Oh mama: ‘Ik zei toch: ’t is een ouwe taaie!’

Deel dit artikel:

“Hóé oud bent u? 92? Ik had u zomaar tien jaar jonger geschat!” Hoe vaak dát al niet tegen mijn moeder is gezegd… Maar ze vóélt zich wel 92, helemáál na haar herseninfarct.

Eind november 2017 waren mijn moeder en ik op de begrafenis van haar beste vriendin. Heel bijzonder trouwens: die twee zijn al vanaf hun twaalfde vriendinnen en hebben al die jaren lief en leed gedeeld. Maar goed, we zaten dus te wachten totdat we de aula in konden en ineens voelde mijn moeder zich vreselijk draaierig en kon ze niet recht meer uit haar ogen kijken. Ze schudde ook een beetje. “Ik heb het gevoel dat ik helemaal niet goed word,” zei ze. Ik dacht dat het misschien kwam door het grote verdriet en probeerde razendsnel in te schatten of ik hulp moest halen. Gelukkig zakte het nare gevoel snel af en kon ze als een van de sprekers vertellen hoezeer ze haar lieve vriendin zou gaan missen. Achteraf bleek dus dat ze een tia had gehad. En die was weer de voorbode van dat herseninfarct een paar weken later.

Kerst

Toen het misging was mijn zus gelukkig in de buurt en nadat de huisarts erbij was geweest werd ze naar het ziekenhuis gebracht. Eigenlijk wilde ze niet, maar het móést wel, dat was voor haar ook duidelijk. Maar na een paar dagen had ze het wel gezien. Het was kort voor kerst en ze wilde gewoon in haar eigen huis zijn. “Laat mij maar lekker thuis een beetje aanrommelen, dan knap ik eerder op dan hier.” Ze was een twijfelgeval, maar uiteindelijk mocht ze naar huis, met onze toezegging dat we haar in de gaten zouden houden. Het geplande kerstdiner bij ons thuis met haar erbij ging zelfs door! Met een gigantische wilskracht hees ze zichzelf twee trappen op en zat ze die anderhalve uur aan tafel uit. Maar toen kon ze ook echt niet meer.

Bed in de huiskamer

Mijn moeder is een ouwe taaie. Een heerlijk mens met veel humor. Ze woont nog zelfstandig in het huis waarin ik ben geboren en opgegroeid. Wij woonden er met z’n zessen – mijn ouders, twee zussen, broer en ik – en nu zit ze er al zo’n 35 jaar in haar eentje. We zetten haar bed beneden in de huiskamer, zodat ze niet eerst de trap af hoefde om naar de wc te gaan. We, dat zijn mijn zus, schoonzus, nicht en ik. Maar hoe gingen we dat doen qua verzorging? Ze kon duidelijk niet alleen zijn. We voelden ons toch een beetje aan ons lot overgelaten; hoe moesten we dit oplossen? Gelukkig kon mijn nicht – tussen twee werkprojecten in – een tijdje in huis gaan wonen bij haar oma. Zo was het acute probleem opgelost. Superfijn en een pak van ons aller hart!

Verpleeghuis

In de maanden daarna gingen we allemaal meerdere keren per week bij haar langs. Ze knapte op, naar haar idee veel te langzaam, maar het ging gestaag beter. Haar bed ging weer naar de slaapkamer en we zetten een krukje in de douche. We regelden een alarm dat ze om haar pols kon dragen en naast haar bed kon leggen. We regelden twee keer in de week Thuishulp om haar te helpen met douchen. En we brachten geregeld eten en bestelden maaltijden aan huis. Want koken, dat ging niet echt meer. Uiteraard kwam de gedachte bij ons op of ze nog wel thuis kon blijven wonen. De huisarts die na een paar weken op bezoek kwam, zei: “Het klinkt misschien gek, maar uw moeder is veel te goed om naar een verpleeghuis te mogen.” Oké… we zullen het dus moeten doen met de middelen en de mensen die we hebben.

Nels Angels

Voor de handigheid maakten we een appgroep, Nels Angels (mijn moeder heet dus Nel) en zo houden we elkaar op de hoogte van alle belangrijke zaken. Afspraken in het ziekenhuis, wat de ergotherapeut heeft gezegd en of iemand haar bed weer heeft verschoond. We plaatsen ook af en toe foto’s. Van een uitje naar een museum bijvoorbeeld, of van de vele familieleden die langskwamen na het nieuws van haar herseninfarct. Telkens weer een nieuw gezelschap op de gele bank, en m’n moeder ertussenin. Heel gezellig hoor, daar niet van. Als ze dan vertelde dat er weer een nicht of neef langs wilde komen, moesten we lachen. “Die denken vast allemaal dat ik snel de pijp uitga,” zei ze. Maar Nel is er nog. Ik zei toch: ’t is een ouwe taaie!

Eindredacteur Alexandra Holscher (52) is getrouwd en moeder van drie kinderen (15, 18 en 21). Naast haar werk is ze mantelzorger voor haar moeder van 92. Om te ontspannen doet ze aan yoga, bootcamp en zingt ze in een koor. Ze houdt van films kijken en ‘met haar handen bezig zijn’.