Dít moet je weten over de nieuwe eetstoornis Arfid

Deel dit artikel:

Bij het woord ‘eetstoornis’denken de meeste mensen aan anorexia en boulimia. Maar sinds 2013 is er een nieuwe vorm van deze aandoening bekend: Arfid. Vrij vertaald staat de afkorting voor: vermijdende/restrictieve voedselinname- stoornis. Uit peilingen zou blijken dat twee tot vier procent van de bevolking in meer of mindere mate last heeft van deze eetstoornis.

De eetstoornis wordt gekenmerkt door een voedingspatroon waarbij je selectief eet en op een paar producten na eigenlijk niks meer binnen krijgt. In tegenstelling tot aandoeningen als boulimia of anorexia is het verstoorde voedingspatroon niet gericht op gewicht of uiterlijk, maar op het voedsel zelf. De aandoening is sinds 2013 opgenomen als officiële ‘stoornis’ in het psychiatrisch handboek DSM-5.

Moeilijke eter

“De problematiek was er natuurlijk altijd al, alleen hadden we er geen term voor. Het stond niet in ons behandelboek, maar mensen hadden er wel last van,” legt bijzonder hoogleraar Voeding- en eetstoornissen Sandra Mulkens van de Universiteit van Maastricht uit aan het AD. Volgens Mulkens kan de stoornis verschillende oorzaken hebben. Zo wil de ene patiënt bijvoorbeeld geen vast voedsel meer eten nadat hij een keer bijna gestikt is en heeft de andere patiënt een angst voor toegevoegde smaak- en conserveringsstoffen. “Vroeger zou je zeggen dat het een moeilijke eter was. In zekere zin is dat ook waar. Sterker nog, twintig tot veertig procent van de jonge kinderen vertoont kenmerken van Arfid, lust bepaald eten echt niet, of eet voortdurend maar één gerecht. De grootste groep groeit daaroverheen, maar een paar procent houdt de klachten.”

Kenmerken

Volgens Mulkens zijn er bovendien een paar kenmerken die Arfid-patiënten onderscheiden van ‘gewoon moeilijke eters’. Zo vallen de patiënten door hun aandoening vaak veel af of komen ze juist aan door hun afwijkende eetgedrag. Daarnaast ondervinden ze vaak sociale problemen, hebben ze een verwrongen zelfbeeld en zijn ze afhankelijk van voedingssupplementen.

Succesvolle behandeling

Hoewel de aandoening vrij nieuw is, is er al wel een succesvolle behandelmethode voor mensen die lijden aan Arfid. Door middel van cognitieve gedragstherapie worden de patiënten geconfronteerd met het verschil tussen hun angst en de realiteit. Zo moeten mensen met een stikfobie bijvoorbeeld ervaren, dat ze niet doodgaan door het eten van voedsel dat niet geheel vloeibaar is. Uit recent onderzoek van Mulkens blijkt dat die behandeling zeer succesvol is. “Alle deelnemers voldeden na vier weken intensieve therapie niet meer aan de Arfid-criteria.”

Bron| AD, PsyQ
Beeld| iStock

Artikelen van Margriet.nl ontvangen in je mailbox? Schrijf je in op margriet.nl/nieuwsbrief.