Waarom onthouden we zoveel nutteloze feitjes, maar zijn we altijd onze sleutels kwijt?

Deel dit artikel:

Waarom zit ons hoofd vol met overbodige kennis, maar weten we niet meer wat we gisteren hebben gegeten? Zit ons hoofd écht vol? Kan er op een gegeven moment gewoon niets meer bij?

“Welnee,” zegt Boris Konrad, geheugenonderzoeker aan de Radboud Universiteit én meervoudig wereldkampioen geheugensport. “We denken over ons geheugen als een soort computer, met een harde schijf die vol kan raken. Maar zo werkt het niet.”

Hoe meer verbindingen, hoe beter je geheugen werkt

“Het geheugen is niet aan te wijzen als een precieze plek in de hersenen. Je zou het kunnen omschrijven als de vaardigheid om informatie te onthouden en terug te halen wanneer je die nodig hebt. Eigenlijk zit het geheugen overal in de hersenen. Er zijn ook veel verschillende soorten geheugens; voor feitenkennis, een motorisch geheugen of geurherinneringen. Het zit hem in de verbindingen. Hoe meer verbindingen er zijn tussen de hersencellen, hoe beter een geheugen werkt.”

Zeven dingen tegelijk onthouden

Tussen de kronkels van je hersenen gebeurt het allemaal. Informatie komt via je zintuigen binnen en wordt gecodeerd. Dat wil zeggen dat het op een begrijpelijke manier aan je kortetermijngeheugen ofwel je werkgeheugen wordt doorgegeven. Er komt doorlopend ontzettend veel zintuigelijke informatie je hersenen in. Als je overal op zou letten, zou je er gillend gek van worden. Het werkgeheugen kan daarom maar zo’n zeven dingen tegelijk onthouden. Dingen die op dat moment van belang zijn. Een telefoonnummer dat je moet opschrijven bijvoorbeeld. Komt er meer informatie binnen, dan wordt de oude info vergeten.

Oude én nieuwe verbindingen

Het langetermijngeheugen krijgt zijn informatie uit het werkgeheugen en bewaart het, zodat het later weer kan worden opgehaald. De meest verrassende dingen worden hier opgeslagen: de namen van je vroegere klasgenoten, Duitse voorzetsels met de vierde naamval en waar het boek over ging dat je laatst hebt gelezen. Maar ook vaardigheden als hoe je moet lopen, zwemmen of autorijden.

Herinneringen worden in het langetermijngeheugen ingedeeld naar hun betekenis en op die manier zijn ze verbonden met andere herinneringen die eenzelfde betekenis hebben. Het is eigenlijk een groot netwerk van onderling met elkaar verbonden associaties. De kleur rood kan je bijvoorbeeld aan een stoplicht doen denken, aan de lievelingsjurk van je dochter of juist aan een bloedende wond. Drie heel verschillende dingen, maar met elkaar verbonden door de kleur rood.

Oneindige hoeveelheid informatie

“Eigenlijk kan een geheugen een oneindige hoeveelheid informatie opslaan,” zegt Konrad. “Hoe meer je je geheugen gebruikt, hoe beter het werkt. Er worden dan steeds meer nieuwe verbindingen aangelegd, die je de mogelijkheid geven om informatie op veel verschillende manieren op te roepen. Je bouwt op die manier reservecapaciteit op. Als er door veroudering of ziekte bepaalde verbindingen beschadigd raken, zijn er alternatieve routes voorhanden.”

“Cognitieve reserve noemen we dat,” zegt Margriet Sitskoorn, hoogleraar klinische neuropsychologie aan Tilburg University en schrijfster van onder meer Ik2 en Het maakbare brein. “Hoe meer reserve je hebt, hoe langzamer onder andere dementie intreedt. Omdat je kunt putten uit die cognitieve reserve valt het verval ook minder op. Om die reserve op te bouwen, moet je je hersenen wel blijven uitdagen en gezond houden.”

Maar eh, die huissleutel…

Maar goed, die huissleutel dus. Waarom kun je je met geen mogelijkheid herinneren waar je die hebt neergelegd? Moet je daar ook alternatieve routes voor aanleggen in je hoofd? “Wat er het laatst in komt, gaat er als eerste weer uit,” zegt Sitskoorn. “Vroegste herinneringen blijven het langst hangen. Mijn oma kon het woord hamburgers nooit onthouden. Dat hadden ze namelijk niet in haar jeugd. Sukadelapjes was daarentegen geen enkel probleem.”

Konrad denkt dat het ook een aandachtsprobleem is. “Op het moment dat je die sleutel neerlegde, was je waarschijnlijk met je hoofd heel ergens anders. Herhalende gebeurtenissen herinner je je minder goed. Als je gisteren voor de 720ste keer in je leven pasta hebt gegeten, blijft dat je niet bij. Als je iets heel nieuws hebt geprobeerd wél.”

Digitale dementie

Waarom zou je eigenlijk telefoonnummers willen onthouden? Je vraagt toch gewoon aan Siri of Google of ze je vriendin even willen bellen? “Smartphones maken de manier waarop je je geheugen gebruikt slechter,” denkt Konrad. “Als je iets niet weet, zoek je het op. Maar je neemt niet de moeite het te onthouden, want je kunt het nog een keer opzoeken. Er worden geen nieuwe verbindingen gevormd in je hersenen. Ook krijg je minder nieuwe ideeën, simpelweg omdat er geen basis is om op uit te bouwen.”

“Je hoort weleens over zogenaamde digitale dementie, maar ik denk dat dat wat te kort door de bocht is,” zegt Sitskoorn. “Het gaat te ver om te zeggen dat jongeren tegenwoordig geen geheugen meer hebben door die smartphones. Ze hebben het nog wel, het ontwikkelt zich alleen anders. Hersenen passen zich aan aan de wereld om zich heen, aan wat er van ze wordt gevraagd. Dat is niet per se slecht. Ik werk veel met jonge mensen en merk niet dat ze minder weten. Eerder dat ze veel meer informatie tot hun beschikking hebben dan wij vroeger. Toen schreef je een werkstuk en had je twee boeken waaruit je kon putten. Nu is er ongelooflijk veel informatie beschikbaar.”

Serieuze vergeetachtigheid

Maar ook al leef je gezond en doe je alles om die grijze massa in je hoofd in topconditie te houden, je kunt ook gewoon pech hebben en dan is er meer aan de hand dan wat verstrooidheid. Dementie is een gevreesde boosdoener. Het is de verzamelnaam voor verschillende ziektes waarbij de hersenen worden aangetast, met de ziekte van Alzheimer als de bekendste.

Maar ook een burn-out of een depressie kunnen voor geheugenklachten zorgen. Drie keer naar boven lopen om iets te halen en steeds met lege handen beneden komen: mensen met een burn-out kan dit bekend voorkomen. Zelfs anderhalf jaar na een burn-out kunnen geheugen- en concentratiestoornissen ze nog parten spelen. Langdurige stress kan leiden tot een verhoogde afscheiding van het stresshormoon cortisol. Dit hormoon beïnvloedt de werking van de hippocampus, het deel van de hersenen dat zich bezighoudt met het vormen van nieuwe herinneringen. Voor depressie geldt hetzelfde. Uit diverse studies kwam naar voren dat mensen met een depressie een kleinere hippocampus kunnen hebben. Een kleinere hippocampus kan wijzen op een slechter werkend geheugen. Hersenletsel door een ongeluk of een beroerte kan eveneens de geheugenfunctie in het brein aantasten.

Overgang zorgt voor een haperend geheugen

“Ziektes, medicijngebruik, de nasleep van een narcose… Allemaal zaken die van invloed kunnen zijn op je vermogen je gebeurtenissen te herinneren,” zegt Konrad. “Vrouwen van rond de vijftig kunnen ook moeite krijgen alledaagse dingen terug te halen. De overgang is daar debet aan. De veranderende hormoonspiegel zorgt bij een deel van de vrouwen voor een haperend geheugen.”

“Iedereen heeft wel momenten dat het geheugen wat minder goed werkt,” zegt Sitskoorn. ‘Dat is helemaal niet ongewoon. Maar maak je je echt zorgen, dan is het goed om naar een dokter of een neuropsycholoog te gaan voor onderzoek.”

Paleis voor je geheugen

Boris Konrad werd verschillende keren wereldkampioen geheugensport en schreef er een boek over: De geheimen van ons geheugen. De techniek die hij en andere geheugentopsporters daarvoor gebruiken, werd bedacht door de oude Grieken en wordt inmiddels al eeuwenlang ingezet om lange lappen tekst, toespraken of andere belangrijke informatie te onthouden. Wat was hier zó speciaal aan dat ze het zelfs toepasten om de namen van alle legionairs te onthouden, soms wel duizenden? Ze bouwden een geheugenpaleis. Niet een echt paleis natuurlijk, maar een paleis in hun hoofd.

‘Geef alles een plekje in je hoofd’

“Hersenen verbinden alles wat er gebeurt met de locatie wáár het gebeurt,” zegt Konrad. “Daarom kun je je vaak ook precies herinneren waar je was toen je een schokkend bericht kreeg. Iets onthouden is lastig als er geen fysieke plek is om het aan te koppelen. Dat kun je ondervangen door er een denkbeeldige locatie aan vast te knopen. Je geeft de informatie als het ware een plekje waar je haar kunt terugvinden.

Je gebruikt hiervoor een bekende route, van je voordeur naar je zolder bijvoorbeeld. Dan ligt op de mat de yoghurt, in de gang staan de afwasblokjes, bij de garderobe de melk, op de onderste traptrede de eieren enzovoort. Bij elk voorwerp bedenk je een ultrakort verhaaltje; de yoghurt valt op de grond, de afwasblokjes dansen, noem maar op. Als je op zolder bent, heb je je hele boodschappenlijstje een plek gegeven. Als je nu in je hoofd de route langsloopt, zie je die voorwerpen ook weer.”

Herinneringen opslaan

Het klinkt bewerkelijk, maar Konrad en veel andere geheugenexperts zweren erbij. Het geheugenpaleis of de Loci-methode (Locus = plek, red.) vergt wat oefening, maar dan heb je er ook veel profijt van. En niet alleen voor het onthouden van boodschappenlijstjes. Volgens Konrad is deze vorm van geheugentraining ook goed voor andere delen van je geheugen. “Zelfs al gaat je geheugen er maar twee keer zo goed van werken, dan is dat al een grote vooruitgang.”

Use it or lose it, want je zult het er toch een leven lang mee moeten doen. Dan is het wel fijn als je je dat leven ook kunt herinneren. Al blijven er natuurlijk altijd herinneringen waarvan je je blijft afvragen waarom die soms opeens in je hoofd ploppen. ‘Ik heb zo wa-wa-wa-waanzinnig gedroomd…’

Hoe houd je je geheugen goed? 9 tips

1. Zorg voor genoeg slaap
Slaap is ontzettend belangrijk voor je geheugen. Het frist de hersenen letterlijk op. Terwijl je lichaam rust, zijn je hersenen volop bezig afvalstoffen af te voeren en de informatie van de afgelopen dag te beoordelen en in het langetermijngeheugen te archiveren.

2. Zet je geheugen aan het werk
Met het geheugen is het net als met spieren: gebruik je ze niet, dan blijft er niet veel van over. Je geheugen moet je aan het werk zetten en uitdagen. Leer een nieuwe taal, maak muziek of verken een nieuwe stad (zonder Google Maps op je smartphone natuurlijk).

3. Herhalen, herhalen, herhalen
Dierbare herinneringen of belangrijke informatie kun je in je geheugen verankeren door ze regelmatig even op te roepen en er bewust aan te denken. Hiermee nemen ze aan stabiliteit toe en neemt de kans af dat je ze kwijtraakt.

4. Blijf in beweging
Je hersenen zijn onderdeel van je lijf. Hoe fitter dat lijf is, hoe beter je brein zijn werk kan doen. Met sporten, tuinieren, wandelen met de hond of fietsen naar de supermarkt houd je je lichaam actief en je geheugen goed.

5. Eet gezond
Veel groente, fruit, granen en vette vis, maar weinig suiker: het is goed voor je lijf en goed voor je geheugen. De droge massa van je hersenen bestaat voor zestig procent uit vet, dus kies daarom vooral voor goede omega-3 vetzuren. Haring, makreel en zalm, maar ook walnoten zijn hier rijk aan.

6. Leren associëren
Nieuwe informatie een plek geven is best lastig voor je geheugen. Probeer de informatie daarom te koppelen aan al aanwezige kennis, dan blijft alles beter hangen.

7. Probeer te visualiseren
Droge feiten zijn lastig te onthouden. Maar als je er een beeld aan koppelt, wordt het al wat gemakkelijker. Probeer je in gedachten de route voor te stellen die je in de supermarkt gaat nemen en blijf even stilstaan bij elk product dat je nodig hebt. Wedden dat je het (bijna) zonder lijstje kunt?

8. Onderhoud je sociale contacten
Geregeld samen zijn met je familie en vrienden is niet alleen gezellig, maar ook gezond voor je geheugen. Als mensen zich onderdeel voelen van een sociaal netwerk en zich gesteund voelen, ervaren ze minder stress en dat heeft een gunstig effect op het geheugen.

9. Zeg het maar
Met hardop praten kun je kortetermijn-informatie beter onthouden. Mompelen, praten of roepen maakt niet zo veel uit, als het maar over je lippen komt. ‘Ik leg mijn sleutels in de bovenste la van de kast in de gang,’ bijvoorbeeld. Wanneer iemand zich aan je voorstelt, kun je haar naam herhalen: ‘Hallo Cecile, ik ben Marjolein.’

Je zet zo meerdere mentale processen in; je zíet de informatie, je mond spréékt het uit en je hóórt het jezelf zeggen. Visueel, motorisch en auditief heb je je hersenen zo aan het werk gezet.

Tekst | Marjolein van de Rest

Dit artikel verscheen eerder in Margriet 2019-16. Je kunt deze editie nabestellen via magazine.nl.

Artikelen van Margriet ontvangen in je mailbox? Schrijf je in op margriet.nl/nieuwsbrief.