygiëne in de keuken, hoe groter het risico op besmetting met bijvoorbeeld de salmonella of campylobacter-bacterie. Andere bekende voorbeelden van resistente bacteriën zijn MRSA (de ziekenhuisbacterie), E. coli, legionella (de veteranenziekte), salmonella en Q-koorts. Deze soorten hebben een steeds geavanceerder afweergeschut ontwikkeld tegen antibiotica. Een infectie door een van deze (multi)resistente bacteriën is in de meeste gevallen te behandelen, maar het kan ingewikkeld zijn. Soms zijn meerdere behandelingen met verschillende soorten antibiotica nodig; vaak met bijwerkingen. Als geen enkel antibioticum aanslaat, zal de patiënt met een chronische infectie moeten leren leven of, in het ergste geval, aan de bacterie overlijden.

Is er een oplossing voor antibiotica-resistentie?
De Wereld Gezondheid Organisatie (WHO) slaat alarm, omdat antibiotica-resistentie wereldwijd een groeiend probleem is. Naar schatting zullen in 2050 als gevolg hiervan tien miljoen mensen overlijden. De WHO vindt dat er haast gemaakt moet worden met de ontwikkeling van vaccins om bepaalde bacteriële infecties te voorkomen, maar wil ook versneld onderzoek naar bacteriofagen-therapie. De bacteriofaag of kortweg faag, werd vrijwel tegelijk met antibiotica ontdekt. In Georgië paste wetenschapper George Eliava fagen succesvol toe in de strijd tegen bepaalde bacteriële infecties. Door de opkomst van antibiotica raakte de methode met bacteriofagen in het grootste deel van de wereld in de vergetelheid. Maar niet in het Oostblok, waar antibiotica erg kostbaar waren en een tijdlang moeilijk verkrijgbaar. Met als gevolg dat fagen-therapie achter het IJzeren Gordijn werd doorontwikkeld, en toepassing daar vandaag de dag net zo normaal is als het aspirientje bij ons.

Bacteriofagen kúnnen 
verbazend effectief zijn, maar ze zijn minder multi-inzetbaar dan antibiotica

Hoe werkt een bacteriofaag?
Waar bacteriën zijn, zijn bacteriofagen. Op je huid, in het gootsteenputje, in je darmen of in de sloot: deze natuurlijke vijand van de bacterie is overal. Een faag is een minivirus dat een bacterie kan aanvallen en doden. Elke bacteriesoort heeft zijn eigen specifieke faag. Qua uiterlijk lijkt dit virusje op een mug en het valt ook op dezelfde manier aan. Het zet zich met zes lange dunne poten vast op de bacterie en dringt dan zijn staart naar binnen. Vervolgens injecteert de faag zijn eigen DNA en vernietigt zo het erfelijk materiaal van de bacterie. Omdat een faag zich specifiek op één type bacterie richt, worden er geen nuttige bacteriën gedood – iets wat bij antibiotica vaak wel het geval is. Fagen kunnen op verschillende manieren worden toegepast: in tabletvorm, als drankje, injectie, zalf, of – bij longaandoeningen – via een vernevelaar. Om de juiste faag te kunnen inzetten, wordt de boosdoener eerst met een slijm- of urinemonster opgespoord, geïsoleerd en op kweek gezet. Dit precisiewerk kost tijd. Mede daarom zette de medische wetenschap destijds alle kaarten op antibiotica; zeker bij een acute bacteriële infectie is directe inzetbaarheid immers van levensbelang.

Is een bacteriofaag een wondermiddel?
Nee. Fagen kunnen in bepaalde gevallen verbazend effectief zijn, maar ze zijn minder multi-inzetbaar dan antibiotica. Ze werken vooral bij (chronische) bacteriële infecties van de huid of slijmvliezen, zoals blaas-, huid-, oog-, oor-, keel-, en luchtwegontstekingen. Voor de Borrelia-bacterie, die de ziekte van Lyme veroorzaakt, is bijvoorbeeld geen faag voorhanden. Maar in bepaalde gevallen kan de toepassing van bacteriofagen wel degelijk het verschil maken tussen chronisch ziek zijn (of erger) en weer gezond worden.

Door natuurlijke selectie ontstaat er uiteindelijk een voor medicatie ongevoelige superbacterie

Mieke ter Heyne (55) genas door bacteriofagen
“Van kinds af aan ben ik ziekelijk geweest. Elke bacterie, inclusief die van open tbc, schoot raak omdat ik nauwelijks weerstand had. Daardoor heb ik decennialang zo veel antibiotica moeten slikken, dat op een gegeven moment mijn pezen dreigden te scheuren. Zes jaar geleden werden eindelijk twee immunologische 
aandoeningen geconstateerd 
waarvoor ik sindsdien maandelijks een immuunglobuline-infuus krijg. Dat zijn eiwitten die een gezond mens zelf aanmaakt, maar ik niet. Mijn weerstand verbeterde, maar de 
gevaarlijke pseudomonas-bacterie die ik bleek te hebben, was niet weg te krijgen. Vorig jaar zag ik op tv Dokters van morgen, waarin het onderwerp bacteriofagen werd behandeld. Via de site bacteriofaag.info kwam ik in contact met de Eliava-kliniek in Georgië. Omdat ik te ziek was om te reizen, heeft een Nederlandse patiënt die in Tbilisi was, mijn fagen meegenomen. Voor de pseudomonas-bacterie bleek een breedspectrumfaag voldoende. Maar ik voelde me na die behandeling niet echt beter. Toch bleek bij controle in het ziekenhuis dat de faag de pseudomonas wel degelijk had opgeruimd. Er bleek nog een andere resistente killer bacterie in mijn lichaam te huizen: de klebsiella oxytoca. Er is slijm naar de kliniek in Tbilisi gestuurd en de fagen die hiervoor werden gemaakt, rekenden ook met die bacterie af. Ik heb mijhttp://ziekenhuisn gezondheid weer terug.”

Wat kost een behandeling met een bacteriofaag?
Nederlanders die voor fagentherapie kiezen, komen over het algemeen via de Nederlandse website bacteriofaag.info in het Georgische Eliava Instituut (voluit het George Eliava Instituut voor Bacteriofagen, Microbiologie en Virologie) in Tbilisi terecht. Deze kliniek bestaat al meer dan honderd jaar en is in bezit van de grootste fagenbank ter wereld. Omdat de voorkeur uitgaat naar een behandeling in de kliniek, komen reis, verblijf en behandeling algauw op vierduizend euro. Omdat fagen in Nederland (nog) niet onder de wettelijk geregistreerde geneesmiddelen vallen, worden deze kosten niet door ziektekostenverzekeraars vergoed. In uitzonderlijke gevallen kan geprobeerd worden om een beroep te doen op de Compassionate Use-regeling, maar dan moet de patiënt zijn uitbehandeld.

Hoever is Nederland hiermee?
Behalve in Georgië is fagentherapie onder meer mogelijk in Polen en Rusland. In België en Duitsland wordt naar verluidt door een iets soepeler regelgeving op zeer kleine schaal met fagen gewerkt. In Nederland is een behandeling momenteel nog niet mogelijk, maar beweging is er wel. Zo doen TU Delft en het UMC Utrecht inmiddels met eigen fagenbanken wetenschappelijk onderzoek. Ook een internist van het Erasmus MC doet dat al jaren, maar hij is, net als alle medici in ons land, aan strenge regels gebonden. Zolang fagen niet als wettig geneesmiddel zijn geregistreerd, is een arts die deze methode bij een patiënt inzet strafbaar. Registratie is in Nederland een kostbaar en langdurig proces. Dat het in dit geval om de unieke registratie van een levend virus zou gaan en niet van een chemisch middel met een vaste structuur, maakt het extra gecompliceerd. Het is de vraag welk farmaceutisch bedrijf zich geroepen voelt om dit proces te starten. Voordat fagen ook hier tot de standaard geneesmiddelen behoren, zijn we op z’n vroegst vermoedelijk tien jaar verder.

Tekst | Heleen Spanjaard
Beeld | iStock

Dit interview verscheen eerder in Margriet 2018-39. Je kunt deze editie nabestellen via magazine.nl.

Artikelen van Margriet.nl ontvangen in je mailbox? Schrijf je in op margriet.nl/nieuwsbrief.