Na een vervelende dag op kantoor kom je thuis met gigantische trek. Voordat je het weet sta je met je neus in de snoepkast en heb je een rol koekjes verorberd. Herkenbaar? Veel mensen hebben last van eetbuien. Maar wanneer is er sprake van een eetstoornis?
Wat is een eetbui?
Heb jij het gevoel dat je af en toe de controle over je eetgedrag volledig kwijt bent? En eet je dan alles wat los en vast zit? Als je binnen een beperkte tijd (bijvoorbeeld twee uur) een grote hoeveelheid eten weg werkt, die beslist groter is dan wat de meeste mensen in dezelfde periode en omstandigheden zouden eten, kun je spreken van een eetbui.
Hoe herken je een eetbui?
Een eetbui gaat vaak samen met het eten van grote hoeveelheden voedsel dat rijk is aan koolhydraten en vetten zoals koekjes, roomijs, snoep, boterkoeken, sandwiches en junkfood. Je eet sneller dan gewoonlijk en eet door totdat je een ongemakkelijk en vol gevoel bereikt. Je beleeft totaal geen plezier aan de eetbui en eigenlijk proef je het voedsel niet eens.
Heb ik een eetstoornis?
Herken jij je in het bovenstaande? Ieder jaar krijgen 3400 mensen in Nederland een eetstoornis. Natuurlijk heeft niet iedereen met overgewicht een eetstoornis, maar een eetstoornis kan wel leiden tot overgewicht!
Bij een eetstoornis doe je er van alles aan om het verborgen te houden. Je vindt het moeilijk om er over te praten en je schaamt je voor je eetbuien. Toch zijn er signalen waaraan je een eetbuistoornis kunt herkennen: in huis vind je veel lege snoep- en koekverpakkingen, er verdwijnen ineens grote hoeveelheden voedsel uit de voorraadkast, je eet vreemde combinaties en vindt het lastig om in gezelschap te eten. Ook kun je financieel in de problemen komen door het kopen van enorme hoeveelheden voedsel. Niet elke eetbui duidt op een eetstoornis, maar wees wel alert!
Meer handige tips? Kijk op Stepaday en zet net als 32.000 anderen de eerste stap naar je ideale gewicht! Je vindt er interessante artikelen over verantwoord leven én alles over afvallen op een gezonde manier. Je leest er bijvoorbeeld waarom zuurkool niet zo’n stoffig imago verdient.